IEF 19596

Foto zonder toestemming en naamsvermelding op website

Rechtbank Midden-Nederland 28 okt 2020, IEF 19596; ECLI:NL:RBMNE:2020:4624 (Eiser tegen exploitant website), http://www.ie-forum.nl/artikelen/foto-zonder-toestemming-en-naamsvermelding-op-website

Ktr. Rechtbank Midden-Nederland 28 oktober 2020, IEF 19596, IT 3330; ECLI:NL:RBMNE:2020:4624 (Eiser tegen exploitant website) Auteursrecht. Eiser is een professioneel fotograaf. Hij biedt zijn foto’s op zijn website aan tegen een vaste licentievergoeding van € 250,00 per jaar. Gedaagde exploiteert een website. Sinds 2015 staat een foto van eiser op de website, zonder zijn toestemming en naamsvermelding. Met eiser was hiervoor geen licentieovereenkomst gesloten. Aan de sommaties van eiser om de foto te verwijderen, geeft gedaagde geen gehoor. Gedaagde stelt dat zij sinds 2010 niet de houder of eigenaar van de domeinnaam is, omdat zij die handelsnaam niet meer voert. Dit verweer faalt. Voor het exploiteren van een website is niet vereist dat sprake is van een daartoe ingeschreven handelsnaam bij de KvK. Gedaagde wordt veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding voor de winstderving, het mislopen van exposure als gevolg van het ontbreken van de naamsvermelding en de gemaakte kosten voor het opsporen van de auteursrechtinbreuk.

IEF 19592

Boek ‘De Handelsnaamwet onder de loep’

Vandaag verschijnt bij uitgeverij deLex het boek ‘De Handelsnaamwet onder de loep’ van Roderick Chalmers Hoynck van Papendrecht. Het recht met betrekking tot handelsnamen is in Nederland neergelegd in de Handelsnaamwet van 1921. Ondanks de grote en vele veranderingen waaraan de maatschappij en het bedrijfsleven onderhevig zijn, is de Handelsnaamwet in de afgelopen eeuw nauwelijk gewijzigd. In dit boek is geanalyseerd en onderzocht of de Handelsnaamwet nog wel voldoende aansluit bij de huidige tijdgeest.

Bij de bespreking van deze vraag wordt stilgestaan bij het feit dat lokale handel heeft plaatsgemaakt voor landelijk opererende bedrijven en de  invloed die de opkomst van het internet heeft gehad, bij de kwestie in hoeverre het handelsnaamrecht vandaag de dag nog in dezelfde mate als een eeuw geleden het algemeen belang dient en bij de vraag of de bescherming van handelsnamen juist de nadruk is komen te liggen op de behartiging van belangen van de eerste gebruiker van een handelsnaam? De huidige situatie laat ons zien dat het gevaar dreigt dat de rechtzoekenden en de  rechterlijke macht vast blijven houden aan klassieke uitgangspunten. En dat komt de rechtszekerheid niet ten goede.

Dit boek is verkrijgbaar via de boekhandel en online boekhandels als Bol.com en deLex.nl.

IEF 19566

Aanmelden nog mogelijk voor het Nationaal Mediarechtcongres

Actueler dan ooit, het Nationaal Mediarechtcongres 2020. We gaan online, met een interactief programma, met voldoende pauzes en onderling contact. Martijn van Dam licht de digitale strategie toe van de NPO, Remy Chavannes behandelt de Digital Services Act en Anke Strijbos en Roland Wigman geven een overzicht van het nieuwe Auteurscontracten- en vergoedingenrecht, mede na de implementatie van de Online Omroeprichtlijn. Met een paneldiscussie over nieuwe verplichtingen voor producenten staat ons een boeiend middagprogramma te wachten.

Het programma:

IEF 19593

Klacht van Bayer over reclame-uitingen gegrond

CGR / CBG 20 nov 2020, IEF 19593; (Bayer tegen Novartis), http://www.ie-forum.nl/artikelen/klacht-van-bayer-over-reclame-uitingen-gegrond

CGR 19 november 2020, IEF 19593, RB 3460, LS&R 1883; K20.006 (Bayer tegen Novartis) Bayer en Novartis zijn ondernemingen die zich bezig houden met de productie, verhandeling en distributie van geneesmiddelen. Novartis brengt in Nederland het UR-geneesmiddel Beovu® (werkzame stof: brolucizumab) op de markt. Bayer heeft een klacht ingediend over verschillende reclame-uitingen van Novartis voor haar geneesmiddel Beovu. De CGR heeft de klacht van Bayer toegewezen en de claims van Novartis verboden onder meer vanwege het ontbreken van wetenschappelijke onderbouwing. Een beroepsbeoefenaar kan op het verkeerde been worden gezet.

IEF 19590

Elektrische bakfiets maakt inbreuk op auteursrecht

Rechtbank Den Haag 19 nov 2020, IEF 19590; ECLI:NL:RBDHA:2020:11741 (Smart Urban Mobility tegen Azor Bike), http://www.ie-forum.nl/artikelen/elektrische-bakfiets-maakt-inbreuk-op-auteursrecht

Vzr. Rechtbank Den Haag 18 november 2020, IEF 19590, RB 3459; ECLI:NL:RBDHA:2020:11741 (Smart Urban Mobility tegen Azor Bike) Auteursrecht. Kort geding. SUM brengt sinds 2011 elektrische bakfietsen op de markt, waaronder de zogenaamde 'Family'. Medio juli 2020 heeft Azor aan haar dealers een e-mailbericht gestuurd met daarin de aankondiging dat zij in het najaar van 2020 met een nieuw model elektrische bakfiets op de markt zal komen, genaamd Sheperd. Ook heeft Azor de lancering aangekondigd in het tijdschrift ‘Tweewieler’. Begin september werd de Shepherd te koop aangeboden op verschillende Nederlandse en Belgische websites. SUM meent dat Azor inbreuk maakt op haar auteursrechten. De Family is een auteursrechtelijk beschermd werk. Azors beroep op de techniekexceptie en het vormgevingserfgoed faalt. Gegeven de totaalindrukken van beide bakfietsen, wordt voorshands geoordeeld dat met de Shepherd inbreuk wordt of dreigt te worden gemaakt op het auteursrecht van SUM. De verbodsvordering wordt toegewezen. Ook moet Azor een rectificatie aan haar dealers mailen en op Facebook plaatsen.

IEF 19591

Octrooi vernietigd wegens ongeoorloofde toegevoegde materie

Rechtbank Den Haag 11 nov 2020, IEF 19591; ECLI:NL:RBDHA:2020:11386 (MSD tegen Wyeth), http://www.ie-forum.nl/artikelen/octrooi-vernietigd-wegens-ongeoorloofde-toegevoegde-materie

Rechtbank Den Haag 11 november 2020, IEF 19591, LS&R 1882; ECLI:NL:RBDHA:2020:11386 (MSD tegen Wyeth) Octrooirecht. Zie eerder [IEF 19498]. Partijen zijn beide farmaceutische bedrijven. Wyeth is houdster van het Europees octrooi voor een gesiliconiseerd houdermiddel gevuld met een formulering voor een pneumokokken-vaccin. Wyeth heeft ten opzichte van het octrooi zoals verleend een surfactant toegevoegd aan conclusie 1 en gebruiksconclusies geïntroduceerd. De stelling van MSD dat conclusie 1 volgens de tekst van de hulpverzoeken geen geldigheid kan verschaffen aan het octrooi, slaagt. Er is sprake van ongeoorloofde toegevoegde materie, omdat de vakman de informatie, gebruikmakend van zijn algemene vakkennis, niet rechtstreeks en ondubbelzinnig uit de oorspronkelijke aanvrage kan afleiden. De volgconclusies en hulpverzoeken kunnen het octrooi geen geldigheid verschaffen. De rechtbank vernietigt het Nederlandse deel van het octrooi.

IEF 19589

Modelregistratie waterballonvuller terecht nietig verklaard

Gerecht EU (voorheen GvEA) 18 nov 2020, IEF 19589; ECLI:EU:T:2020:543 (Tinnus Enterprises tegen EUIPO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/modelregistratie-waterballonvuller-terecht-nietig-verklaard

Gerecht EU 18 november 2020, IEF 19589, IEFbe 3150; ECLI:EU:T:2020:543 (Tinnus Enterprises tegen EUIPO) Modellenrecht. Het Gerecht van de Europese Unie heeft bevestigd dat zowel de Invalidity Division als de Boards of Appeal van het EUIPO terecht de ongeldigheid hebben uitgesproken van de modelregistratie van Tinnus voor een waterballonvuller (fluid distribution equipment), omdat alle kenmerken van het model uitsluitend door de technische functie zijn bepaald. Het Gerecht verwijst naar de DOCERAM-uitspraak van het HvJ EU [IEF 17542] en zie ook [IEF 17701] en [IEF 18001], waarin de ‘multiplicity of forms’ theorie is afgewezen en bevestigd dat het bestaan van technische alternatieven niet betekent dat het model niet technisch is bepaald. Alle objectieve factoren moeten daarbij worden meegenomen, waaronder het bestaan van een octrooi voor hetzelfde product. Een getuigenverklaring van de ontwerper kan niet als objectieve factor worden aangemerkt.

IEF 19588

SGOA Hans Frankenprijs 2021 voor scripties

De Stichting Geschillenoplossing Automatisering (SGOA) zal in 2021 weer de SGOA Hans Frankenprijs uitreiken. De Hans Frankenprijs is bedoeld voor de HBO/WO student die in de afgelopen 2 jaar de meest innovatieve afstudeerscriptie op het gebied van ICT-recht heeft geschreven. Onder ICT-recht wordt in dit kader verstaan: ICT-recht inclusief internetrecht, telecommunicatierecht en specifieke toepassingsgebieden van het recht in algemene zin op de ICT-sector. In aanmerking komen afstudeerscripties welke met tenminste een voldoende zijn beoordeeld en zijn geschreven aan een Nederlandse HBO-instelling of ter afronding van een universitaire master-opleiding tussen 1 januari 2019 en 31 december 2020 en welke voldoen aan de inzendingscriteria vastgelegd in het reglement.

De winnaar van de Hans Frankenprijs zal door de jury bekend worden gemaakt tijdens een bijeenkomst in 2021. Naast een eervolle vermelding, ontvangt de prijswinnaar een bedrag van €2.500,-.

Inzendingen kunnen tot uiterlijk 31 januari 2021 worden verzonden aan: hansfrankenprijs@sgoa.eu. Ga voor nadere informatie naar de website van de SGOA.

IEF 19587

Kamerbrief over maatregelen tegen desinformatie

Minister Ollongren heeft op 16 november jl. de Tweede Kamer een brief gestuurd, waarin zij met een pakket aan maatregelen komt om desinformatie richting de Tweede Kamerverkiezingen tegen te gaan. Een van de maatregelen die de minister invoert is het opstellen van een gedragscode die ervoor moet zorgen dat het transparanter wordt wie achter een politieke advertentie zit. Daarnaast wordt ingezet op het intensiveren van het detecteren van desinformatie, wordt de Wet financiering politieke partijen (Wfpp) gewijzigd en komt er een informatieve website om meer bewustwording te creëren bij burgers.

Lees de Kamerbrief op de website van de Rijksoverheid.

Meer weten over desinformatie? Op vrijdag 11 december 2020 organiseert de VMC in samenwerking met deLex een webinar over desinformatie. Aanmelden kan via www.delex.nl/shop/opleidingen.

 
IEF 19586

Gebruik van handelsnaam en logo in strijd met concurrentiebeding

Rechtbank Limburg 4 nov 2020, IEF 19586; ECLI:NL:RBLIM:2020:8553 (Vita Natura tegen gedaagde), http://www.ie-forum.nl/artikelen/gebruik-van-handelsnaam-en-logo-in-strijd-met-concurrentiebeding

Ktr. Rechtbank Limburg 4 november 2020, IEF 19586, LS&R 1881; ECLI:NL:RBLIM:2020:8553 (Vita Natura tegen gedaagde) Handelsnaamrecht. Kort geding. Vita Natura verkoopt en ontwikkelt voedingssupplementen. Gedaagde was in dienst bij Vita Natura en is in maart 2020 op staande voet ontslagen. Vita Natura meent dat gedaagde onrechtmatig handelt door het beconcurreren van gedaagde met gebruikmaking van informatie, relaties en producten van Vita Natura. Vita Natura vordert onder meer inzage in de bescheiden die in (bewijs)beslag zijn genomen. Deze vordering wordt toegewezen. Verder staat vast dat gedaagde via Ebay Vita Natura producten heeft verkocht met daarop het etiket en logo van Vita Natura. Gedaagde wordt veroordeeld het gebruik van de handelsnaam en/of het logo van Vita natura te staken. Voor de hoogte van de dwangsom wordt aansluiting gezocht bij wat partijen in de arbeidsovereenkomst zijn overeengekomen, namelijk € 4.500 voor iedere overtreding en € 450,00 voor iedere dag dat de overtreding voortduurt, doch uiterlijk tot de einddatum van het concurrentiebeding.

IEF 19585

Toch schending Wbp wegens mogelijke reputatieschade

Hof Amsterdam 17 nov 2020, IEF 19585; (Gemeente Alkmaar c.s. tegen Zorgvervoercentrale c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/toch-schending-wbp-wegens-mogelijke-reputatieschade

Hof Amsterdam 17 november 2020, IEF 19585, IT 3325; C/14/251636 HA ZA 16-763 (Gemeente Alkmaar c.s. tegen Zorgvervoercentrale Nederland c.s.) Privacyrecht. Onrechtmatige publicatie. In eerste aanleg [IEF 17096] is beslist dat de gemeenten aansprakelijk zijn voor de schade die door ZCN c.s. is geleden als gevolg van het onrechtmatig publiceren van een bestand van ZCN c.s. In dit bestand stonden persoonsgegevens van klanten van ZCN c.s. In hoger beroep wordt bevestigd dat ZCN c.s. niet rechtstreeks rechten kunnen ontlenen aan de Wbp met betrekking tot de persoonsgegevens van hun klanten. Wel kwalificeert schending van de Wbp als een schending van een ongeschreven zorgvuldigheidsnorm in de zin van art. 6:162 BW.

IEF 19584

Oproep nominaties VIE-prijs 2021

De Vereniging voor Intellectuele Eigendom (VIE) reikt jaarlijks de VIE-prijs uit van € 2.500,- aan een jonge auteur van een publicatie die een wezenlijke of vernieuwende bijdrage levert aan de kennis en het begrip van het intellectuele eigendomsrecht of het ongeoorloofde mededingingsrecht in Nederland. Voor de VIE-prijs komen artikelen in aanmerking die zijn geschreven in het Nederlands of Engels, die binnen vijftien maanden voorafgaand aan de uitreiking van de prijs zijn gepubliceerd en door een auteur zijn geschreven die op dat moment niet ouder was dan 35 jaar.

Tijdens het IE Symposium Online op 17 maart 2021 zal deze prijs weer worden uitgereikt. Publicaties of nominaties (met een afschrift van de desbetreffende publicatie als bijlage) dienen uiterlijk 29 januari 2021 te zijn ingediend bij het secretariaat van AIPPI onder vermelding van ‘VIE-prijs’ via e-mail: secretariaat@aippi.nl.
Ga voor meer informatie en de voorwaarden naar de website van de vereniging.

IEF 19583

Vordering uitzendverbod tv-programma afgewezen

Rechtbank Amsterdam 9 nov 2020, IEF 19583; ECLI:NL:RBAMS:2020:5578 (Eiser tegen Fremantle), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vordering-uitzendverbod-tv-programma-afgewezen

Vzr. Rechtbank Amsterdam 9 november 2020, IEF 19583, IT 3324; ECLI:NL:RBAMS:2020:5578 (Eiser tegen Fremantle) Kort geding. Onrechtmatige publicatie. Afwijzing preventief uitzendverbod van een aflevering van het programma 'Zeeman confronteert: Stalkers' waarin aandacht wordt besteed aan stalking. Eiser stelt dat de uitzending inbreuk maakt op zijn privacy en bescherming van zijn eer en goede naam. Er wordt overwogen dat een preventief verbod alleen kan worden toegewezen in uitzonderlijke omstandigheden waarbij sprake dient te zijn van een evidente onrechtmatigheid. Daarvan is in dit geval geen sprake. Geoordeeld wordt dat Fremantle aandacht mag besteden aan het onderwerp stalking en de zaak van eiser. Fremantle hoeft geen onomstotelijk bewijs te leveren van de stalking. De toets is of de uitlatingen steun vinden in het beschikbare feitenmateriaal en dat is in casu het geval. Fremantle heeft daarnaast voldoende gelegenheid tot wederhoor geboden. Tevens zijn door Fremantle de nodige maatregelen getroffen om de privacy van eiser te waarborgen. De stem van eiser dient nog onherkenbaar te worden gemaakt. Voor zover personen uit zijn familie en kennissen- of werkkring hem zullen herkennen, geldt dat het verlies van zijn goede naam een voorzienbaar gevolg is van zijn eigen handelen. De uitingsvrijheid van Fremantle weegt in dit concrete geval gezien de omstandigheden zwaarder dan de privacybelangen van eiser.

IEF 19581

Schrijf je nu in voor de Beroepsopleiding voor Merken- en Modellengemachtigden

In januari 2021 gaat bij voldoende aanmelding een nieuwe tweejarige Beroepsopleiding van start. De lessen zullen - afhankelijk van de ontwikkelingen - voor een deel digitaal worden gegeven.

De Beneluxstichting Beroepsopleiding voor Merken- en Modellengemachtigden organiseert deze beroepsopleiding voor merken- en modellengemachtigden in opleiding. Voor deelname aan de beroepsopleiding is vereist dat kandidaten met een afgeronde master minimaal 1 jaar relevante werkervaring hebben in de merken- en modellenpraktijk. Voor kandidaten met een HBO-opleiding of een afgeronde bachelor geldt een minimum van 3 jaar werkervaring.

IEF 19579

Schending van auteursrechten op software is niet gebleken

Rechtbank Amsterdam 27 mei 2020, IEF 19579; ECLI:NL:RBAMS:2020:5391 (PayingIT en PayingIP tegen Workrate), http://www.ie-forum.nl/artikelen/schending-van-auteursrechten-op-software-is-niet-gebleken

Vzr. Rechtbank Amsterdam 27 mei 2020, IEF 19579; IT 3323; ECLI:NL:RBAMS:2020:5391 (PayingIT en PayingIP tegen Workrate) Auteursrecht. Kort geding. Workrate houdt 49% van de aandelen in Usemate BV (later: PayingIT). In 2016 wordt een koopovereenkomst gesloten van alle aandelen van Workrate in Usemate BV en verkoop en levering van ‘de Software’ aan PayingIP. In de koopovereenkomst wordt tevens een licentieovereenkomst opgenomen ten behoeve van Workrate en wordt bepaald dat alle IE-rechten op de software aan PayingIP toekomen. PayingIT meent dat Workrate inbreuk maakt op haar auteursrechten op de Usemate-software en de licentieovereenkomst schendt. Partijen zijn in geschil over de omvang van de beoogde overdracht van de auteursrechten. Dit vereist een nader onderzoek naar de feiten, hetgeen het kort geding te buiten gaat. Schending van de (beoogde) auteursrechten van PayingIT is niet gebleken. Evenmin kan worden aangenomen dat de licentieovereenkomst wordt overtreden. De gevraagde voorzieningen worden daarom geweigerd.

IEF 19578

Inhoudsopgave Jurisprudentie Geneesmiddelenrecht (JGR)

Inhoudsopgave van het tijdschrift Jurisprudentie Geneesmiddelenrecht (JGR). Aflevering 3 – 19 november 2020 - Jaargang 21.

Bestuursrecht
16. Over bevoegdheden en het ontbreken ervan en andere processuele missers, oftewel: indien mogelijk, omkeren. Noot van mw. mr. I. Morrema bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21 februari 2020, ECLI:NL:RBZWB:2020:873.

Handelsvergunning
17. Moet een zelfzorggeneesmiddel aan de eisen voor een UR-geneesmiddel voldoen? Noot van dhr. mr. drs. J.A. Lisman bij Rechtbank Amsterdam, 14 mei 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:2976.

IEF 19577

Senftleben en Angelopoulos over art. 17 DSM-richtlijn

Martin Senftleben en Christina Angelopoulos hebben een lezenswaardige bijdrage gescheven over de nieuwe DSM-richtlijn: 'In het actuele debat over art. 17 van de nieuwe Richtlijn auteursrecht in de digital single market (DSM-richtlijn) wordt vaak een belangrijk aspect van de nieuwe regeling buiten beschouwing gelaten: de filterverplichting die uit deze bepaling volgt (art. 17 lid 4 sub (b)) mag niet zo ver strekken dat een algemene monitoringverplichting ontstaat. Art. 17 lid 8 bepaalt uitdrukkelijk dat content platform aanbieders niet verplicht mogen worden hun dienst op een algemene manier te controleren om de illegale activiteiten van hun gebruikers op te sporen en te voorkomen. De focus van art. 17 lid 4 sub (b) op "specifieke werken" maakt dat niet anders. In het licht van fundamentele rechten ontstaat een verboden algemene monitoringverplichting wanneer voor de opsporing van potentieel inbreukmakende content - hoe specifiek die ook is gedefinieerd - elke content upload of alle content op het online platform moet worden onderzocht. Op het moment dat de inhoud van het platform in zijn geheel moet worden gescreend, krijgt de monitoringverplichting een buitensporig algemeen karakter. Tegen deze achtergrond kan een filterverplichting alleen toelaatbaar worden geacht als deze specifiek is ten aanzien van zowel het beschermde werk alsook de groep van potentiële inbreukmakers.'

Lees de bredere analyse van deze aspecten hier.

IEF 19576

Aangepast programma Nationaal Reclamerechtcongres 2020

Zoals eerder aangekondigd gaat het Nationaal Reclamerechtcongres 2020 gewoon door.
We zijn ook deze keer enorm trots op het programma en het aanbod van sprekers dat dagvoorzitters Ebba Hoogenraad en Willem Leppink hebben georganiseerd, en kiezen voor een online versie. De onderwerpen blijven hetzelfde, maar we verdelen het programma over twee dagen.

Op de agenda
Inspiratie genoeg voor een volle agenda! Zo buigen de sprekers zich over stereotyping, en passeren vrijheid van meningsuiting, e-commerce en muziek in reclame de revue. Natuurlijk ontbreekt het jaarlijkse overzicht van hits and misses in de rechtspraak niet, evenals een terugblik op het beleid en de handhaving door de ACM.

Programma donderdag 10 december*

IEF 19574

Doorgifte persoonsgegevens na Schrems II-uitspraak

De European Data Protection Board (EDPB) heeft aanbevelingen opgesteld voor de doorgifte van persoonsgegevens naar derde landen, schrijft de Autoriteit Persoonsgegevens op haar website. 'Dat zijn landen waar persoonsgegevens minder goed beschermd zijn dan in de EU. De EDPB wil het bedrijfsleven hiermee meer duidelijkheid geven, nadat het Europese Hof van Justitie het EU-VS Privacy Shield ongeldig verklaarde.'
Lees verder.