IEF 18913

Geen opheffing executoriaal derdenbeslag complotblogger

Rechtbank Rotterdam 18 nov 2019, IEF 18913; ECLI:NL:RBROT:2019:10197 (Blogger tegen gedaagde), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-opheffing-executoriaal-derdenbeslag-complotblogger

Vzr. Rechtbank Rotterdam 18 november 2019, IEF 18913, IT 2982; ECLI:NL:RBROT:2019:10197 (Blogger tegen gedaagde) Kort geding. Eiser beheert een website waarop hij schrijft over moordzaken zoals de moord op John F. Kennedy, de Deventer moordzaak en de moord op Marianne Vaatstra. Eiser houdt zich sinds 2009 bezig met onderzoek naar de moord op Vaatstra. Bij onherroepelijk geworden vonnis van 19 april 2013 is een man veroordeeld voor deze moord. Eiser is er – kort gezegd – van overtuigd dat deze man niet de moordenaar is, maar dat deze moord is gepleegd door een asielzoeker. In verschillende op zijn website geplaatste artikelen suggereerde eiser dat Vaatstra om het leven is gebracht in een caravan tijdens het maken van opnames voor een film en dat gedaagde bij deze opnames aanwezig is geweest. Daarnaast suggereerde eiser dat gedaagde al kort na de moord daarover verklaringen heeft afgelegd bij de politie en tegenover derden. Volgens eiser wordt dit geheim gehouden door hooggeplaatste ambtenaren bij justitie en is een doofpot gecreëerd. Op 9 mei 2018 krijgt eiser een contactverbod en moet hij zijn webberichten rectificeren en foto's verwijderen [IEF 17705]. Het opheffen van het executoriaal derdenbeslag wordt nu afgewezen. Verwijderen van publicaties van website en Facebookpagina wordt toegewezen.Ook wordt verboden om enige uiting met daarin naam en/of contactgegevens met een verwijzing naar betrokkenheid op de moord op Marianne Vaatstra te publiceren.

IEF 18912

Gestelde inbreuk op 52 verschillende meubels Eichholtz

Rechtbank Den Haag 20 dec 2019, IEF 18912; ECLI:NL:RBDHA:2019:13821 (Eichholtz tegen gedaagde), http://www.ie-forum.nl/artikelen/gestelde-inbreuk-op-52-verschillende-meubels-eichholtz

Vzr. Rechtbank Den Haag 20 december 2019, IEF 18912; ECLI:NL:RBDHA:2019:13821 (Eichholtz tegen gedaagde) Kort geding. Gestelde inbreuk op meubels. Onrechtmatige gebruik van bedrijfsgeheimen en identieke productnamen. Eichholtz exploiteert een meubelgroothandel die zich bezighoudt met het ontwerpen en produceren van meubels en interieuraccessoires. Eichholtz is houdster van meerdere gemeenschapsmodellen. Gedaagde heeft een eenmanszaak en verkoopt o.a. via Marktplaats meubelen, verlichting en woonaccessoires. Partijen hebben gedurende enkele jaren een samenwerkingsrelatie gehad op basis waarvan Eichholtz producten aan gedaagde heeft verkocht en geleverd. In maart 2019 heeft gedaagde een mailing verstuurd aan een aantal klanten van Eichholtz met aanbiedingen van producten die ook in de Eichholtz collectie voorkomen, maar dan voor veel lagere prijzen. Bij beschikking van 28 juni 2019 is aan Eichholtz verlof verleend voor het leggen van conservatoir beslag. Eichholtz is op 4 september 2019 tot beslaglegging op producten en administratie van gedaagde overgegaan. Eicholtz vordert nu het per direct staken van het benaderen van klanten van Eicholtz en het staken van iedere inbreuk op de auteurs- en gemeenschapsmodelrechten van 52 verschillende meubels. De vorderingen worden (deels) toegewezen.

IEF 18911

Sabin Tigu partner bij Ploum

Het advocaten- en notarissenkantoor Ploum, heeft Sabin Tigu (Intellectuele Eigendom) per 1 januari 2020 benoemd tot partner. Tigu houdt zich met name bezig met het merken-, modellen-, auteurs- en het handelsnaamrecht en adviseert en procedeert veel over kwesties rondom deze intellectuele-eigendomsrechten. Verder procedeert hij regelmatig over domeinnaamgeschillen bij bijvoorbeeld de World Intellectual Property Organization.
Hij heeft veel ervaring met het organiseren en begeleiden van grootschalige pan-Europese projecten voor cliënten op het gebied van parallelhandel en namaakbestrijding, vaak ook in samenwerking met de Europese douaneautoriteiten. Hij haalde recent nog het nieuws en werd onder andere in het AD en bij RTLZ genoemd in een gewonnen zaak over onrechtmatige parallelhandel.  Hij zit in de redactie van BMM Bulletin en is actief bij merkhoudersorganisatie MARQUES.

IEF 18909

AMSTERDAM UNIVERSITY niet beschrijvend wel onderscheidend

Hoge Raad 6 dec 2019, IEF 18909; ECLI:NL:PHR:2019:1276 (BBIE tegen UvA), http://www.ie-forum.nl/artikelen/amsterdam-university-niet-beschrijvend-wel-onderscheidend

Parket bij de Hoge Raad 6 december 2019, IEF 18909; ECLI:NL:PHR:2019:1276 (BBIE tegen UvA) Merkenrecht. Vervolg IEF 18164. UvA heeft een Benelux-depot verricht van het woordmerk AMSTERDAM UNIVERSITY. Het BBIE heeft de UvA medegedeeld de inschrijving te weigeren, omdat het teken beschrijvend is en onderscheidend vermogen mist. Het woordmerk is beschrijvend voor leermiddelen en onderwijsmaterialen, maar niet voor merchandise. Aanhalen HvJ EU Neuschwanstein is terecht. Niet valt in te zien waarom de geldigheid van het teken AMSTERDAM UNIVERSITY voor diverse waren en diensten die als souvenir worden aangeboden afhankelijk zou zijn van de geldigheid van dat teken voor de door UvA aangeboden onderwijsdiensten. Verzoek werd gedeeltelijk toegewezen. In cassatie staat de vraag of het hof op goede gronden het Bureau heeft bevolen het teken AMSTERDAM UNIVERSITY ten name van de UvA als merk voor bepaalde waren en diensten in te schrijven. In de kern klaagt het Bureau dat het hof heeft miskend dat het teken beschrijvend is en op basis van Europese jurisprudentie niet tot het oordeel had kunnen komen dat het teken voldoende onderscheidend is. De procureur-generaal verwerpt het cassatieberoep.

IEF 18908

Geen verwarringsgevaar merk en teken Sport World

Belgische gerechten 18 okt 2019, IEF 18908; (Sportsdirect tegen Nethys), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-verwarringsgevaar-merk-en-teken-sport-world

Benelux Gerechtshof 18 oktober 2019, IEF 18908, IEFbe 3014; C 2018/8 (Sportsdirect tegen Nethys) Merkenrecht. Nethys heeft een merk en teken ingeschreven. Sportsdirect heeft hiertegen oppositie en een administratieve procedure ingesteld tot nietigverklaring of vervallenverklaring van de merken op grond van de BVIE, omdat haar oudere merk teveel overeen zou komen. Het lukt Sportsdirect niet de inbreuken aan te tonen. Er is geen sprake van verwarringsgevaar bij het publiek.

IEF 18907

Geen inbreuk Primark Dr. Martens

Rechtbank Amsterdam 20 dec 2019, IEF 18907; ECLI:NL:RBAMS:2019:9724 (Airwair tegen Primark), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-inbreuk-primark-dr-martens

Rechtbank Amsterdam 20 december 2019, IEF 18907, IEFbe 3013; ECLI:NL:RBAMS:2019:9724 (Airwair tegen Primark) Merkenrecht. Auteursrecht. Slaafse nabootsing. Airwair brengt schoenen op de markt met de naam “Dr. Martens”. De kenmerkende bestanddelen van het merk liggen in de schoenzool. Primark brengt soortgelijke schoenen op de markt. Airway vordert iedere inbreuk op haar merk- en auteursrechten te staken. Primark hoeft niet te stoppen met verkoop schoenen. Airwair heeft zich niet beroepen op het woordmerk “Dr. Martens”, maar op haar gedeponeerde vormmerken. Daarvan is niet aannemelijk gemaakt dat ze bekend zijn. Ook is verwarringsgevaar van de Primark schoenen met de ingeroepen vormmerken niet aannemelijk. Voor zover de Airwair schoenen auteursrechtelijke bescherming genieten, hebben ze een andere totaalindruk dan de Primark schoenen. De gevraagde voorziening wordt afgewezen. Slaafse nabootsing is niet aannemelijk gemaakt.

IEF 18906

Erwin Angad-Gaur - Reflecties: de waarde van het auteursrecht

Erwin-Angad-Gaur, 'Reflecties - De waarde van het auteursrecht', in Sena Performers Magazine 2019/4. Geen week lijkt voorbij te gaan zonder dat wij direct of indirect over het auteursrecht horen. Een fotografenstaking, een geruchtmakende plagiaatzaak, afkoop van rechten door De Persgroep, vertalers die de noodklok luiden, de inkomenspositie van kunstenaars, door zowel de SER als de Raad voor Cultuur op de agenda geplaatst; de Arbeidsmarktagenda Cultuur. Maar ook het debat over ‘artikel 13’ (inmiddels artikel 17) in de nieuwe Europese Auteursrechtrichtlijn, discussies over handhaving en Stichting BREIN, de stijgende omzet van platenmaatschappijen uit streamingdiensten – en de achterblijvende inkomsten van artiesten.

IEF 18905

Zowel Martin Garrix als Spinnin en MAS gelijk

Hof Arnhem-Leeuwarden 24 dec 2019, IEF 18905; ECLI:NL:GHARL:2019:11117 (Spinnin en MAS tegen geïntimeerde), http://www.ie-forum.nl/artikelen/zowel-martin-garrix-als-spinnin-en-mas-gelijk

Hof Arnhem-Leeuwarden 24 december 2019, IEF 18905; ECLI:NL:GHARL:2019:11117 (Spinnin en MAS tegen geïntimeerde) Auteursrecht. Geïntimeerde is onder de naam Martin Garrix een wereldberoemde deejay. Spinnin houdt zich bezig met het vermarkten van muziek van deejays. MAS houdt zich onder meer bezig met het boeken en managen van personen en diensten in de entertainmentbranche. Geïntimeerde wilde een samenwerking met Spinning en MAS. Naar aanleiding daarvan zijn conceptovereenkomsten besproken en is een overeenkomst gesloten. Een paar jaar later vernietigt geïntimeerde de overeenkomsten met Spinning en MAS. In deze zaak gaat het om of geïntimeerde de overeenkomsten met Spinning op grond van dwaling heeft mogen vernietigen en of geïntimeerde moet worden aangemerkt als producent van de fonogrammen. Het beroep op dwaling, bedrog en misbruik van omstandigheden is afgewezen. Ook kan niet worden gezegd dat management en platenmaatschappij in hun verplichtingen tegenover deejay toerekenbaar tekortgeschoten zijn. Geïntimeerde wordt wel aangemerkt als producent.

IEF 18904

Wijken formaliteitsvereiste vloeit voort uit systematiek Berner Conventie

HvJ EU 15 nov 2019, IEF 18904; ECLI:NL:PHR:2019:1199 (Montis tegen verweerster), http://www.ie-forum.nl/artikelen/wijken-formaliteitsvereiste-vloeit-voort-uit-systematiek-berner-conventie

Parket bij HR 15 november 2019, IEF 18904, IEFbe 3012; ECLI:NL:PHR:2019:1199 (Montis tegen verweerster) Internationaal auteursrecht. Vervolg HR 13 december 2013 ECLI:NL:HR:2013:1881. Is, na het verstrijken van de in art. 7 lid 4 Berner Conventie bedoelde termijn, het vereiste van een instandhoudingsverklaring als bedoeld in art. 21 lid 3 (oud) Benelux Tekeningen- en Modellenwet in strijd met het formaliteitenverbod in art. 5 lid 2 Berner Conventie? Volgens de Hoge Raad moet het formaliteitsvereiste na het verstrijken van 25 jaar wijken voor een andersluidende regeling in het nationale recht als het gaat om werken van toegepaste kunst die alleen in het nationale recht worden beschermd.

IEF 18903

European Court: reselling e-books violates copyright law

Is there such a thing as a second-hand e-book? Put differently: may an e-book be resold after the first purchase? The Grand Chamber of the Court of Justice of the European Union (CJEU) answered this question in the negative. On 19 December 2019, the CJEU declared that the act of offering an e-book for resale is contrary to copyright law [IEF 18898].
Lees hier verder.

Auteurs: Christiaan Alberdingk Thijm & Caroline de Vries, Bureau Brandeis.

IEF 18902

Verwarringsgevaar woordmerk DIDI en teken GiGi

BenGH 4 dec 2019, IEF 18902; (BXT tegen GiGi), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verwarringsgevaar-woordmerk-didi-en-teken-gigi

Benelux Gerechtshof 4 december 2019, IEF 18902, IEFbe 3010; C 2018/11/9 (BXT tegen GiGi) Op 9 september 2016 heeft BXT een Benelux-depot verricht van het woordmerk DIDI voor waren en diensten in klassen 9, 12,35,36,37,39,42 en 45. Op 15 november 2016 heeft GiGi oppositie ingesteld tegen de inschrijving van dit depot. De oppositie is gebaseerd op het Benelux woordmerk, Uniewoordmerk GIGI en Benelux gecombineerde woord-/beeldmerk GIGI voor waren in klasse 12: opvouwbare elektrische scooters. De oppositie is terecht gedeeltelijk toegewezen; het verzoek tot vernietiging van de beslissing wordt afgewezen. Tussen het merk en het teken is sprake van een zekere tot aanmerkelijke mate van  overeenstemming. Voor zover het teken is gedeponeerd voor identieke en soortgelijke waren als waarvoor het oudere merk is ingeschreven - in aanmerking genomen dat de eindgebruiker in het algemeen niet de gelegenheid heeft merk en teken rechtstreeks met elkaar te vergelijken, maar aanhaakt bij het onvolmaakte beeld dat bij hem of haar is achtergebleven - is sprake van (reëel) direct of indirect verwarringsgevaar.

IEF 18901

Verwarringsgevaar woordmerk Alliance voor eieren en melk

BenGH 12 nov 2019, IEF 18901; (Alliance tegen SinoVita), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verwarringsgevaar-woordmerk-alliance-voor-eieren-en-melk

Benelux Gerechtshof 12 november 2019, IEF 18901, IEFbe 3009; C 2018/5/9 (Alliance tegen SinoVita) Op 25 november 2016 deponeert SinoVita bij het Bureau het Benelux-woordmerk "Alliance" voor o.a. voedingsmiddelen voor medisch gebruik, eieren, melk en melkproducten. Op 31 januari 2017 stelt Alliance oppositie in tegen deze aanvraag. De oppositie is gebaseerd op het volgende oudere recht: het Unie-woordmerk "Alliance" dat op 28 augustus 2012 bij de EUIPO werd ingediend en op 24 januari 2013 werd ingeschreven voor waren van de klassen 29 en 30 (volgens de classificatie van Nice) als vleeswaren en vleespasteien. Het Bureau oordeelt dat de betrokken waren niet soortgelijk zijn, zodat er geen verwarringsgevaar is, ook al zijn de tekens identiek. Het Benelux-Gerechtshof vernietigt deze uitspraak gedeeltelijk. De inschrijving van Benelux-depot nr. 1343637 van het woordmerk "Alliance" wordt geweigerd voor o.m. de waren eieren, melk en melkproducten. Er is sprake van een geringe soortgelijkheid van de waren. Eieren en vlees hebben dezelfde aard (voedingswaarden) en dezelfde herkomst (dieren). Er is verwarringsgevaar, er is geen enkel stuk voorgelegd  waarvan aan Alliance een sterk eigen vermogen kan worden toegekend.

IEF 18900

Bedrijfsgeheimen meetsysteem niet bekend gemaakt

Rechtbank Midden-Nederland 18 dec 2019, IEF 18900; (ASE tegen Prorail en Siemens), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bedrijfsgeheimen-meetsysteem-niet-bekend-gemaakt

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 18 december 2019, IEF 18900, IT 2976; (ASE tegen ProRail en Siemens) Kort geding. ASE heeft een systeem ontwikkeld waarmee reizigersstromen op treinstations in kaart worden gebracht, het systeem 'PAS' (Pedestrian Analytic System). ProRail is verantwoordelijk voor de sporen en de perrons van de treinen in Nederland. In 2016 is PAS van ASE op een aantal stations geïnstalleerd. ProRail heeft in 2019 een Europese niet-openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd voor de levering van een meetsysteem op de stations in Nederland waar zo'n systeem nog niet is, en het beheer van het door ASE in onderaanneming geïnstalleerde systeem PAS. ASE is van mening dat PAS een bedrijfsgeheim is in de zin van de Wet bescherming bedrijfsgeheimen. ASE verwijt ProRail dat zij haar bedrijfsgeheim openbaar heeft gemaaktin de aanbestedings-documenten, en dan vooral in de vraagspecificatie. De vorderingen worden afgewezen. De software die is toegepast voor de functie treindetectie zijn niet bekend gemaakt. Ook zijn er geen aanwijzingen dat de dataopslag en structuur van de server van ASE in de aanbestedingsstukken zijn geopenbaard. Wat overblijft, zijn ingredienten van het systeem die op zichzelf en samen bezien geen geheime informatie betreffen.

IEF 18895

In memoriam Jan Kabel 1944-2019

Met droefheid hebben wij kennis genomen van het overlijden van prof. dr. J.J.C. (Jan) Kabel. Jan Kabel speelde een doorslaggevende rol bij de oprichting van de Mr S.K. Martens Academie, en zijn invloed zal nog lang voelbaar zijn.

Wij wensen zijn familie, vrienden en collega’s heel veel kracht bij het verwerken van dit grote verlies.

Kabel was hoogleraar informatierecht aan de UvA en bijzonder hoogleraar mediarecht aan de Universiteit Utrecht. Verder was Jan of counsel bij DLA Piper, voorzitter van de Vereniging voor Media- en Communicatierecht, oprichter en bestuurslid van de Vereniging voor Reclamerecht, betrokken bij IE-Forum en Reclameboek en redactielid van IER en AMI.

Jan Kabel was een charmante humorvolle man, een zeer creatief en veelzijdig mens, geliefd auteur en spreker. Wij denken met dankbaarheid aan hem terug.

Claudia Zuidema en Vivien Rörsch
18 december 2019

Zie ook: https://www.ivir.nl/jan-kabel/

IEF 18898

HvJ EU: levering e-books voor onbepaalde tijd valt onder 'mededeling aan publiek'

HvJ EU 19 dec 2019, IEF 18898; ECLI:EU:C:2019:1111 (NUV tegen Tom Kabinet), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-levering-e-books-voor-onbepaalde-tijd-valt-onder-mededeling-aan-publiek

HvJ EU 19 december 2019, IEF 18898, IT 2974, IEFbe 3007; ECLI:EU:C:2019:1111 (NUV tegen Tom Kabinet) Beantwoording van de prejudiciële vragen [IEF 17593] en [IEF 18676] in een geding over het tegen betaling beschikbaar stellen van e‑books door middel van downloaden voor gebruik voor onbeperkte tijd. Kan dit al dan niet een distributiehandeling zijn in de zin van artikel 4(1) Auteursrechtrichtlijn? Geoordeeld wordt dat “de levering aan het publiek van een voor onbeperkte tijd te gebruiken e-book via een downloadlink” niet onder het distributierecht valt, maar onder het recht van “mededeling aan het publiek”.

IEF 18897

Dirk Visser: e-books mogen niet worden doorverkocht

Dirk Visser

De ‘eigenaar’ van een legaal gedownload exemplaar van een e-book mag dat niet aan een derde  doorverkopen. Dat is de consequentie van de uitspraak van het Hof van Justitie van de EU van 19 december 2019, schrijft Dirk Visser vandaag op Mr-online. Het Hof is van oordeel dat “de levering aan het publiek van een voor onbeperkte tijd te gebruiken e-book via een downloadlink” niet valt onder het distributierecht, maar onder het recht van “mededeling aan het publiek”. Het cruciale verschil is dat het ‘distributierecht’ na de eerste ‘verkoop’ is ‘uitgeput’ en dat het betreffende exemplaar vervolgens mag worden doorverkocht.
Lees hier verder.

IEF 18896

Internetconsultatie: naar een mkb-vriendelijke Rijksoctrooiwet 1995

Op 18 december 2019 is de consultatie gestart over beleid in voorbereiding met betrekking tot modernisering van de Rijksoctrooiwet 1995. De voorstellen die ter consultatie worden aangeboden zijn een eerste stap om de Rijksoctrooiwet 1995 toegankelijker te maken voor met name het mkb. Daarmee wordt opvolging gegeven aan aanbevelingen uit de Evaluatie va het Intellectuele Eigendomsbeleid uit 2018. Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat beoogt met de voorstellen de drempel te verlagen om te kiezen voor octrooi-bescherming in het nationale systeem. Dat kan bijvoorbeeld door procedures te vereenvoudigen, de waarde van een rijksoctrooi te vergroten en de mogelijkheden voor handhaving te verbeteren. Tegelijkertijd wordt gekeken waar administratieve lasten kunnen worden verlaagd door bijvoorbeeld onnodige vormvoorschriften te schrappen.

IEF 18894

Uitingen The Flower Farm over palmolie zijn misleidend

RCC 3 dec 2019, IEF 18894; (The Flower Farm tegen EPOA), http://www.ie-forum.nl/artikelen/uitingen-the-flower-farm-over-palmolie-zijn-misleidend

CvB RCC 3 december 2019, IEF 18894, RB 3366; 2019/00648 (The Flower Farm tegen EPOA) De Reclame Code Commissie oordeelde eerder op 13 november 2019 (2019/00648) dat The Flower Farm de consument misleidt door op haar margarineverpakking te zeggen dat palmolie tropisch regenwoud verwoest. De oproep dat de consument door het kopen en eten van The Flower Farm margarine per gezin tot 30 m2 regenwoud redt, is misleidend en een verboden milieuclaim. Het College ziet geen aanleiding om af te wijken van dit oordeel. Door op de verpakking andere margarines in verband te brengen met verwoesting van hele oerwouden wegens palmolie als ingrediënt, wordt in feit een voordeel vam de 'palmolieloze' The Flower Farm margarine voorgespiegeld. Op grond van de beschikbare gegevens kan evenwel niet worden aangenomen dat het met het oog op de verdere bescherming van 'oerwouden' een relevant verschil maakt of gekozen wordt voor margarine van The Flower Farm of voor een margarine met palmolie als ingrediënt.

IEF 18892

Merkgebruik door de kunstenaar

Het gebeurt steeds vaker: kunstenaars die merken gebruiken om een bepaald politiek statement te maken, of enkel voor esthetische redenen. Denk bijvoorbeeld aan de ‘Campbell’s Soup Cans’ van Andy Warhol, volgens hemzelf een kritische reflectie op de Amerikaanse samenleving. Of aan het kunstwerk van Nadia Plesner van een Afrikaans kind met een Louis Vuitton tas, waarmee zij haar verbazing uit over de aandacht voor mode, terwijl humanitaire rampen relatief onopgemerkt blijven. De merkhouders van deze merken kunnen dit merkgebruik soms niet waarderen. Toch is het in veel gevallen wel toegestaan.
Wat is de reden? Hoe zit het eigenlijk met de artistieke vrijheid tegenover de rechten van de merkhouder? Recentelijk is hierover een vraag gesteld aan het Benelux Hof, naar aanleiding van de Damn Pérignon-zaak [IEF 18795]. De vraag betreft de uitleg van ‘geldige reden’ in artikel 2.20.1.d BVIE en de criteria die de nationale rechter in aanmerking zou moeten nemen om tegenstrijdige belangen af te wegen.
Lees hier verder.