IEF 18134

Vorderingen toegewezen, Finaxe maakt handelsnaaminbreuk op Finext

Rechtbanken 30 nov 2018, IEF 18134; ECLI:NL:RBDHA:2018:14182 (Finext tegen Finaxe), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vorderingen-toegewezen-finaxe-maakt-handelsnaaminbreuk-op-finext

Vzr. Rechtbank Den Haag 30 november 2018, IEF 18134; ECLI: ECLI:NL:RBDHA:2018:14182 (Finext tegen Finaxe) Handelsnaamrecht. Merkenrecht. Finext is ingeschreven in het handelsregister en heeft Beneluxmerkinschrijvingen geregistreerd. Zij houdt zich bezig met adviseren van organisaties om de financiele functie te verbeteren. Finaxe is in het handelsregister ingeschreven als uitzendbureau. Zij heeft het woordmerk FINAXE & TALENT voor klasse 35 bij het BOIP gedeponeerd. In oktober 2017 is Finext op de hoogte geraakt van het bestaan van Finaxe, naar aanleiding van een vraag van één van haar klanten of Finaxe een nieuwe tak van Finext is. De handelsnaam FINEXT is een niet bestaand woord zonder zelfstandige betekenis. Uitgaande van de Engelse uitspraak van beide handelsnamen, is er een grote mate van auditieve overeenstemming. Het enige klankverschil is de letter 't'. De visuele overeenstemming is minder groot maar biedt onvoldoende tegenwicht. Beide partijen zijn actief in de financiele sector en het kan voorkomen dat partijen dezelfde klanten bedienen. Finaxe handelt daarom in strijd met art. 5 Hnw. Gelet op de bevestiging van Finext dat geen belang bestaat bij beoordeling van de merkenrechtelijke grondslag indien de primaire vorderingen op grond van het handelsnaamrecht zullen worden toegewezen, komt de voorzieningenrechter aan een beoordeling van die grondslag niet toe. Vorderingen toegewezen.

IEF 18133

HR volgt conclusie AG: vernietiging DUNGS-arrest

Hoge Raad 30 nov 2018, IEF 18133; ECLI:NL:HR:2018:2221 (ITT tegen Karl Dungs), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hr-volgt-conclusie-ag-vernietiging-dungs-arrest

HR 30 november 2018, IEF 18133; ECLI:NL:HR:2018:2221 (ITT tegen Karl Dungs) Merkenrecht. Domeinnaamrecht. Zie eerder [IEF 17998]. Karl Dungs, producent van brandersystemen, maakt gebruik van de domeinnaam 'dungs.com' en is houder van Uniewoordmerk DUNGS. Eiser 1 heeft de domeinnaam 'dungs.nl' van een derde gekocht voor zijn toenmalige eenmanszaak op het gebied van meet- en regelapparatuur. De producten met het merk DUNGS werden daar aangeboden. Eiser 1 heeft ITT opgericht en zijn eenmanszaak ingebracht, en de domeinnaam 'dungs.nl' er aan verkocht. De WIPO-geschillenbeslechter heeft overdracht van de domeinnaam aan Karl Dungs bevolen, op de gronden dat de domeinnaam op verwarringwekkende wijze overeenstemt met het merk DUNGS, eiser 1 geen recht of legitiem belang heeft bij de domeinnaam en de domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd en gebruikt. Onderdeel 1.1 richt zich tegen het oordeel van het hof dat eisers geen merkenrechtelijke beoordeling van hun vordering wensen. Het hof heeft een onbegrijpelijke uitleg gegeven aan de gedingstukken. Eisers stellen dat het merkenrecht niet ten grondslag ligt aan hun vordering omdat zij niet gerechtigd zijn tot het merk DUNGS. Daaruit volgt niet dat zij wilden dat hun betwisting van het door Karl Dungs op een beweerde merkinbreuk gestoelde verweer buiten beschouwing zou blijven. Onderdeel 1.2 betoogt dat niet kan worden vastgesteld dat Karl Dungs door het aan zich doen overdragen van de domeinnaam onrechtmatig handelt of ongerechtvaardigd wordt verrijkt. Klachten slagen, arrest van het hof wordt vernietigd.

 

IEF 18132

Vorderingen toegewezen, Adidas mag geen kleding/schoenen meer verkopen onder de naam Falcon

Rechtbanken 29 nov 2018, IEF 18132; ECLI:NL:RBAMS:2018:8515 (Dutch Brand House tegen Adidas), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vorderingen-toegewezen-adidas-mag-geen-kleding-schoenen-meer-verkopen-onder-de-naam-falcon

Rechtbank Amsterdam 29 november 2018, IEF 18132; ECLI:NL:RBAMS:2018:8515 (Dutch Brand House tegen Adidas) Merkenrecht. Huis & Haard is merkhouder van de woord- en beeldmerken met aanduiding "Falcon", die geregistreerd zijn voor (kunst)lederen producten, kleding, hoofddeksels en sportartikelen. Dutch Brand House heeft met H&H een licentieovereenkomst gesloten. Adidas heeft vanaf 1997 met regelmaat in de Benelux gebruik gemaakt van de aanduiding Falcon voor een aantal van haar schoenen. In september 2018 heeft Adidas een kleding- en schoenenlijn gelanceerd onder de aanduiding Falcon. Adidas betwist dat het gaat om soortgelijke waren, omdat het bij DBH gaat om functionele outdoor- en skikleding en bij Adidas om modieuze sneakers. De kleding van DBH en schoenen van Adidas vallen echter in dezelfde categorie omdat kleding en schoenen in de jurisprudentie worden beoordeeld als verwant op commercieel gebied en dikwijls worden verkocht in dezelfde winkels. Ook gebruiken partijen (deels) dezelfde distributiekanalen voor de verkoop van hun waren. Adidas stelt dat het woordmerk Falcon is verwaterd doordat derden veelvuldig onder deze aanduiding kleding op de markt hebben gebracht en DBH of H&H hier niet heeft tegen opgetreden. Echter moet voor verwatering het merk een soortnaam zijn geworden en daarvan is hier geen sprake. Bovendien kan het relevante publiek denken dat er een economische verbondenheid bestaat tussen partijen, omdat Adidas veelvuldig gebruik maakt van samenwerkingsverbanden. Verwarringsgevaar: inbreuk art. 2.20 lid 1 sub b BVIE. Adidas moet de producten onder een andere naam op de markt brengen. Vorderingen (gedeeltelijk) toegewezen.

IEF 18131

Brigitte Spiegeler en Ernst van Knobelsdorff onder HvJ EU Levola/Smilde

, IEF 18131; http://www.ie-forum.nl/artikelen/brigitte-spiegeler-en-ernst-van-knobelsdorff-onder-hvj-eu-levola-smilde

Brigitte Spiegeler en Ernst van Knobelsdorff onder HvJ EU 13 november 2018; IEF 18098; IEFbe 2790 (Levola/Smilde) Op 13 november 2018 wees het Hof van Justitie van de Europese Unie (‘HvJ EU’) arrest in de zaak van Levola Hengelo B.V. (‘Levola’) tegen Smilde Foods B.V. (‘Smilde’) inzake het al dan niet bestaan van auteursrecht op smaak. Allereerst de feiten. Levola heeft de intellectuele eigendomsrechten op het product “Heksenkaas”, een smeerdip bestaande uit roomkaas en verse kruiden. Het product is in 2007 ontwikkeld. Vanaf 2014 produceert Smilde een vergelijkbaar product:  “Witte Wievenkaas”, dat door een Nederlandse supermarktketen wordt geëxploiteerd. Levola was van mening dat Smilde door de productie en verkoop van het product Witte Wievenkaas inbreuk maakte op haar auteursrechten op de smaak van Heksenkaas. Volgens Levola moet de smaak van Heksenkaas worden gezien als een eigen intellectuele schepping van haar maker en is de smaak van het door Smilde ontwikkelde product Witte Wievenkaas een reproductie van het werk (de smaak) van Levola. Lees verder.

IEF 18128

Jurisprudentielunch Octrooirecht 12 december 2018

Waarom heeft de ABRvS het verzoek van Bayer voor een ABC alsnog toegewezen? Heeft het hof de juiste maatstaf aangelegd bij de toewijzing van de inzagevordering van Dow waarin het onrechtmatig verkrijgen van bedrijfsgeheimen ten grondslag is gelegd? Hoe komt het dat AstraZeneca aan het langste eind trekt na vier procedures en alsnog haar octrooien geldig zijn verklaard? Moet de octrooibescherming van een medicijn dat bestaat uit meerdere werkzame stoffen worden beoordeeld vanuit een oogpunt van de vakman naar de stand van de techniek op de datum van indiening?

Op woensdag 12 december wordt u door Willem Hoyng en Bart van den Broek weer volledig bijgebracht van de actuele en relevante uitspraken betreffende het octrooirecht. Klik hier voor meer details over de jurisprudentielunch.

IEF 18129

Nationaal Reclamerechtcongres 2018

Reclame in een digitale wereld; waar lopen ontwikkelaars tegenaan bij het inpassen van reclame in apps, games en andere virtuele toepassingen? En hoe zit het met privacyregulering bij de inzet van digital marketing? Daarbij worden veel persoonsgegevens gebruikt. Bijvoorbeeld locatiegegevens bij mobile marketing en tracking cookies bij behavioral targeting. Welke regels uit de AVG, Telecommunicatiewet en de toekomstige e-Privacyverordening gelden daarvoor? 

Advocaat Miranda Top-Sarneel en ondernemer Jip Samhoud vertellen hierover op donderdag 13 december tijdens het Nationaal Reclamerechtcongres 2018 in Utrecht

Samengesteld door Ebba Hoogenraad en Willem Leppink.

IEF 18127

Onvoldoende aangetoond dat dierenkliniekoosterhout.nl en dierenkliniek-oosterhout.nl niet naast elkaar mogen bestaan

WIPO 27 nov 2018, IEF 18127; (dierenkliniekoosterhout.nl), http://www.ie-forum.nl/artikelen/onvoldoende-aangetoond-dat-dierenkliniekoosterhout-nl-en-dierenkliniek-oosterhout-nl-niet-naast-elka

WIPO 27 november 2018, IEF 18127; DNL2018-0048 (dierenkliniekoosterhout.nl) Domeinnaamrecht.  Eiser heeft een reeds bestaande dierenkliniek in Oosterhout overgenomen en beroept zich op de handelsnaam "Dierenkliniek Oosterhout". Zijn domeinnaam is www.dierenkliniek-oosterhout.nl. Verweerder heeft ook een dierenkliniek in Oosterhout. Domeinnaam wordt doorgelinkt naar "www.dierenkliniekbroekhuizen.nl". De handelsnaam en domeinnaam stemmen verwarringswekkend overeen, omdat de domeinnaam de handelsnaam omvat. Een verwarrende handelsnaam is alleen onrechtmatig indien bijkomende omstandigheden dat meebrengen. In het onderhavige geschil is geen geval domeinnaamkaping. De vrijwel identieke domeinnamen van partijen worden in de praktijk naast elkaar gebruikt. Geen aanwijzingen dat verweerder tracht te profiteren van de mogelijkerwijs verwarrende overeenstemming tussen de domeinnaam en beschrijvende handelsnaam van eiser. Door het invoeren van de woorden "dierenkliniek" en "Oosterhout" in Google, wordt geconstateerd dat de website van eiser als eerst naar voren komt in de resultaten en daarna die van verweerder. Vordering afgewezen.

IEF 18126

Geen auteursrechtinbreuk door inmiddels aangepaste teksten Briqwise c.s.

Rechtbanken 31 okt 2018, IEF 18126; (Mogelijk c.s. tegen Briqwise c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-auteursrechtinbreuk-door-inmiddels-aangepaste-teksten-briqwise-c-s

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 31 oktober 2018, IEF 18126 (Mogelijk c.s. tegen Briqwise c.s.) Auteursrecht. Mogelijk is een vastgoedfinancieringsbedrijf, dat - zonder betrokkenheid van een bank - zakelijke hypothecaire financieringen tot stand brengt tussen investeerders en ondernemers. Hiervan is X investeerder en Y ondernemer. Beide hebben toegang tot de digitale portal (afgesloten gedeelte) van Mogelijk c.s. Briqwise houdt zich bezig met het tot stand brengen van zakelijke vastgoedfinancieringen onder hypothecaire zekerheid, rechtstreeks tussen investeerders en ondernemers. X en Y zijn middellijk bestuurders. Mogelijk c.s. is er door één van de compagnons van Briqwise c.s. per e-mail van op de hoogte gebracht dat de onderneming van Briqwise zal worden gelanceerd. Advocaat van Mogelijk c.s. heeft een brief aan Briqwise c.s. gestuurd, waarin staat dat Briqwise c.s. de bedrijfsstructuur, de teksten op de website en delen van algemene voorwaarden van Mogelijk c.s. heeft gekopieerd met behulp van de door X - onder valse voorwendselen - verkregen informatie over Mogelijk c.s. Voor zover er sprake van auteursrechtelijke beschermde werken en voor zover Mogelijk c.s. daarvan de rechthebbende is, geldt dat Mogelijk c.s. erkent dat Briqwise c.s. haar website en algemene voorwaarden inmiddels zo heeft aangepast dat deze niet meer (te veel) op die van haar lijken. Vorderingen afgewezen.

IEF 18125

Johnnie Walker ontbreekt in domeinnaam advertentie Bol.com en is daarmee niet in strijd met RvA

RCC 12 nov 2018, IEF 18125; (Aanbieding Johnnie Walker Red Label Bol.com), http://www.ie-forum.nl/artikelen/johnnie-walker-ontbreekt-in-domeinnaam-advertentie-bol-com-en-is-daarmee-niet-in-strijd-met-rva

Vzr. RCC 12 november 2018, IEF 18125; RB 3254; dossiernr. 2018/00743 (Aanbieding Johnnie Walker Red Label Bol.com) Voorzittersafwijzing. RvA. Domeinnaam. De uiting betreft de aanbieding van Johnnie Walker Red Label whisky op de website van bol.com. De klacht. Bol.com adverteert op haar website met sterk alcoholische drank en faciliteert het proces waarin deze drank kan worden besteld. Op grond van artikel 25 van de code (Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (RvA) 2014) moet op de website een agecheck actief zijn waarbij de bezoeker zijn geboortedatum ingeeft, aldus klager. Dat is bij de website van bol.com niet het geval. Klager kon sterke drank bestellen zonder ook maar ergens zijn geboortedatum te hoeven invullen. Klager legt ter onderbouwing screenshots over van het bestelproces van vier flessen Johnnie Walker whisky.

IEF 18124

Verzoek afgewezen, I-mop beschrijvend voor schoonmaakmachines

Gerechtshoven 27 nov 2018, IEF 18124; ECLI:NL:GHDHA:2018:3160 (I-mop tegen BBIE), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verzoek-afgewezen-i-mop-beschrijvend-voor-schoonmaakmachines

Hof Den Haag 27 november 2018, IEF 18124; ECLI:NL:GHDHA:2018:3160 (I-mop tegen BBIE) Merkenrecht. I-MOP heeft een merkaanvraag voor de EU ingediend voor het gecombineerde woord/beeldmerk "i-mop" voor o.a. schoonmaakmachines. De EUIPO heeft dit geweigerd omdat het teken te beschrijvend is voor de betrokken waren en diensten, plus het mist onderscheidend vermogen. Ook het BBIE heeft de aanvraag om deze redenen geweigerd. Het voorvoegsel "i" dient in de praktijk om aan te duiden dat hetgeen er op volgt "op een interactieve/intelligente wijze wordt gedaan". Dit kan beschrijvend zijn voor alle waren en diensten waarvoor I-MOP het teken heeft gedeponeerd. Er is ook geen sprake van een taalkundige vondst of ongebruikelijke wending.  Het teken zal door het relevante publiek worden opgevat als een intelligente zwabber en daarmee is het beschrijvend. I-MOP voert aan dat "mop" niet meer in de Van Dale te vinden is als "a cleaning device used for wiping floors or other surfaces". Uit de door het Bureau overgelegde stukken blijkt dat het woord "mop" in het Nederlandse taalgebruik onder meer de betekenis "zwabber" heeft. Daarmee beschrijft het de waren waarvoor het teken is ingediend. Verzoek afgewezen.

IEF 18123

Oppositie apparkB afgewezen door visuele en conceptuele verschillen ParkBee

EUIPO - OHIM 26 nov 2018, IEF 18123; (Barcelona de Serveis Municipals tegen allGreen), http://www.ie-forum.nl/artikelen/oppositie-apparkb-afgewezen-door-visuele-en-conceptuele-verschillen-parkbee

EUIPO Opposition Division 26 november 2018, IEF 18123; IEFbe 2796; (Barcelona de Serveis Municipals tegen allGreen) Merkenrecht. Oppositie ingesteld tegen waren en diensten van de klassen 9 en 39, internationale inschrijving nr. 1 293 504, betreffende het beeldmerk Parkbee. Het onderscheidend vermogen van apparkB is lager dan gemiddeld voor goederen en diensten gerelateerd aan parkeren of dat kan worden gebruikt door een mobiele applicatie, omdat het sterk verwijst naar concepten als "parkeren" en "een app". Voor ParkBee geldt wat betreft "Park" hetzelfde. "Bee" is nietszeggend en heeft daarmee wel onderscheidend vermogen. Visueel verschillen de eerste en laatste letters, en verschilt de weergave van de letters. Auditief zijn de merken vergelijkbaar in hoge mate. Conceptueel lijken de tekens weinig op elkaar, doordat op het teken van apparkB een smartphone is weergegeven. Hoewel de tekens fonetisch sterk vergelijkbaar zijn, zal deze auditieve gelijkenis worden gecompenseerd door de genoemde visuele en conceptuele verschillen, in het bijzonder rekening houdend met het feit dat consumenten een hogere mate van aandacht zullen besteden met betrekking tot sommige van de goederen en diensten. Bovendien ligt voor ten minste een deel van de waren en diensten de grootste samenloop in het zwakke element, 'park', dat voor deze goederen en diensten niet kan leiden tot een verwarringsgevaar wanneer beide tekens andere, meer onderscheidende elementen bevatten. Oppositie in zijn geheel afgewezen.

IEF 18122

Nietigheidsargumenten Sandoz falen, geldigheid octrooien AstraZeneca alsnog bevestigd

Gerechtshoven 27 nov 2018, IEF 18122; (AstraZeneca tegen Sandoz ), http://www.ie-forum.nl/artikelen/nietigheidsargumenten-sandoz-falen-geldigheid-octrooien-astrazeneca-alsnog-bevestigd

Hof Den Haag 27 november 2018, IEF 18122; LS&R 16674 (AstraZeneca tegen Sandoz) Octrooirecht. Het hof heeft de beslissing van de rechtbank [IEF 17615] vernietigd en daarmee de geldigheid van de octrooien van AstraZeneca bevestigd. De nietigheidsargumenten van Sandoz, waaronder het "van scratch" argument, falen. Het eerder door de voorzieningenrechter opgelegde inbreukverbod [IEF 16152] die door het hof bekrachtigd was [IEF 17231], is in ere hersteld. 

IEF 18121

Léon Dijkman onder HvJ EU Levola/Smilde

, IEF 18121; http://www.ie-forum.nl/artikelen/l-on-dijkman-onder-hvj-eu-levola-smilde

Léon Dijkman onder HvJ EU 13 november 2018; IEF 18098; IEFbe 2790 (Levola Hengelo tegen Smilde) In its recent decision Levola Hengelo BV v. Smilde Foods BV, the CJEU ruled that the taste of a food product is not protectable by copyright. According to the CJEU, the subject matter of a 'work' within the meaning of the InfoSoc Directive must be "expressed in a manner which makes it identifiable with sufficient precision and objectivity". The experience of taste, however, is inherently subjective and there are presently no technical means to achieve a precise and objective identification thereof. Consequently, taste cannot be protected by copyright. 

IEF 18120

Vorderingen afgewezen, boek ondergeschikte rol in debat over sektarisme BTSW

21 nov 2018, IEF 18120; ECLI:NL:RBAMS:2018:8347 (Ik was gek van geluk), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vorderingen-afgewezen-boek-ondergeschikte-rol-in-debat-over-sektarisme-btsw

Rechtbank Amsterdam 21 november 2018, IEF 18120; IT 2681; ECLI:NL:RBAMS:2018:8347 (Ik was gek van geluk) Mediarecht. Privacy. BTSW is een coaching/trainingsbureau dat zich bezighoudt met psychologische en zakelijke dienstverlening, met name gericht op topsport en entertainmentwereld. Gedaagde sub 1 heeft het boek "ik was gek van geluk. Verhalen van sektarische bewegingen" geschreven, uitgegeven door gedaagde sub 2. Geschreven is over ervaringen van personen met (vermeend) sekatarische organisaties, die zij heeft geïnterviewd. Het werd uit de handel gehaald, maar in beheer van gedaagde sub 1 in gewijzigde vorm op haar website gepubliceerd. Telegraaf publiceerde een artikel over de commerciële relatie tussen toenmalig technisch directeur van de KNVB (naam 2) en BTSW. Gedaagde sub 1 schreef hierna een tweet, inhoudende: "Al in Ik was gek van geluk beschreef ik hoe naam 2 gehersenspoeld werd door een sekte…." Er volgden diverse landelijke negatieve media-uitingen over sektarisme van BTSW, bij KNVB. Naar oordeel van de rechtbank heeft gedaagde sub 1 door de tweet derden in staat gebracht een verband te leggen tussen de berichtgeving over BTSW en de in het boek beschreven organisatie BSV. Dat ze in haar tweet BTSW of BSV niet heeft genoemd, doet daar niet aan af: uit haar tweet was voldoende af te leiden dat de in het boek beschreven organisatie BSV in werkelijkheid ziet op BTSW. Hierdoor is de gewaarborgde anonimiteit opgeheven. BTSW heeft echter onvoldoende gesteld dat de door haar gestelde schade is veroorzaakt door het handelen van gedaagden. Het boek heeft een ondergeschikte rol gehad in het debat over BTSW. Vorderingen afgewezen.

IEF 18119

Otto Swens onder UK SC Pregabaline

Overig , IEF 18119; http://www.ie-forum.nl/artikelen/otto-swens-onder-uk-sc-pregabaline

Otto Swens onder UK SC Pregabaline 14 november 2018 (Pregabaline) Zie eerder [IEF 16315]. In juli 2017 deed de gezaghebbende Engelse Supreme Court (“UKSC”) in de pemetrexed-zaak een belangrijke uitspraak over de beschermingsomvang van octrooien. De uitspraak zorgde voor de nodige ophef: voor het eerst werd in het Verenigd Koninkrijk een equivalentiedoctrine geïntroduceerd. Hoewel het UKSC niet vaak een uitspraak doet op het gebied van het octrooirecht, ligt er nu, een kleine anderhalf jaar later, alweer een belangwekkende octrooiuitspraak, in de pregabaline-zaak. De pregabaline-zaak is één van de meest interessante octrooizaken die momenteel in Europa loopt en naar de uitspraak van de UKSC is reikhalzend uitgekeken. Centraal in de zaak staat de vraag naar inbreuk op zogenaamde Swiss-Type tweede medische indicatieconclusies, momenteel een hot item in het octrooirecht, waarover diverse nationale rechters in Europa zich recentelijk hebben gebogen, waaronder de Nederlandse Hoge Raad. Ook in de literatuur en op congressen is hier de afgelopen jaren veel aandacht aan besteed. De Engelse pregabaline-zaak is echter extra interessant, omdat daarin ook een discussie speelt over het fenomeen ‘plausibiliteit’, wat ook een actueel onderwerp is in zaken voor de Nederlandse rechter en in de Nederlandse literatuur.

IEF 18118

Jurisprudentielunch Octrooirecht - 12 december

octrooirechtlunch2018

De octrooibescherming van een medicijn dat bestaat uit meerdere werkzame stoffen, moet worden beoordeeld vanuit een oogpunt van de vakman naar de stand van de techniek op de datum van indiening of de prioriteitsdatum van dat octrooi. Dit is één van de zaken die behandeld wordt op Jurisprudentielunch Octrooirecht op 12 december a.s., met daarbij een uitgebreide behandeling van relevante en recente rechtspraak. 

In deze kwestie volgt het EU-Hof de opvatting van de Nederlandse regering in een Britse zaak over een middel ter bestrijding van HIV. Door deze uitleg zal het middel waarschijnlijk eerder rechtenvrij geproduceerd kunnen worden. Wat betekent dit voor uw praktijk? En welke andere kwesties zijn relevant? Kijk hier voor een shortlist van de zaken op 12 december die Willem Hoyng en Bart van den Broek op 12 december behandelen.

IEF 18117

Prejudicieel gestelde vraag: kan de ex-merkhouder zich beroepen op een merkinbreuk voor de tijd dat het merk nog gebruikt werd?

HvJ EU 26 sep 2018, IEF 18117; (AR), http://www.ie-forum.nl/artikelen/prejudicieel-gestelde-vraag-kan-de-ex-merkhouder-zich-beroepen-op-een-merkinbreuk-voor-de-tijd-dat-h

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 26 september 2018, IEF 18117; IEFbe 2794; C-622/18 (AR) Via Minbuza. AR, de oprichter van de onderneming Part des anges die alcohol en gedistilleerde dranken verhandelt, is houder van het Franse woord- en beeldmerk “Saint Germain” dat op 05.12.2005 is aangevraagd. Nadat AR had vernomen dat Cooper International Spirits (samen met twee andere vennootschappen) een vlierbessenlikeur onder de benaming “St-Germain” verhandelde heeft hij op 08.06.2012 de drie vennootschappen gedagvaard wegens merkinbreuk. In een parallelle zaak heeft de rechter bij vonnis van 28.02.2013 de rechten van AR op het woord- en beeldmerk “Saint Germain” met ingang van 13.05.2011 vervallen verklaard voor alcoholhoudende dranken (uitgezonderd bieren). Dit werd bevestigd door een arrest van de rechter in tweede aanleg van 11.02.2014, dat onherroepelijk is geworden. AR heeft zijn vorderingen wegens merkinbreuk gehandhaafd voor de periode die niet viel onder de verjaring (08.06.2009 – 13.05.2011). Bij vonnis van 16.01.2015 heeft de rechterlijke instantie de vorderingen van AR afgewezen na te hebben geoordeeld dat geen enkele exploitatie van het betrokken merk had plaatsgevonden sinds de aanvraag ervan.

IEF 18116

Nationaal Reclamerechtcongres

Wat bracht 2018 en wat brengt 2019 ons op het gebied van het Reclamerecht? Wat waren the greatest hits in vergelijkende en misleidende reclame? Welke privacyregels gelden bij behavioral targeting? Hoe denken Stichting Varkens in Nood, Albert Heijn en Unilever over het thema duurzaamheid in reclame? En: welke acties kunt u verwachten van de Autoriteit Consument en Markt, - en van de sector zelf -, waar het gaat om de positie van on- en offline consumenten?

Dit zijn enkele van de onderwerpen die aan de orde komen tijdens het Nationaal Reclamerechtcongres van deLex op donderdag 13 december 2018. Tijdens deze dag praten vooraanstaande juristen uit advocatuur en bedrijfsleven u bij over actualiteiten in het (inter)nationale reclamerecht. Met in de middag een paneldiscussie over duurzaamheid en reclame, en ter afronding de visie van ondernemer Jip Samhoud op het gebruik van reclame in virtual reality.

De sprekers zijn: Ebba Hoogenraad, Anne-Jel Hoelen, Miranda Top-Sarneel, Soraya Belghazi, Willem Leppink en Jip Samhoud. Aan het panel nemen deel: Anne-Jel Hoelen (ACM), Hans Baaij (Stichting Varkens in Nood), Simone Pelkmans (Unilever), Karen Werger (Albert Heijn)

Het programma is samengesteld door Willem Leppink en Ebba Hoogenraad. Meer informatie over het programma en inschrijven vindt u hier

IEF 18115

Verzoek vader toegewezen, vlogs met zijn minderjarigen niet toegestaan door onbestreden risico's

Rechtbanken 1 okt 2018, IEF 18115; ECLI:NL:RBDHA:2018:13105 (Privacy kinderen vlogs), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verzoek-vader-toegewezen-vlogs-met-zijn-minderjarigen-niet-toegestaan-door-onbestreden-risico-s

Rechtbank Den Haag 1 oktober 2018, IEF 18115; IT 2678; ECLI:NL:RBDHA:2018:13105 (Privacy kinderen vlogs) Mediarecht. Privacy. Partijen zijn gehuwd geweest en ouders van twee minderjarige kinderen. Vader verzoekt in verband met recht op privacy van zijn kinderen alle videologboeken ("vlogs") waarin de kinderen (deels) te zien of te horen zijn en welke door de moeder op Youtube en/of Instagram zjin geplaatst, te verwijderen en verwijderd te houden. Vader wil zijn kinderen beschermen tegen het mogelijk worden van object van pedofilie of pestgedrag. Moeder wil, als buitenlandse moeder die in Nederland woonachtig is, laten zien aan haar volgers hoe de Nederlandse cultuur is, en met name de Nederlandse opvoeding. In het begin kreeg ze immers zijn toestemming. Ze stelt dat de kinderen opgroeien in een wereld met social media, waarin de moeder probeert bij te dragen. Of foto's of filmpjes op internet geplaatst worden, is een kwestie waarover de ouders samen dienen te beslissen.  Onvoldoende is bestreden dat het door vader gevreesde risico op pestgedrag en nadelige gevolgen voor het later functioneren in het sociaal maatschappelijk verkeer, en in mindere mate objectivering voor pedofielen, zich voor zal doen. Dit is een risico verre van denkbeeldig. Gelet op de leeftijd van de kinderen, 4 en 2, gaat de rechtbank ervan uit dat hun begripsvermogen en leefomgeving nog niet zodanig zijn dat zij al bewust blootgesteld hebben kunnen worden aan vlogs te herleiden pestgedrag, al zou dit in de toekomst wel kunnen. Vorderingen toegewezen.

IEF 18114

Bevoegdverklaring rechter locus damni ondanks ontbreken toegankelijkheid software voor algemeen publiek

Rechtbanken 19 nov 2018, IEF 18114; (TVS tegen Revo), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bevoegdverklaring-rechter-locus-damni-ondanks-ontbreken-toegankelijkheid-software-voor-algemeen-publ

Vzr. Rechtbank Den Haag 19 november 2018, IEF 18114 (TVS tegen Revo) Auteursrecht. Databankenrecht. Procesrecht. Partijen verhandelen beide versnellingsbakoptimalisatiesoftware (DSG-software). TVS stelt dat Revo inbreukmakend handelt door terbeschikkingstelling van andere DSG-software via een online dealerportaal. Revo betwist voor alle weren de bevoegheid van de voorzieningenrechter van deze rechtbank. In geval van intellectuele eigendomsrechten waarbij wordt gesteld dat de inbreuk heeft plaatsgevonden via gebruik van een website, is de locus actus de plaats waar de eigenaar van de website is gevestigd. In dit geval is dat Daventry, VK, nu dat de vestigingsplaats van Revo dan wel RDL is. Op die grond komt de voorzieningenrechter geen bevoegdheid toe. Revo voert aan dat voor bevoegdheid van de locus damni nodig is dat de software van RDL toegankelijk voor het algemene publiek is in het gebied van de aangezochte rechter. Daarvan is geen sprake omdat de toegang tot Revo Portal beperkt is tot dealers uit het dealernetwerk van RDL die specifieke toegangsgegevens van RDL hebben gekregen. Deze uitleg volgt niet uit de jurisprudentie van de HvJ EU. De website van Revo dan wel RDL was voor Heemskerk, derhalve vanuit Nederland, toegankelijk. De voorzieningenrechter is daarmee relatief bevoegd. Revo stelt ook dat TVS de verkeerde entiteit heeft gedagvaard. Dit blijkt mede uit een "tag" (coderegel) in de vermeend inbreukmakende software. Vorderingen (gedeeltelijk) afgewezen.