IEF 18473

Benelux Merkencongres op 20 juni

Wat levert forumshoppen in merkenzaken u op? Hoe zet u verschillende beschermingsregimes in voor een effectief merkenbeheer? En: hoe verhouden juridische overwegingen over onderscheidend vermogen zich tot de dagelijkse merkbeleving van consumenten?

Dit en meer komt aan de orde tijdens het Benelux Merkencongres op donderdag 20 juni onder leiding van Tobias Cohen Jehoram en Martin Senftleben. Actueel, praktijkgericht en volledig!

Met onder meer: “online content filtering in copyright: a model for trademark law?” (Martin Husovec, Universiteit Tilburg), “forumshoppen en grensoverschrijdende bevoegdheid in merkenzaken” (Laura Fresco, HOYNG ROKH MONEGIER), “het strategisch inzetten van beschermingsregimes” (Diana Versteeg, AkzoNobel), .

Uiteraard passeert ook het actuele jurisprudentie-overzicht de revue, en geeft Pieter Veeze van het BBIE acte de présence met een update van het afgelopen jaar.

Inschrijven of meer informatie? Klik hier, of mail naar info@delex.nl.

 

IEF 18472

Niet enkel lovende aard ten grondslag aan betwist merk

HvJ EU 15 mei 2019, IEF 18472; ECLI:EU:C:2019:406 (VM tegen EUIPO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/niet-enkel-lovende-aard-ten-grondslag-aan-betwist-merk

HvJ EU 15 mei 2019, IEF 18472, IEFbe 2885; ECLI:EU:C:2019:406 (VM tegen EUIPO) In 2009 heeft VM Vermögens-Management bij EUIPO een Uniemerkaanvraag ingediend krachtens verordening nr. 207/2009 voor woordteken 'Vermögensmanufaktur'. Interveniënte in eerste aanleg, DAT Vermögensmanagement, diende bij EUIPO een vordering tot nietigverklaring van het betwiste merk in. VM voert zes middelen aan, waaronder schending van artikel 65, leden 2 en 3, van verordening nr. 207/2009, in samenhang met artikelen 17 en 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Schending van artikel 36, eerste zin, van het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Hogere voorziening wordt in geheel afgewezen. Het argument van VM dat het gerecht blijk gaf van onjuiste rechtsopvatting door te stellen dat het betwiste merk onderscheidend vermogen miste, alleen omdat de uitdrukking Vermögensmanufaktur een lovende verwijzing is, berust op een onjuiste lezing van het bestreden arrest.

IEF 18471

Summiere en algemene bewoordingen in dagvaarding scheppen onduidelijkheid

Rechtbank Den Haag 10 mei 2019, IEF 18471; ECLI:NL:RBDHA:2019:4822 (Afvalzuiger), http://www.ie-forum.nl/artikelen/summiere-en-algemene-bewoordingen-in-dagvaarding-scheppen-onduidelijkheid

Ktr. Rechtbank Den Haag 10 mei 2019, IEF 18471; ECLI:NL:RBDHA:2019:4822 (Afvalzuiger) Auteursrecht, slaafse nabootsing en (vorm)merk. Eiser produceert de mobiele afvalzuiger Glutton en is houder van het Uniewoordmerk en Unievormmerk. Gedaagde is een bedrijf in de exploitatie van industriële oplossingen en apparatuur gericht op de Nederlandse markt. Zij heeft een mobiele afvalzuiger, onder de naam Vanguard op de Nederlandse markt geïntroduceerd. Eiser heeft in de dagvaarding slechts zeer summier en in algemene bewoordingen uiteengezet op welke feiten en omstandigheden hij zijn vorderingen baseert. Bij een industrieel product zoals de afvalzuiger waaraan allerlei technische en functionele eisen zijn te stellen, die van directe invloed zijn op bestaan en reikwijdte van de ingeroepen rechten, verzet het karakter van een kort geding zich ertegen dat een eisende partij afwacht of bepaalde verweren zullen komen. Cruciale geschilpunten komen nu onvoldoende uit de verf. De onduidelijkheid die hierdoor is ontstaan, is voor rekening van de eisende partij. Vorderingen afgewezen.

IEF 18470

Zonder toestemming uploaden foto niet toegestaan

Rechtbank Overijssel 19 mrt 2019, IEF 18470; ECLI:NL:RBOVE:2019:1633 (ANP tegen X), http://www.ie-forum.nl/artikelen/zonder-toestemming-uploaden-foto-niet-toegestaan

Rechtbank Overijssel 19 maart 2019, IEF 18470; ECLI:NL:RBOVE:2019:1633 (ANP tegen X) Auteursrecht, inbreuk door plaatsing foto zonder toestemming rechthebbende. Het verweer van gedaagde dat hij de foto’s van Facebook heeft gehaald en dat iedereen ze daarna mag gebruiken, slaagt niet, vergelijk [IEF 17900] HvJ 7 augustus 2018 (Land Nordrhein-Westfalen tegen Renchoff). Het kopiëren en uploaden van een foto op een website die met toestemming van de rechthebbende op een andere website vrij toegankelijk was, is niet toegestaan zonder toestemming van de rechthebbende.

IEF 18466

Inbreuk auteursrechten ANP door gebruik foto

Rechtbank Rotterdam 7 mrt 2019, IEF 18466; ECLI:NL:RBROT:2019:2464 (ANP tegen X), http://www.ie-forum.nl/artikelen/inbreuk-auteursrechten-anp-door-gebruik-foto

Ktr. Rechtbank Rotterdam 7 maart 2019, IEF 18466; ECLI:NL:RBROT:2019:2464 (ANP tegen X) Inbreuk gemaakt op auteursrechten van ANP door publicatie van een foto afkomstig van een bron waarvoor geen toestemming is gevraagd. Gedaagde X heeft onvoldoende onderbouwd dat hij in de veronderstelling verkeerde dat aan de foto geen auteursrechtelijke bescherming toekomt. Dat hij een artikel met de foto heeft gehaald van een andere bron, ontslaat hem niet van zijn verplichting zich ervan te vergewissen dat daarop geen auteursrechtelijke bescherming zou rusten. Ook als het gebruik van de foto te goeder trouw is gebeurd, levert openbaarmaking zonder toestemming van de rechthebbende een inbreuk van het auteursrecht op. Het verweer dat hij de naam van de bron van de foto op zijn website heeft geplaatst, kan hem niet baten nu dit door ANP gemotiveerd is weersproken en gedaagde dit niet met stukken heeft onderbouwd.

IEF 18469

Conclusie AG naburige rechten Spedidam

16 mei 2019, IEF 18469; ECLI:EU:C:2019:423 (Spedidam), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-ag-naburige-rechten-spedidam

Conclusie AG 16 mei 2019, IEF 18469, IEFbe 2884; ECLI:EU:C:2019:423 (Spedidam) Is het toelaatbaar dat een lidstaat in zijn wetgeving inzake het auteursrecht voorziet in een vermoeden dat de uitvoerend kunstenaar van een bepaald werk een openbare instelling die tot taak heeft audiovisuele opnamen te bewaren, toestemming heeft gegeven om het werk te publiceren en indien nodig, te exploiteren door middel van een stilzwijgende overdracht van de rechten van de uitvoerend kunstenaar? Dat is de kernvraag waar het in dit verzoek om een prejudiciële beslissing om gaat.

IEF 18468

Parool mag artikelen over vastgoedhandel gewoon publiceren

Gerechtshoven 14 mei 2019, IEF 18468; ECLI:NL:GHAMS:2019:1610 (X tegen het Parool), http://www.ie-forum.nl/artikelen/parool-mag-artikelen-over-vastgoedhandel-gewoon-publiceren
Het Parool

Gerechtshof Amsterdam 14 mei 2019, IEF 18468; IT 2779, ECLI:NL:GHAMS:2019:1610 (X tegen het Parool) Mediarecht. Privacyrecht. Het Parool heeft artikelen gepubliceerd over de kopers van politiepanden op de Wallen en hun banden met criminelen. De betrokken kopers vorderen te verklaren dat publicatie van de artikelen onrechtmatig is. Tevens vorderen zij het offline halen van de artikelen, een rectificatie in de krant en vergoeding van immateriële schade. Publicatie van de artikelen was niet onrechtmatig volgens de rechtbank. Nu wordt geoordeeld dat één bewering in het laatste artikel onrechtmatig was wegens het ontbreken van nuancering en/of wederhoor. De artikelen worden verder rechtmatig bevonden. Plaatsing van een rectificatie bij het laatste artikel in het digitale archief volstaat. De overige vorderingen zijn niet toewijsbaar.

IEF 18467

Onrechtmatig handelen door aanzetten tot merkinbreuk schoonmaakmiddel

Rechtbank Rotterdam 27 feb 2019, IEF 18467; ECLI:NL:RBROT:2019:1696 (Zon Impex tegen X), http://www.ie-forum.nl/artikelen/onrechtmatig-handelen-door-aanzetten-tot-merkinbreuk-schoonmaakmiddel

Rechtbank Rotterdam 27 februari 2019, IEF 18467; ECLI:NL:RBROT:2019:1696 (Zon Impex tegen X) Merkinbreuk. Zon Impex heeft bij gedaagde containers met Dasti-schoonmaakproducten besteld. Gedaagde deed zich voor als bestuurder van de rechtspersoon en deelde ten onrechte aan Zon Impex mee dat hij de Dasti-producten met toestemming van Dasty Italia verkocht en dat Zon Impex deze ook in Nederland op de markt mocht brengen. Door die mededelingen te doen en vervolgens ervoor te zorgen dat de Dasti-producten werden geleverd, handelde gedaagde in strijd met de zorgvuldigheid die in het maatschappelijk verkeer betaamt. Hij moet immers hebben geweten dat die producten inbreuk maakten op de IE-rechten van Dasty Italia. Dat is onrechtmatig jegens Zon Impex, dit moet hem, als degene die in strijd met de waarheid heeft verklaard, worden toegerekend.

IEF 18465

Nederlands Octrooicongres op dinsdag 11 juni

Actueel, praktijkgericht en volledig: het Nederlands Octrooicongres van deLex! Jaarlijks op de tweede dinsdag van juni, onder leiding van mr. drs. Gertjan Kuipers en prof. mr. Peter Blok. Met dit jaar onder meer de volgende onderwerpen:
"München meets Den Haag: interactie tussen het EOB en de nationale rechter", mr. András Kupecz (Kupecz IP)
"Het octrooirechtelijk verbod: heilig huisje in de storm?", mr. Léon Dijkman, promovendus (EUI), advocaat (HOYNG ROKH MONEGIER)
"Artificial Intelligence en octrooi", paneldiscussie met o.a. dr. mr. Erik Visscher (De Vries & Metman)

IEF 18464

Opwerpen vrijwaringsincident twee jaar na dagvaarding komt voor eigen risico

Rechtbank Den Haag 15 mei 2019, IEF 18464; (Pure Handling tegen Hennessy), http://www.ie-forum.nl/artikelen/opwerpen-vrijwaringsincident-twee-jaar-na-dagvaarding-komt-voor-eigen-risico

Rechtbank Den Haag 15 mei 2019, IEF 18464; (Pure Handling tegen Hennessy) Eiseres(sen) in de hoofdzaak is Hennessy. Eiseres in het incident en gedaagde in hoofdzaak is Pure Handling. Het geschil in de hoofdzaak gaat over vermeende merkinbreuk door Pure Handling op verschillende Unie- en Benelux-merken van Hennessy c.s. voor onder meer alcoholische drank en op daaruit voortvloeiende vorderingen tot niet-inbreuk, schadevergoeding, winstafdracht en nevenvorderingen. Pure Handling wil LB11 mede-gedaagde in de hoofdzaak en anonieme contractspartijen van Pure Handling in vrijwaring oproepen. Er was geen beletsel voor Pure Handling om dit incident eerder op te werpen, zodat het er alle schijn van heeft dat deze gang van zaken uitsluitend bedoeld is om de hoofdzaak te vertragen. Anders dan Pure Handling aanvoert, kan Hennessy c.s. in dit geval niet worden verweten dat zij de zaak vertraagt door verweer te voeren in dit incident, nu Pure Handling vordert om een onbepaald aantal anonieme waarborgen in vrijwaring op te roepen. De door Pure Handling gekozen strategie om pas bij conclusie van antwoord, ruim twee jaar na het uitbrengen van de dagvaarding, dit incident op te werpen, komt voor haar risico. De eisen van een doelmatige procesvoering brengen in het onderhavige geval mee dat de vordering om LB 11 in vrijwaring op te roepen, moet worden afgewezen.

IEF 18463

Vrijwaring in incidententrein afgewezen

Rechtbank Den Haag 15 mei 2019, IEF 18463; (Bacardi tegen Pure Handling), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vrijwaring-in-incidententrein-afgewezen

Rechtbank Den Haag 15 mei 2019, IEF 18463; (Bacardi tegen Pure Handling) Eiseres is Bacardi c.s., houdster en licentiehoudster van Uniemerken en Benelux-merken voor onder meer alcoholhoudende dranken. Gedaagde en eiseres in het vrijwaringsincident is Pure Handling. Het belang van Bacardi c.s. bij voortzetting van de hoofdzaak zonder verdere vertraging door (vrijwarings-)incidenten dient in dit geval te prevaleren boven het belang van Pure Handling bij het oproepen van LB 11 in vrijwaring [IEF 17251]. Toestaan van de vrijwaring zou meebrengen dat de hoofdzaak mogelijk onredelijk (verder) wordt vertraagd en gecompliceerd. Dat Pure Handling zo lang heeft gewacht met het opwerpen van dit incident valt moeilijk te rijmen met het door haar ter zitting nogmaals benadrukte ‘grote belang’. Gelet op de wederzijdse belangen van partijen en de eisen van een doelmatige procesvoering wordt de vordering van Pure Handling tot oproeping van LBI 1 in vrijwaring dan ook afgewezen.

IEF 18462

Stier in tweede Rodeo-merk springt, anders dan in eerste merk, niet in het oog

14 mei 2019, IEF 18462; (Service-Bund tegen Rodeo), http://www.ie-forum.nl/artikelen/stier-in-tweede-rodeo-merk-springt-anders-dan-in-eerste-merk-niet-in-het-oog

Hof Den Bosch 14 mei 2019, IEF 18462; (Service-Bund tegen Rodeo) Merkenrecht. Service Bund is een verband van toeleveranciers van levensmiddelen in de horeca en houder van het internationale woordmerk 'Rodeo'. Rodeo expoiteert een franchiseformule voor restaurants in Nederland en België. Rodeo is houder van Benelux woord- en beeldmerken  'Saloon Restaurant Rodeo' en 'Rodeo Latin American Grill Restaurant'.  Rodeo biedt daarnaast op haar menukaart verschillende gerechten aan onder de naam 'Rodeo' en heeft de website: www.restaurant-rodeo.nl. Verzet van Service-Bund was niet mogelijk aangezien 2e merk beschouwd werd als gebruik van het 1e merk in afwijkende vorm [IEF 16931]. Alleen grief 1 slaagt nu deels, maar kan niet tot vernietiging van het bestreden vonnis leiden omdat de vorderingen van Service-Bund hoe dan ook niet toewijsbaar zijn.

IEF 18457

Achterdocht heeft onvoldoende basis in concrete en onderbouwde feiten

Hof Arnhem-Leeuwarden 19 feb 2019, IEF 18457; ECLI:NL:GHARL:2019:1595 (Op elkaar lijkende dorpels), http://www.ie-forum.nl/artikelen/achterdocht-heeft-onvoldoende-basis-in-concrete-en-onderbouwde-feiten

Hof Arnhem - Leeuwarden 19 februari 2019, IEF 18457, IT 2776; ECLI:NL:GHARL:2019:1595 (Op elkaar lijkende dorpels) Bewijsbeslag. Slaafse nabootsing. Vordering tot inzage in selectie van beslagen documenten en bescheiden. Appellant stelt dat haar voormalig werknemer bedrijfsinformatie over de dorpelmarkt (boven- en onderkant van kozijnen), tekeningen of prijsstellingen ter beschikking heeft gesteld. De omstandigheid dat de nieuwe dorpels op elkaar lijken en dat geïntimeerden hun producten (aanvankelijk) ook dezelfde productaanduiding hebben gegeven, is onvoldoende aanwijzing om aannemelijk te achten dat er onrechtmatig is gehandeld. Deze en andere omstandigheden hebben achterdochtig gemaakt, maar deze achterdocht heeft een onvoldoende basis in concrete en onderbouwde feiten. Er is onvoldoende aannemelijk maken dat er is tekort geschoten of onrechtmatig is gehandeld.

IEF 18461

NRC mag naam hoogleraar UvA niet publiceren nu dit niet bijdraagt aan #MeToo debat

Rechtbanken 13 mei 2019, IEF 18461; ECLI:NL:RBAMS:2019:3451 (X tegen NRC Media), http://www.ie-forum.nl/artikelen/nrc-mag-naam-hoogleraar-uva-niet-publiceren-nu-dit-niet-bijdraagt-aan-metoo-debat

Rechtbank Amsterdam 13 mei 2019, IEF 18461; IT 2778, ECLI:NL:RBAMS:2019:3451 (X tegen NRC Media) Privacyrecht. Mediarecht. Eiser is hoogleraar geweest aan de rechtenfaculteit van de Universiteit van Amsterdam. Wegens een onderzoeksrapport waarin hem grensoverschrijdend gedrag wordt verweten besluit hij ontslag te nemen. Hierover was NRC van plan een artikel te publiceren. Eiser stelt dat dit artikel onrechtmatig is, omdat het onvoldoende steun vindt in het feitenmateriaal. Hierna moeten dus het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer tegen elkaar worden afgewogen. Het artikel draagt bij aan het publieke debat. Daarnaast is eiser een publieke figuur. Ook is zijn voorgespiegelde gedrag zodanig geweest dat hieraan het waardeoordeel ‘grensoverschrijdend gedrag’ mag worden verbonden. Echter is hier onvoldoende bewijs voor, en zal een dergelijke publicatie grote gevolgen hebben. Ook zal het noemen van de naam van eiser niets bijdragen aan het publieke debat. Derhalve wordt NRC Media verboden de voor- en/of achternaam van eiser te noemen, en veroordeeld in de proceskosten.

IEF 18458

HvJ EU: Gebruik van tekens die een voorstelling van de aan de BOB verbonden regio kunnen oproepen, kan onrechtmatig zijn

HvJ EU 2 mei 2019, IEF 18458; ECLI:EU:C:2019:344 (Queso manchego), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-gebruik-van-tekens-die-een-voorstelling-van-de-aan-de-bob-verbonden-regio-kunnen-oproepen-kan

HvJ EU 2 mei 2019, IEF 18458; IEFbe 2882; RB 3313; C-614/17; ECLI:EU:C:2019:344 ((Queso manchego) Gebruik van tekens die een voorstelling van de aan de beschermde oorsprongsbenaming (BOB) verbonden regio kunnen oproepen – Begrip ‚normaal geïnformeerde en redelijk oplettende gemiddelde consument’ – Europese consumenten of consumenten van de lidstaat waar het product met de BOB wordt vervaardigd en hoofdzakelijk wordt geconsumeerd. Gebruik van een beeldmerk dat een beeld oproept van het geografisch gebied waarmee een BGA is geassocieerd kan onrechtmatig zijn. HvJ EU:

1)      Artikel 13, lid 1, onder b), van verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad van 20 maart 2006 inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen moet aldus worden uitgelegd dat het gebruik van beeldtekens een voorstelling van een geregistreerde benaming kan oproepen.

IEF 18459

Inventarisatie documenten wodka-merken

Rechtbank Den Haag 8 mei 2019, IEF 18459; ECLI:NL:RBDHA:2019:4561 (FKP tegen Spirits), http://www.ie-forum.nl/artikelen/inventarisatie-documenten-wodka-merken

Rechtbank Den Haag 8 mei 2019, IEF 18459; ECLI:NL:RBDHA:2019:4561 (FKP tegen Spirits) FKP en Spirits zeggen rechthebbende te zijn op wodkamerken in een aantal landen. Zij wensen beide dat de door hen gestelde rechtstoestand als de werkelijke rechtstoestand wordt vastgesteld en stellen over en weer dat de ander inbreuk maakt op de merken [IEF 17916]. Zij vorderen dat de ander (verdere) merkinbreuk wordt verboden en wordt veroordeeld tot betaling van schadevergoeding. Partijen gaan inventariseren welke resterende documenten FKP dient te overleggen. Dit dient te geschieden binnen een termijn van zes maanden na betekening van dit vonnis. De rechtbank gelast een comparitie van partijen.

IEF 18460

VvA-studiemiddag 24 mei: DSM-auteursrechtrichtlijn

Zelden bracht het auteursrecht zoveel mensen op de been als bij de protesten tegen de Europese hervorming van het auteursrecht. ‘Link tax’ en ‘uploadfilters’ waren niet alleen voer voor lobbyisten, maar het onderwerp van een breed maatschappelijk debat. Nu de strijd is beslecht door het aannemen door het Europese Parlement van de Richtlijn inzake auteursrechten in de digitale eengemaakte markt zal de Vereniging voor Auteursrecht uitgebreid aandacht besteden aan de Richtlijn.
Tijdens de studiemiddag op 24 mei zal de richtlijn in de breedte worden behandeld, maar zullen ook twee veelbesproken onderwerpen worden uitgelicht in een debat. Gedurende het programma zullen de vele vragen die door de Richtlijn worden opgeroepen en de te verwachten ontwikkelingen uitgebreid aan bod komen.

IEF 18456

Registratie NEYMAR door derde partij die niet wist van de 'rising star in football', ongeldig

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 mei 2019, IEF 18456; ECLI:EU:T:2019:329 (Neymar), http://www.ie-forum.nl/artikelen/registratie-neymar-door-derde-partij-die-niet-wist-van-de-rising-star-in-football-ongeldig

Gerecht EU 14 mei 2019, IEF 18456; IEFbe 2881; T-795/17; ECLI:EU:T:2019:329 (NEYMAR) Merkenrecht. Het Gerecht EU bevestigd dat de registratie van het woordmerk NEYMAR door een derde partij ongeldig is. De aanvrager geeft toe dat hij wist van het bestaan van Mr. Da Silva Santos Júnior, maar niet wist dat de Braziliaanse voetballer een 'rising star in football' was wiens talent internationaal bekend was. Hij claimt dat dit nog niet in Europa bekend was. Het EUIPO bewijst dat er veel over hem was gepubliceerd tussen 2009 en 2012 met name in Frankrijk, Spanje en het Verenigd Koninkrijk.

IEF 18455

Beslissing tot afstand van recht op royalty’s moet in redelijkheid worden genomen

Rechtbanken 20 mrt 2019, IEF 18455; ECLI:NL:RBROT:2019:3142 (Hoogleraar tegen Erasmus MC), http://www.ie-forum.nl/artikelen/beslissing-tot-afstand-van-recht-op-royalty-s-moet-in-redelijkheid-worden-genomen

Rechtbank Rotterdam 20 maart 2019, IEF 18455, LS&R 1708; ECLI:NL:RBROT:2019:3142 (Hoogleraar tegen Erasmus MC) Beginsel van formele rechtskracht. Octrooirecht. Geschil tussen hoogleraar en werkgever/ziekenhuis. Eiser, hoogleraar, meent dat Erasmus MC zo lichtzinnig met zijn belangen is omgegaan dat dit jegens hem een onrechtmatige daad oplevert. Hij verwijt Erasmus MC onder andere dat zij, zonder zijn toestemming, in de schikking met bedrijf Biotempt afstand heeft gedaan van haar rechten.
Erasmus MC voert aan dat het een non-profit onderzoeksinstituut is dat in de eerste plaats tot doel heeft om kennis beschikbaar te maken aan de maatschappij. Het verstrekken van licenties aan de industrie is een middel, geen doel. Daarbij is uitgangspunt dat als een dossier niet binnen afzienbare tijd tot inkomsten leidt, het dan niet verantwoord is om hier verder in te investeren. Ook tegenover de uitvinder is Erasmus MC niet verplicht om het octrooi tot het einde der dagen aan te houden. Beoordeeld dient te worden of Erasmus MC in de gegeven omstandigheden in redelijkheid de beslissing heeft kunnen nemen om afstand van haar recht op royalty’s te doen. De zaak wordt verwezen naar de rol.

IEF 18454

AG: niet ieder gebruik van beschermde zuivelbenaming in ‘aanduiding’ is verboden

Hoge Raad 12 apr 2019, IEF 18454; ECLI:NL:PHR:2019:378 (Sojayoghurt), http://www.ie-forum.nl/artikelen/ag-niet-ieder-gebruik-van-beschermde-zuivelbenaming-in-aanduiding-is-verboden

Conclusie AG 12 april 2019, IEF 18454, IEFbe 2880, LS&R 1707, RB 3312; ECLI:NL:PHR:2019:378 (Sojayoghurt) Eiseres is de brancheorganisatie van de Nederlandse zuivelindustrie. Verweerster verzorgt op de Nederlandse markt de verkoop van de sojaproducten die onder het merk X worden verhandeld. Op 30 mei 2012 werd verweerster door de rechtbank Breda in kort geding veroordeeld om het gebruik van het woord yoghurt in publicaties en reclame-uitingen over haar product Mild & Creamy te staken. Het arrest van het hof betrof o.a. de vraag of verweerster door het gebruik van zuivelbenamingen onrechtmatig heeft gehandeld en haar sojaproducten op misleidende wijze heeft gepresenteerd. De AG concludeert onder andere dat de opgesomde zinsneden, bewoordingen, woordcombinatie e.d. sterk feitelijk van aard zijn. Daar kan het HvJEU weinig mee. Een verwijzing moet gaan over rechtsvragen. De belangrijkste rechtsvraag is of de opvatting van eiseres juist is: ieder gebruik van een beschermde zuivelbenaming in een ‘aanduiding’ op grond van punt 5 is verboden. Het antwoord op die vraag is ontkennend. Dat blijkt uit het systeem van de regeling en aangehaalde buitenlands uitspraken, waaronder die van het Brusselse Hof van Beroep. Nu hierover nauwelijks redelijke twijfel kan bestaan is, een verwijzing om die kwestie voor te leggen niet noodzakelijk.