IEF 19408

Conclusie A-G Szpunar in VG Bild-Kunst tegen Stiftung

HvJ EU 10 sep 2020, IEF 19408; ECLI:EU:C:2020:696 (VG Bild-Kunst tegen Stiftung), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-a-g-szpunar-in-vg-bild-kunst-tegen-stiftung

HvJ EU Conclusie A-G 10 september 2020, IEF 19408, IT 3235, IEFbe 3117; ECLI:EU:C:2020:696 (VG Bild-Kunst tegen Stiftung) Prejudiciële verwijzing, [IEF 18591]: vormt de plaatsing van een met toestemming van de rechthebbende op een vrij toegankelijke website beschikbaar gesteld werk op de website van een derde door middel van een frame een „mededeling aan het publiek” in de zin van artikel 3, lid 1, van richtlijn 2001/29/EG wanneer daarbij door de rechthebbende genomen of geïnitieerde beschermingsmaatregelen tegen plaatsing van een frame worden omzeild?
De A-G komt tot de conclusie dat technische voorzieningen ter bescherming tegen het insluiten in een webpagina van auteursrechtelijk beschermde werken die met toestemming van de auteursrechthebbende vrij toegankelijk aan het publiek ter beschikking zijn gesteld op andere websites, op zodanige wijze dat zij, zodra die pagina wordt geopend, daarop automatisch worden weergegeven zonder verder toedoen van de gebruiker, doeltreffende beschermende voorzieningen in de zin van artikel 6 van richtlijn 2001/29 vormen.

IEF 19376

Bijzondere zorgplicht voor exploitant software

Rechtbank Amsterdam 18 aug 2020, IEF 19376; ECLI:NL:RBAMS:2020:4059 (PRLG tegen Uniface), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bijzondere-zorgplicht-voor-exploitant-software

Vzr. Rechtbank Amsterdam 18 augustus 2020, IEF 19376, IT 3215; ECLI:NL:RBAMS:2020:4059 (PRLG tegen Uniface) Kort geding. PRLG en Uniface zijn allebei exploitant van softwareproducten en diensten, onder meer software ter ondersteuning van lokale overheden bij het uitvoeren van hun taken en bevoegdheden in het sociale domein. De rechtsvoorganger van PRLG maakte gebruik van software van de rechtsvoorganger van Uniface. Voor deze licentie is destijds een VAR-overeenkomst gesloten, waarin tarieven voor de vergoeding voor Compuware (rechtsvoorganger van Uniface) door PRLG zijn afgesproken. Uniface meent dat deze tarieven aan herrijking toe zijn en zegt de VAR-overeenkomst op. PRLG gaat niet akkoord met deze opzegging. PRLG vordert veroordeling van Uniface de VAR-overeenkomst na te blijven komen. 

IEF 19407

HvJ EU beantwoordt prejudiciële vragen over interpretatie Verhuurrichtlijn

HvJ EU 8 sep 2020, IEF 19407; ECLI:EU:C:2020:677 (Recorded Artists Actors Performers tegen Phonographic Performance), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-beantwoordt-prejudici-le-vragen-over-interpretatie-verhuurrichtlijn

HvJ EU 8 september 2020, IEF 19407, IEFbe 3116; ECLI:EU:C:2020:677 (Recorded Artists tegen Phonographic Performance) Licentievergoedingen muziek. Zie eerder [IEF 18561]. De High Court van Ierland heeft prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ EU inzake de uitlegging van artikel 8 van richtlijn 2006/115/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende het verhuurrecht, het uitleenrecht en bepaalde naburige rechten op het gebied van intellectuele eigendom. Nationale wetgeving bepaalt dat de gebruiker één licentievergoeding betaalt aan een licentieverlenende instantie, maar dat het geïnde bedrag wordt verdeeld tussen de producent en de uitvoerende kunstenaars. Artikel 8, lid 2, van richtlijn 2006/115/EG verzet zich ertegen dat een lidstaat het recht op één enkele billijke vergoeding beperkt ten aanzien van uitvoerende kunstenaars en producenten van fonogrammen en dat de producent van het fonogram in kwestie een vergoeding ontvangt, zonder deze te moeten delen met de uitvoerend kunstenaar die aan dat fonogram heeft bijgedragen.

IEF 19404

Aflevering “Moord of zelfmoord” onrechtmatig

Rechtbank Amsterdam 2 sep 2020, IEF 19404; ECLI:NL:RBAMS:2020:4247 (Eiser tegen Talpa), http://www.ie-forum.nl/artikelen/aflevering-moord-of-zelfmoord-onrechtmatig

Rechtbank Amsterdam 2 september 2020, IEF 19404, IT 3232; ECLI:NL:RBAMS:2020:4247 (Eiser tegen Talpa) Mediarecht. Privacy. Portretrecht. Talpa heeft op SBS6 het tv-programma ‘Moord of zelfmoord’ uitgezonden, waarin de presentator en misdaadjournalist zaken onderzoekt die door de politie als zelfmoord zijn bestempeld. Op 18 januari 2018 wordt een aflevering uitgezonden waarin wordt gesuggereerd dat eiser betrokken was bij de dood van een slachtoffer.

IEF 19405

Extra panel over online-zittingen tijdens het Nederlands Octrooicongres

Hoe hebben advocaten en rechter de online-zittingen tot nu toe beleefd? Morgenmiddag deelt een gemixed panel hun ervaringen met online-zittingen tijdens het Nederlands Octrooicongres 2020.
Een mooie toevoeging aan het programma met o.a. Freyke Bus (Rechtbank Den Haag), Margot Kokke (Rechtbank Den Haag) en Daan de Lange (Brinkhof)

Voor de late inschrijvers: aanmelden voor het Nederlands Octrooicongres deel 2 is nog mogelijk! Neem contact op via info@delex.nl, of meld je aan via de website.

IEF 19402

Humans of Filmfestival mag documentaire vertonen

Rechtbank Amsterdam 4 sep 2020, IEF 19402; (Eisers tegen stichting), http://www.ie-forum.nl/artikelen/humans-of-filmfestival-mag-documentaire-vertonen

Vzr. Rechtbank Amsterdam 4 september 2020, IEF 19402, IT 3231; C/13/689398 / KG ZA 20-793 (Eisers tegen stichting) Kort geding. Auteursrecht. Portretrecht. Eisers vormen een religieuze groepering. Gedaagde is een stichting die het Humans of Filmfestival organiseert. Eisers vorderen in kort geding om de stichting te verbieden om tijdens het Humans of Filmfestival de documentaire "The Ashram Children: I Am No Body, I Have No Body” openbaar te maken. In deze film worstelt de maker met zijn verblijf als kind in de Indiase ashram van goeroe Sri Adwayananda en bezoekt hij lotgenoten die inmiddels afstand hebben genomen van de leer van de goeroe. Eisers leggen aan hun vordering ten grondslag dat de stichting inbreuk maakt op hun portret- en auteursrechten. Het is niet aannemelijk dat vertoning van de film een inbreuk op de portretrechten van Eisers oplevert. Daarnaast is het gebruik van het materiaal geoorloofd op grond van de artikelen 15a en 18a Auteurswet. Het materiaal maakt slechts een klein deel van de film uit, is van ondergeschikte betekenis afgezet tegen de hele film en gaat niet verder dan noodzakelijk om het doel van de film te bereiken. De vorderingen van Eisers worden afgewezen.

IEF 19403

Commentaar Carja Mastenbroek op uitspraak Puma tegen gedaagde

Commentaar van mw. mr. Mastenbroek, advocaat van Puma, naar aanleiding van het publiceren van de uitspraak tussen Puma en gedaagde d.d. 22 juli jl. [IEF 19396].

Wat Puma betreft is deze uitspraak met name opvallend, omdat de rechtbank (Den-Haag!) het door gedaagde in verband met het auteursrecht overlegde Umfeld heeft geaccepteerd, terwijl dit niet gedateerd is. Op basis van dit vormgevingserfgoed heeft de rechtbank overwogen: “Wat betreft de auteursrechtelijke bescherming van twee schoenen van Puma, gaat het om een combinatie van elementen die als zodanig bekend zijn in het vormgevingserfgoed”. Dit is voor de rechtbank reden om te oordelen dat er in een andere totaalindruk was tussen de door gedaagde verkochte schoenen en de sneakers van Puma en dus geen sprake van auteursrechtinbreuk.

Ook al zou de rechtbank rechtens wel gebruik hebben mogen maken van het vormgevingserfgoed, dan geldt dat geen enkele sneaker uit het Umfeld van gedaagde een “bolletjes-zool” had, het onderscheidende element van de zool van Puma. Terwijl de rechtbank zelf ook aangeeft – in verband met het modelrecht – dat het eigen karakter (en daarmee de beschermingsomvang van het model) met name bepaald wordt door de bolletjesstructuur.

Met betrekking tot het modelrecht neemt de rechtbank verder wel heel kleine verschillen aan als een andere totaalindruk veroorzakend: de in het model weergegeven bolletjes zouden allemaal dezelfde vorm hebben, namelijk die van een cilinder die aan beide uiteinden is voorzien van een halve bol (gelijkend op het snoepje tictac). De bolletjes in de zool van de sneakers van gedaagde zouden hoekiger en ongelijkmatiger gevormd zijn, niet rond, maar drie-, vier-, vijf- of zeshoekig met veelal ongelijke zijden. Daarnaast wordt overwogen dat de zool van de door gedaagde verkochte sneakers een verdikte lijn toont, maar het geregistreerde model van Puma niet. Voornoemde verschillen zijn echter onbelangrijke details waarin de kenmerken van de zolen verschillen. Dit zou er dus niet in de weg moeten staan aan het oordeel dat de zolen identiek moeten worden geacht.

Ook zeer opvallend is dat de rechtbank ten aanzien van het relevante publiek overweegt dat de geïnformeerde gebruiker geacht wordt in hoge mate aandachtig te zijn, terwijl er veel Europese uitspraken zijn waar wordt bepaald dat het bij sneakers niet gaat om een professionele gebruiker en niet om goederen die een hoog aandachtsniveau vereisen bij de aanschaf daarvan. Het publiek is dan ook in mindere mate aandachtig in tegenstelling tot wat de rechtbank nu heeft overwogen.

Tenslotte was het door gedaagde ingebrachte kostenoverzicht echt onder de maat. Vrijwel niets bleek daar uit; zo was er onder meer geen dossierreferentie, geen omschrijving van de werkzaamheden en datum waarop de werkzaamheden waren verricht en hoeveel uur per activiteit. In andere vonnissen wordt daar korte metten mee gemaakt. Volgens de rechtbank stond dit er echter in dit geval niet aan in de weg dat het overzicht voldoende helder is en dat de kosten niet onredelijk of onevenredig zijn.

Het lijkt er op dat de rechtbank de gedaagde, die stelde bijna geen inbreukmakende exemplaren te verkopen, dus wel heel erg heeft geholpen.
Puma beraadt zich op dit moment over het instellen van hoger beroep.

IEF 19401

Repliek Visser op reactie Pictoright

Op vrijdag 4 september 2020 reageerden Hanneke Holthuis en Vincent van den Eijnde [IEF 19400] op de oproep van, in hun woorden, ‘24 vooraanstaande auteursrechtgeleerden’, om gebruik in het online klaslokaal onder de vrijstelling van artikel 12 lid 5 Auteurswet te brengen [IEF 19392]. Deze reactie vraagt om een weerwoord, zowel inhoudelijk als vanwege het feit dat gesuggereerd wordt dat hoogleraren auteursrecht misbruik maken van hun gezag en dat de Corona-crisis er ten onrechte bijgehaald wordt.

Laat ik vooropstellen dat ik de reactie van Holthuis en Van den Eijnde begrijp. Zij zijn bestuurders van de collectieve incasso-organisatie van beeldmakers Pictoright die als enige taak heeft zoveel mogelijk geld binnen te brengen voor beeldmakers. Deze beeldmakers hebben het altijd moeilijk, zoals alle kunstenaars, en ongetwijfeld hebben zij het in tijden van corona ook moeilijk. Beeldmakers zijn vermoedelijk inderdaad de enige makers die in de toekomst mogelijk iets minder, of minder extra collectief geïncasseerde vergoeding zouden kunnen krijgen door de invoering van het aanbevolen amendement.

Dan de suggestie dat hoogleraren auteursrecht hier misbruik maken van hun gezag. De ondertekenaars zijn overigens niet allemaal hoogleraar en niet allemaal hoogleraar of universitair docent auteursrecht. Het zijn wel deels personen die deskundig zijn op het gebied van het auteursrecht en daarom weten dat momenteel een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer ligt ter implementatie van een Europese richtlijn die onder andere tot doel heeft bepaalde uitzonderingen op het auteursrecht die betrekking hebben op onderwijs uit te breiden tot online situaties. In die richtlijn valt te lezen:

“Wat het toepassingsgebied van die uitzonderingen of beperkingen betreft, is het onduidelijk of zij ook gelden voor digitale vormen van gebruik. Bovendien is het onduidelijk of die uitzonderingen of beperkingen zouden gelden wanneer het onderwijs online en op afstand wordt gegeven. Voorts voorziet het bestaande rechtskader niet in een grensoverschrijdend effect. Deze situatie zou een belemmering kunnen vormen voor de ontwikkeling van digitaal ondersteund onderwijs en afstandsonderwijs. Derhalve is de invoering van een nieuwe verplichte uitzondering of beperking noodzakelijk om te zorgen voor volledige rechtszekerheid wanneer onderwijsinstellingen werken of andere materialen gebruiken in digitale onderwijsactiviteiten, ook online en over de grenzen heen”.

De ondertekenaars zijn echter vooral ook docenten die, evenals al hun collega’s, ten gevolge van corona vrijwel al hun onderwijs online moeten geven en daardoor geconfronteerd worden met een nieuwe situatie, omdat alleen het gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken bij onderwijs op locatie door de wetgever is vrijgelaten. Dientengevolge kunnen zij online geen gebruik maken van deze werken en mogen zij ook geen plaatjes opnemen in hun PowerPoints die online worden getoond of achteraf beschikbaar worden gesteld aan studenten. Daar stellen Holthuis en Van den Eijnde ongetwijfeld tegenover dat dat niet de schuld van Pictoright is, maar de schuld van de universiteiten die de ‘billijke vergoeding’ niet willen betalen. Dat is vanuit hun perspectief een begrijpelijk standpunt.

Lees hier het gehele artikel.

IEF 19400

Pictoright: hoogleraren auteursrecht misbruiken hun titel

Deze week werden we verrast met een initiatief van 24 vooraanstaande auteursrechtgeleerden, die een amendement [IEF 19392] voorstellen op het wetsvoorstel ter implementatie van de DSM richtlijn.
Nu zou je denken dat als al deze knappe koppen zich over zo’n belangrijke zaak buigen,ze dan wel met een oplossing zullen komen voor een zeer prangende kwestie. Ze zouden bijvoorbeeld een goed uitgewerkt idee kunnen hebben over hoe om te gaan met artikel 17, de regeling die tot doel heeft dat platforms vergoedingen gaan betalen voor de werken die massaal worden geüpload en gedeeld. Of ze zouden voorstellen kunnen doen met betrekking tot artikel 12, de mogelijkheid die de richtlijn biedt voor uitgebreide licenties (Extended Collective Licensing). Er zijn nog talloze andere onderwerpen te bedenken: een oplossing voor de problematiek rondom audiovisuele makers. Al tijden is daar gedoe over. Of een onderkenning van het probleem van het gebruik van framed links naar afbeeldingen, waardoor fotografen en fotobureaus nu al tijden ontzettend veel inkomsten mislopen.

Helaas is de treurige conclusie dat deze hoogleraren met zijn allen niet veel verder zijn gekomen dan een beetje navelstaren: ze hebben met elkaar overlegd, met elkaar gemaild, hebben elkaar gebeld en elkaar misschien wel in zaaltjes ontmoet, uitsluitend om een eigen belang te behartigen: ze willen een wetswijziging zodat hun werkgevers minder hoeven te gaan betalen voor gebruik van werken ter toelichting bij het onderwijs.

Het voorstel is misleidend en in feite meer politiek dan wetenschappelijk gemotiveerd. De universiteiten wensen een lager bedrag te betalen voor het gebruik van werken ter toelichting bij het onderwijs. Dit gebruik is toegestaan, maar er dient aan de rechthebbenden een billijke vergoeding te worden betaald. Dit doen onderwijsinstellingen al jaren. De onderhandelingen met universiteiten gaan de afgelopen tijd echter moeizaam, omdat de universiteiten eenvoudigweg kosten willen terugbrengen en zich daardoor ongevraagd in vreemde bochten hebben gewrongen. Hierdoor hebben docenten nu het idee gekregen dat sommige vormen van gebruik niet zijn toegestaan. Een meer uitgebreid en genuanceerd beeld over de problemen rondom deze onderhandelingen is hier en hier te vinden.

IEF 19398

Vernietiging octrooi Richter wegens gebrek aan nieuwheid

Rechtbank Den Haag 29 jul 2020, IEF 19398; ECLI:NL:RBDHA:2020:7089 (Biogen c.s. tegen Richter), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vernietiging-octrooi-richter-wegens-gebrek-aan-nieuwheid

Rechtbank Den Haag 29 juli 2020, IEF 19398, LS&R 1854; ECLI:NL:RBDHA:2020:7089 (Biogen c.s. tegen Richter) Octrooirecht. Inbreuk. Nietigheid. Richter is houdster van EP 667 voor: ‘Pharmaceutical anti-TNF-alpha Antibody Formulation’. Biogen c.s. heeft later geneesmiddel Imraldi® op de Europese markt gebracht. Biogen c.s. vordert vernietiging van het Nederlandse deel van het octrooi, omdat het niet nieuw, dan wel niet inventief is ten opzichte van Manning, Bender en Humira, en het niet nawerkbaar is. Richter vordert om Biogen c.s. te verbieden inbreuk op haar octrooi te maken met de Imraldi-producten. De zaken worden samen behandeld. Conclusie 1 van EP 667 is ongeldig, wegens gebrek aan nieuwheid, ook in de voorgestelde gewijzigde vorm van de hulpverzoeken. De vordering tot vernietiging van het Nederlandse deel van het octrooi wordt toegewezen. In de inbreukzaak worden de vordering afgewezen, nu op een nietig octrooi geen inbreuk gemaakt kan worden.

IEF 19399

Incidentele inzagevordering Biomet is 'hengeltochtje'

Rechtbank Rotterdam 2 sep 2020, IEF 19399; ((Heraeus tegen Biomet)), http://www.ie-forum.nl/artikelen/incidentele-inzagevordering-biomet-is-hengeltochtje

Rechtbank Rotterdam 2 september 2020, IEF 19399; LS&R 1855; C/10/581437 / HA ZA 19-817 (Heraeus tegen Biomet) Bedrijfsgeheimen. Vonnis in incident. Heraeus en Biomet c.s. houden zich bezig met de ontwikkeling en verkoop van botcement. Heraeus brengt het botcement onder de merknaam Palacos op de markt. Biomet c.s. hebben een botcement op de markt gebracht met eigenschappen die (nagenoeg) gelijk waren aan de eigenschappen van het Palacos botcement. Dit leidt tot een geschil over onrechtmatig gebruik van bedrijfsgeheimen. Biomet c.s. vorderen in incident Heraeus te veroordelen inzage in en afgifte van een zeer groot aantal bescheiden van diverse aard te verstrekken. Deze vordering is te beschouwen als een 'hengeltochtje', aangezien de gevorderde inzage geen betrekking heeft op ‘bepaalde’ bescheiden. Hierdoor hebben Biomet c.s. geen rechtmatig belang bij de gevorderde inzage. De incidentele vordering van Biomet c.s. wordt afgewezen.

IEF 19396

Sierlint geeft ander voorkomen aan sneaker

Rechtbank Den Haag 22 jul 2020, IEF 19396; ECLI:NL:RBDHA:2020:6867 (Puma SE tegen gedaagde), http://www.ie-forum.nl/artikelen/sierlint-geeft-ander-voorkomen-aan-sneaker

Rechtbank Den Haag 22 juli 2020, IEF 19396; ECLI:NL:RBDHA:2020:6867 (Puma tegen gedaagde) Feitelijke beoordeling inbreuk op gemeenschapsmodel of auteursrecht. Puma is één van de grotere sport- en lifestylemerken ter wereld. Gedaagde heeft een webshop voor mode-artikelen en accessoires. Daarop heeft zij schoenen onder de naam sneakers Abria aangeboden die zij op haar beurt had ingekocht bij een groothandel. De door gedaagde aangeboden sneaker maakt geen inbreuk op een op naam van Puma geregistreerd gemeenschapsmodel voor een schoenzool. Wat betreft de auteursrechtelijke bescherming van twee schoenen van Puma, gaat het om een combinatie van elementen die als zodanig bekend zijn in het vormgevingserfgoed. Als die combinatie auteursrechtelijke bescherming toekomt, is de beschermingsomvang beperkt en maakt de door gedaagde aangeboden sneaker een andere totaalindruk. Doorslaggevend is dat de sneakers Abria geen veters hebben die op een koord lijken, maar in plaats daarvan een opvallend anderhalve centimeter breed en glanzend sierlint. De vorderingen van Puma worden afgewezen.

IEF 19397

Uitlatingen over downloaden uit illegale bron waren niet onrechtmatig

Hof Den Haag 11 aug 2020, IEF 19397; (Staat tegen SEKAM cs), http://www.ie-forum.nl/artikelen/uitlatingen-over-downloaden-uit-illegale-bron-waren-niet-onrechtmatig

Hof Den Haag 11 augustus 2020, IEF 19397, IT 3230; C/09/528768/HA ZA 17-298 (Staat tegen SEKAM cs) Hoger beroep. SEKAM is een stichting die de belangen van film en televisieproducenten behartigt. De Nederlandse Staat stelde dat het is toegestaan om voor eigen gebruik, zonder toestemming van en betaling aan de rechthebbenden, een televisieserie of film te downloaden. De rechtbank oordeelde eerder dat de Staat aansprakelijk was voor geleden schade door uitlatingen van de staatssecretaris dat illegaal downloaden in Nederland was toegestaan. Dit vonnis [IEF 17942] wordt vernietigd en alle vorderingen van SEKAM c.s. worden afgewezen. De (achteraf gezien onjuiste) uitlatingen van de staatssecretaris over downloaden uit illegale bron waren niet onrechtmatig en evenmin was er causaal verband met eventuele schade.

IEF 19392

‘Corona-amendement’ bij artikel 12 lid 5 Auteurswet – online classroom use

Inleiding en aanleiding
Sinds jaar en dag   is het toegestaan om in de klas en tijdens college teksten, afbeeldingen en films, te laten zien en muziek te laten horen, bijvoorbeeld in een PowerPoint, zonder dat daar toestemming van of betaling aan auteursrechthebbenden voor nodig is.  

Dat blijkt uit artikel 12 lid 5 van de Auteurswet:
“Onder een voordracht, op- of uitvoering of voorstelling in het openbaar wordt niet begrepen die welke uitsluitend dient tot het onderwijs dat vanwege de overheid of vanwege een rechtspersoon zonder winstoogmerk wordt gegeven, voor zover de voordracht, op- of uitvoering of voorstelling deel uitmaakt van het schoolwerkplan of leerplan voor zover van toepassing, of tot een wetenschappelijk doel”.

Deze vrijstelling geldt echter alleen voor gebruik in de klas. Zij geldt vermoedelijk niet voor onderwijs op afstand. En ook niet voor het opslaan en op een later moment terug kijken van lessen en colleges en de bijbehorende PowerPoints. Op dat gebruik is ten dele wel een andere beperking op het auteursrecht op van toepassing die is opgenomen in artikel 16 Auteurswet, maar die geldt alleen maar voor ‘gedeelten’ van werken en bovendien staat er de verplichting tegenover een ‘billijke vergoeding’ te betalen aan de rechthebbenden. Universiteiten hebben zich verbonden om het gebruik dat is toegestaan op grond van artikel 16 Auteurswet drastisch te verminderen om de hiermee samenhangende kosten terug te brengen en voeren daar een actief ontmoedigingsbeleid bij.

Om deze reden wordt in toenemende mate docenten dringend geadviseerd om bijvoorbeeld geen afbeeldingen meer op te nemen in PowerPoints  en deze niet te tonen in het kader van afstandsonderwijs dat rechtstreeks wordt bekeken en wordt opgenomen om het op een later moment te bekijken.

In de huidige tijd waarin afstandsonderwijs steeds belangrijker, en momenteel zelfs onvermijdelijk is, is het bepaald onwenselijk dat docenten worden belemmerd in hun vrijheid om het kader van hun lessen en colleges afbeeldingen en films te tonen en muziek te laten horen waar dit nuttig is ter illustratie bij het onderwijs. Het tonen van afbeeldingen en bewegend beeld vormt een belangrijke ondersteuning van het onderwijs die zoveel mogelijk vrij moet worden gelaten, ook als dit online gebeurt.  

Er is daarom goede reden om de beperking van artikel 12 lid 5 Auteurswet uit te breiden tot afstandsonderwijs.

Lees hier het gehele artikel.

IEF 19395

Converse mocht tóch beslag leggen op schoenenvoorraad Sporttrading

Hof 's-Hertogenbosch 1 sep 2020, IEF 19395; ECLI:NL:GHSHE:2020:2699 (Converse c.s. tegen curator Sporttrading c.s), http://www.ie-forum.nl/artikelen/converse-mocht-t-ch-beslag-leggen-op-schoenenvoorraad-sporttrading

Hof ‘s Hertogenbosch 1 september 2020, IEF 19395; ECLI:NL:GHSHE:2020:2699 (Converse c.s. tegen curator Sporttrading c.s.) Zie eerder [IEF 13012], [IEF 17820]. Merkenrecht. Uitputting. In 2009 liet Converse c.s. beslag leggen op de voorraad van Converse-schoenen van Sporttrading c.s. De schoenen zouden illegaal worden verhandeld in Nederland. In eerste aanleg zijn de vorderingen tegen de curator van Sporttrading c.s. afgewezen, omdat de bewijslast ten aanzien van het uitputtingsverweer werd omgedraaid en Converse c.s. niet slaagde in het bewijs. Sporttrading, Sport Concept en Brandustry hebben gehandeld in Converse-schoenen en daarmee inbreuk gemaakt op het merkrenrecht van Converse. De bewijslast met betrekking tot de vermeende uitputting rust op grond van het Van Doren/Lifestyle-arrest op de curator.

IEF 19394

Vordering onontvankelijk bij gebrek aan merkinschrijving

Belgische gerechten 26 aug 2020, IEF 19394; (Laboratoire de la Mer en Omega Pharma tegen Febelco en Axone Pharma), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vordering-onontvankelijk-bij-gebrek-aan-merkinschrijving

Ondernemingsrechtbank Gent 26 augustus 2020, IEF 19394, IEFbe 3115; A/20/00069 (Laboratoire de la Mer en Omega Pharma tegen Febelco en Axone Pharma) Laboratoire de la Mer en Omega Pharma zijn fabrikant resp. verdeler van neussprays op basis van zeewater ‘Physiomer’. Zij vorderen dat het Febelco en Axone Pharma wordt verboden om een verpakking te gebruiken, omdat deze verwarring zou wekken met de verpakking van Physiomer: Ceres Pharma is de leverancier van Febelco en Axone Pharma. Zij komt vrijwillig tussen in de procedure en vordert de onontvankelijkheid van de vordering op basis van artikel 2.19 BVIE. Volgens die bepaling kan niemand in rechte bescherming vorderen voor een teken dat voor merkinschrijving in aanmerking komt, tenzij hij of zij beschikt over een geregistreerd merk. Ceres Pharma deponeert de opmaak van de verpakking als experiment.
De rechtbank wijst de vorderingen af. De voorzitter stelt vast dat het depot van Ceres op absolute gronden wordt aanvaard en dat het alle kenmerken die eisers claimen omvat. Dat artikel 2.19 BVIE strijdig zou zijn met het Unieverdrag van Parijs, aanvaardt de rechtbank niet. Het gaat om een verdoken merkinbreukvordering die onontvankelijk is.

IEF 19393

Bourdrez, Brouwer en Van Werven starten boetiekkantoor Walden Law

Walden is een boetiekkantoor gericht op intellectueel eigendom, kunst en media, opgericht door drie IE-specialisten met in totaal 50 jaar ervaring: Aernoud Bourdrez, Berber Brouwer en Benjamin van Werven.

Naast de traditionele IE-rechten, zoals auteurs-, merken- en modellenrecht, richt Aernoud zich in het bijzonder op de kunstwereld, Berber op productvormgeving, privacy en digitale technologie en Benjamin op media en entertainment. Met Aernoud Bourdrez heeft Walden Law bovendien een professioneel onderhandelaar in huis, die ook trainingen geeft op dit gebied. Zijn expertise op dit terrein is een belangrijke toegevoegde waarde voor het kantoor.

IEF 19391

Steunfonds Rechtensector van start met miljoenensteun OCW

Vandaag is bekend geworden dat minister Van Engelshoven van OCW 5 miljoen euro subsidie verleent aan het Steunfonds Rechtensector van de Federatie Auteursrechtbelangen. De uitvoerende organisaties van rechthebbenden dragen zelf ook 5 miljoen bij, waardoor nu 10 miljoen euro beschikbaar is om het creatieve proces van de totstand brenging van (nieuwe) werken (boeken, journalistieke werken, beeld, muziek en films) in deze voor de sector zo moeilijke tijden te stimuleren.
De Federatie Auteursrechtbelangen, met de drie aangesloten koepels Platform Makers, Platform Creatieve Media Industrie (PCMI) en de vereniging van collectieve beheersorganisaties (VOI©E), heeft het initiatief genomen om professionals in de rechtensector financieel bij te staan nu activiteiten waaraan zij inkomsten ontlenen grotendeels stil zijn gevallen.

IEF 19390

Vacature: merken-/modellengemachtigde en medior merkadviseur bij Markeys

Merkenbureau Markeys is op zoek naar een...

merken-/modellengemachtigde voor 32 tot 38 uur per week. Als gemachtigde beheer je zelfstandig merken en modellen portefeuilles van onze cliënten in het binnen en buitenland. Dit houdt onder meer in het juridisch behandelen en afhandelen van merkonderzoeken, van inbreukzaken en het instellen van opposities. Als klankbord voor cliënten en collega’s werk je mee om de ambities van Markeys te realiseren.
Bekijk hier de vacature.

medior merkadviseur voor 24 tot 32 uur per week. In deze zeer gevarieerde functie ben je verantwoordelijk voor het ondersteunen van de merken-/modellengemachtigde op het gebied van het uitvoeren van (juridische) onderzoeken, het bewaken van merken, het registreren en vernieuwen van merken en het adviseren aan cliënten op het gebied van Intellectueel eigendom (in het bijzonder het merkrecht). Je beheert merkenportefeuilles van cliënten, begeleidt en bewaakt zelfstandig de administratieve procedures en onderhoudt contact met cliënten en de officiële (merken)autoriteiten.
Bekijk hier de vacature.

IEF 19384

Nederlands Octrooicongres deel 2 - inschrijven nog mogelijk

Volgende week vindt alweer deel twee van het Octrooicongres 2020 plaats. In eerste instantie hadden we dit evenement op een mooie locatie gepland. Inmiddels hebben we, in het licht van de huidige ontwikkelingen, en in nauw overleg met dagvoorzitters en sprekers, moeten besluiten om ook deze editie volledig online te laten plaatsvinden. Dit mede gezien het kabinetsadvies om vanuit huis te blijven werken.

Het programma blijft staan, en het blijft actueel en boeiend! Sterker nog: we hebben een interactief onderdeel toegevoegd. Daarnaast zorgen we voor voldoende tijd voor de sprekers, vragen, pauzes en meer interactie.

De tijd blijft staan: 8 september, van 14.00 – 17.15 uur* 

Het programma:

  • Beslissingen van het EOB 2019/2020, Derk Visser
  • Overdracht van prioriteit, met (internationaal) panel
  • ‘Added matter’, Rian Kalden
  • Interactief deel over ‘de nieuwe zittingen’: hoe ervaren rechters, gemachtigden en advocaten online zittingen?

We verwelkomen u graag op 8 september! Inschrijven kan via de website of via info@delex.nl. Mail ons als u vragen heeft.

* Inloggen vanaf 1345 uur, houd rekening met enige uitloop!