IEF 19318

HvJ EU: Constantin Film Verleih tegen YouTube en Google

HvJ EU 9 jul 2020, IEF 19318; ECLI:EU:C:2020:542 (Constantin Film Verleih), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-constantin-film-verleih-tegen-youtube-en-google

HvJ EU 9 juli 2020, IEF 19318, IEFbe 3102, IT 3187; ECLI:EU:C:2020:542 (Constantin Film Verleih) Verzoek om een prejudiciële beslissing in het kader van een geding tussen Constantin Film Verleih GmbH, een in Duitsland gevestigde distributeur van films, enerzijds, en YouTube LLC en Google Inc., die zijn gevestigd in de Verenigde Staten, anderzijds, over de door Constantin Film Verleih van deze twee vennootschappen geëiste gegevens met betrekking tot de e-mailadressen, de IP-adressen en de mobiele telefoonnummers van gebruikers die inbreuk hebben gemaakt op haar intellectuele-eigendomsrechten. Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de uitlegging van artikel 8, lid 2, onder a), van richtlijn 2004/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten (PB 2004, L 157, blz. 45, met rectificatie in PB 2004, L 195, blz. 16), zie ook [IEF 18550] en [IEF 19173]
Er wordt geoordeeld dat wanneer een film illegaal is geüpload op een onlineplatform zoals YouTube, de rechthebbende krachtens de richtlijn betreffende de handhaving van intellectuele eigendomsrechten bij de exploitant uitsluitend het postadres van de betrokken gebruiker kan opvragen, maar niet zijn e-mailadres, IP-adres of telefoonnummer.
Zie ook het perscommuniqué van het HvJ EU.

IEF 19317

HvJ EU: advertentie laten plaatsen is geen gebruik teken

2 jul 2020, IEF 19317; ECLI:EU:C:2020:519 (mk advokaten tegen MBK Rechtsanwälte), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-advertentie-laten-plaatsen-is-geen-gebruik-teken

HvJ EU 2 juli 2020, IEF 19317, IEFbe 3101; ECLI:EU:C:2020:519 (mk advokaten tegen MBK Rechtsanwälte) Merkenrecht. Deze uitspraak betreft de uitlegging van artikel 5 lid 1 Richtlijn 2008/95/EG. Het verzoek om uitleg is ingediend naar aanleiding van een geding tussen mk advokaten en MBK Rechtsanwälte.
Het Oberlandesgericht Düsseldorf stelde de volgende vraag aan het Hof van Justitie: “Maakt een derde die wordt genoemd in een op een website gepubliceerde vermelding met daarin een teken dat gelijk is aan een merk, gebruik van dat merk in de zin van artikel 5 lid 1 Richtlijn 2008/95, wanneer deze vermelding niet door deze derde is geplaatst, maar door de beheerder van de website is overgenomen van een vermelding op een andere website die de derde had laten plaatsen op een wijze die inbreuk maakt op het merk?”
Het antwoord komt erop neer dat artikel 5 lid 1 Richtlijn 2008/95 zo moet worden uitgelegd dat een persoon die actief is in het economische verkeer en een advertentie op een website heeft laten plaatsen die inbreuk maakt op een merk van een derde, geen gebruik maakt van het teken dat gelijk is aan dat merk wanneer de beheerders van andere websites die advertentie overnemen door publicatie ervan, op eigen initiatief en in eigen naam, op die andere websites.

IEF 19316

deLex najaarsagenda 2020

Na dit uitzonderlijke voorjaar nemen we bij deLex even een pauze deze zomer. Maar op de achtergrond werken we door aan de voorbereidingen voor het nieuwe najaarsprogramma!
Ook dan kunt u weer actualiteitenlunches, webinars en congressen van ons verwachten.

Met actuele, interactieve programma’s en volop gelegenheid tot netwerken. Waar mogelijk organiseren we bijeenkomsten op locatie, waar nodig gaan we online.

De agenda voor nu:

  • Dinsdag 8 september: Nederlands Octrooicongres deel 2, Rosarium Amsterdam
  • Dinsdag 16 september: de nieuwe Franchisewet; een overzicht van de gevolgen
  • Dinsdag 6 oktober: Benelux Merkencongres deel 2, locatie in Amsterdam
  • Woensdag 18 november: Jurisprudentielunch Merken- Modellen- en Auteursrecht
  • Woensdag 2 december: Jurisprudentielunch Octrooirecht
  • Donderdag 10 december: Nationaal Reclamerechtcongres 2020, Hotel Jakarta Amsterdam

Het najaarsprogramma belooft nog meer, met het Nationaal Mediarechtcongres, een Kunst & IE maand, meer actualiteitenlunches, een Retailmiddag, en - in herhaling - een actualiteitenmiddag Entertainment & Muziek. Kijk voor meer informatie op onze www.delex.nl/shop/opleidingen of mail naar info@delex.nl

We treffen u graag weer in het najaar. Voor nu een fijne zomer toegewenst!


Met vriendelijke groet,

Het team van deLex Media

IEF 19315

Normaal gebruik bij gebruik in slechts één lidstaat

EUIPO - OHIM 12 mrt 2020, IEF 19315; (Worldwide Machinery tegen Scaip), http://www.ie-forum.nl/artikelen/normaal-gebruik-bij-gebruik-in-slechts-n-lidstaat

EUIPO 12 maart 2020, IEF 19315, IEFbe 3099; 28 762 C (Worldwide Machinery tegen Scaip) Merkenrecht. De rechten van Scaip, houder van Uniemerk 11 385 33, worden gedeeltelijk ingetrokken, omdat in een periode van vijf jaar met betrekking tot sommige betwiste goederen geen sprake was van normaal gebruik en er geen redenen waren voor niet-gebruik. Normaal gebruik vereist daadwerkelijk gebruik op de markt van de geregistreerde waren en diensten. Bij deze beoordeling wordt rekening gehouden met alle relevante factoren, tussen deze factoren is een zekere afhankelijkheid. Met betrekking tot sommige betwiste goederen is wel aangetoond dat het Uniemerk in de relevante periode op het relevante grondgebied in voldoende mate is gebruikt. Opvallend is dat normaal gebruik in deze zaak wordt aangenomen bij gebruik van het Uniemerk in slechts één lidstaat. Bij deze beoordeling wordt ook een door partijen overeengekomen geografische beperking meegenomen.

IEF 19314

HvJ EU: uitleg verordening voor aanvullende beschermingscertificaten

HvJ EU 9 jul 2020, IEF 19314; ECLI:EU:C:2020:53 (Santen), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-uitleg-verordening-voor-aanvullende-beschermingscertificaten

HvJ EU 9 juli 2020, IEF 19314, LS&R 1840, IEFbe 3097; ECLI:EU:C:2020:531 (Santen) Artikel 3 d), van Verordening (EG) 469/2009 moet als volgt worden uitgelegd: een handelsvergunning kan niet worden beschouwd als de eerste handelsvergunning in de zin van deze bepaling, wanneer deze betrekking heeft op een nieuwe therapeutische toepassing van een actief ingrediënt of een combinatie van actieve ingrediënten, waarvoor al een handelsvergunning is verleend voor een andere therapeutische toepassing.
Het is voor de 2e keer in de geschiedenis - de eerste keer was C-121/17 [IEF 17872] - dat het Hof als Grand Chamber een uitspraak deed over de ABC-Verordening. De reden daarvoor was de spanning die bestond tussen een aantal uitspraken aan het begin van de eeuw en de beruchte uitspraak in de zaak Neurim in 2012. Het Hof neemt nu expliciet afstand van de redenatie in Neurim.

IEF 19313

Inzet van dwanglicenties voor geneesmiddelen - wordt er een probleem opgelost?

Op 2 juli 2020 heeft Minister Wiebes het rapport “Persoonlijke beschouwing over de inzet van de dwanglicenties bij hoge prijzen van medicijnen” van de heer A. de Jong, ambtenaar bij de Algemene Bestuursdienst, aan de Tweede Kamer gestuurd. Het rapport zelf is van 16 juni. Eigenlijk was het de bedoeling dat er een rapport zou komen van een Commissie Dwanglicenties, maar door interne onenigheid is het niet gelukt een gezamenlijk rapport te formuleren. De commissie bestond uit de heer De Jong (voorzitter), prof. Anselm Kamperman Sanders (hoogleraar intellectuele eigendom aan Maastricht University), prof. Bert Leufkens (hoogleraar farmaceutische wetenschappen aan Utrecht University en voormalig voorzitter van het College ter beoordeling van Geneesmiddelen), mr. Ellen ’t Hoen (onderzoeker bij het Universitair Medisch Centrum Groningen), Harrold van Barlingen (investeerder in life science bedrijven) en dr. Marcel Canoy (zorgenoom aan de Erasmus Universiteit Rotterdam). Naar het schijnt is in de commissie onenigheid ontstaan, waardoor het niet tot een rapport van de gehele commissie is gekomen. Kennelijk was het niet de bedoeling om de sector waar het over gaat bij het advies te betrekken.

Lees hier het gehele artikel van Wouter Pors.

IEF 19311

Schikkingsovereenkomst nietig als gevolg van nietigheid octrooi?

12 jun 2020, IEF 19311; ECLI:NL:PHR:2020:767 (Eiser tegen Jet Set c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/schikkingsovereenkomst-nietig-als-gevolg-van-nietigheid-octrooi

Parket bij de HR 12 juni 2020, IEF 19311; ECLI:NL:PHR:2020:767 (Eiser tegen Jet Set c.s.) Mededingingsrecht. Octrooirecht. Het Hof heeft de stelling van eiser verworpen dat - nu het Nederlandse deel van EP 630 is vernietigd en deze vernietiging terugwerkende kracht heeft - de met hem getroffen schikkingsregeling de mededinging (heeft) beperkt en daarom nietig is op grond van artikel 101 VWEU en artikel 6 Mededingingswet. Op het moment van het aangaan van de schikkingsovereenkomst gingen alle partijen uit van geldigheid van EP 630. Bij geldigheid van het octrooi bestond voor de schikkingsregeling onbetwist een (mededingingsrechtelijke) rechtvaardiging uit hoofde van bescherming van een industrieel eigendomsrecht, zodat die regeling niet de strekking had om de mededinging te beperken. Hiertegen ging eiser in cassatie. In deze conclusie gaat het om de vraag of de nietigverklaring van een octrooi tot gevolg heeft dat een voor de duur van het geding gesloten schikkingsovereenkomst nietig is wegens strijd met artikel 6 Mededingingswet. Het standaardarrest van de Hoge Raad over onrechtmatige handhaving van octrooien is het arrest CFS Bakel/Stork Titan. Hierin bevestigde de Hoge Raad de “nee, tenzij”-benadering: het handhaven van een octrooi dat later wordt vernietigd is niet (achteraf gezien) onrechtmatig, tenzij de octrooihouder diende te beseffen dat er een serieuze kans bestond dat het octrooi geen stand zou houden. De A-G overweegt dat alle middelenonderdelen falen en dat het cassatieberoep derhalve verworpen moet worden.

IEF 19309

Uitzending 'Undercover in Nederland' niet onrechtmatig jegens imam

Hof Amsterdam 9 jun 2020, IEF 19309; (Imam tegen SBS), http://www.ie-forum.nl/artikelen/uitzending-undercover-in-nederland-niet-onrechtmatig-jegens-imam

Hof Amsterdam 9 juni 2020, IEF 19309, C/13/635267 (Imam tegen SBS) SBS is een omroeporganisatie. Op haar televisiezender SBS6 zendt zij het programma 'Undercover in Nederland' uit. Op 9 oktober 2016 zond SBS6 een aflevering uit die aan illegale polygamehuwelijken was gewijd. Insteek was de aanname dat imams in Nederland dergelijke huwelijken ondanks het verbod toch inzegenen. Centrale vraag in dit geding is of de uitzending waarin appellant met gebruikmaking van met een verborgen camera gemaakte opname herkenbaar in beeld is gebracht als een imam die zijn medewerking verleende aan het sluiten van illegale polygame huwelijken, onrechtmatig is jegens hem. De vorderingen van appellant zijn ook in hoger beroep niet toewijsbaar. De uitzending is niet onrechtmatig jegens appellant. Het belang van SBS bij uitoefening van haar recht op vrijheid van meningsuiting dient in dit geval te prevaleren boven het belang van appellant bij bescherming van zijn recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer. Niet alleen is sprake van een maatschappelijke misstand die SBS terecht aan de orde stelt, maar ook vindt de beschuldiging voldoende steun in het feitenmateriaal.      
      ·

 

IEF 19310

Schadevergoeding voor schade door executie kort geding

Rechtbank Rotterdam 10 jun 2020, IEF 19310; ECLI:NL:RBROT:2020:5569 (Schadevergoeding voor schade door executie kort geding), http://www.ie-forum.nl/artikelen/schadevergoeding-voor-schade-door-executie-kort-geding

Rechtbank Rotterdam 10 juni 2020, IEF 19310; ECLI:NL:RBROT:2020:5569 (Coffema tegen Deac) Merkenrecht. Deac handelt in koffie met het Benelux-woordmerk CAFEMA. Coffema verhandelt in Nederland koffiemachines voor de horeca en onderhouds- en reinigingsmiddelen voor die machines. In kort geding is Coffema veroordeeld om het gebruik van de naam Coffema te staken en gestaakt te houden, maar dit hield in de bodemprocedure geen stand. Omdat er geen sprake was van soortgelijke waren, moest het verzoek tot staking van het gebruik van de naam Coffema afgewezen worden. In deze zaak vordert Coffema schadevergoeding voor de schade die zij heeft geleden door de uitvoering van het vonnis in kort geding, omdat achteraf in de bodemprocedure bleek dat Deac onrechtmatig handelde door van Coffema te vergen het gebruik van de naam Coffema te staken. De rechtbank wijst een deel van de gevorderde kosten af, omdat sommige kostenposten onvoldoende zijn onderbouwd en omdat Coffema niet aan haar schadebeperkingsplicht heeft voldaan.

IEF 19308

Cassatie Stokke op grond van artikel 81 RO afgewezen

Hoge Raad 3 jul 2020, IEF 19308; ECLI:NL:HR:2020:1221 (Stokke tegen Hauck), http://www.ie-forum.nl/artikelen/cassatie-stokke-op-grond-van-artikel-81-ro-afgewezen

HR 3 juli 2020, IEF 19308; ECLI:NL:HR:2020:1221 (Stokke tegen Hauck) De cassatie van Stokke tegen het arrest van het hof Amsterdam van 5 februari 2019 wordt op grond van artikel 81 RO afgewezen. Zie ook de Conclusie A-G [IEF 19151]. Daarmee staat vast dat het vormmerk voor de Tripp Trapp terecht nietig is verklaard onder toepassing van de weigeringsgrond van artikel 3 (1) sub e (i) Merkenrichtlijn (aard van de waar). Dit teken bestaat uitsluitend uit de vorm van een kinderstoel, met wezenlijke gebruikskenmerken die inherent zijn aan de generieke functies van de kinderstoel en waarnaar de consument mogelijkerwijs in de waren van concurrenten zoekt, dus een vorm die door de aard van de waar wordt bepaald als bedoeld in artikel 2.1 (2) BVIE.

IEF 19307

Onvoldoende gesteld voor auteursrechtinbreuk naar buitenlands recht

Rechtbank Oost-Brabant 29 jun 2020, IEF 19307; ECLI:NL:RBOBR:2020:3280 (Basarsoft tegen Here International), http://www.ie-forum.nl/artikelen/onvoldoende-gesteld-voor-auteursrechtinbreuk-naar-buitenlands-recht

Vzr. Rechtbank Oost-Brabant 29 juni 2020, IEF 19307; ECLI:NL:RBOBR:2020:3280 (Basarsoft tegen Here International) Auteursrecht. Kort geding. Basarsoft houdt zich bezig met het vastleggen van geografische gegevens in kaarten. Here International houdt zich bezig met het produceren, het licentie nemen en geven en verder verspreiden van geografische locatiegegevens. Basarsoft stelt dat Here International inbreuk maakt op haar auteursrechten, omdat Here International de fictieve straatnamen die Basarsoft als 'traps' in haar kaarten inbouwt, gebruikt op haar navigatiekaarten. Omdat op dit geschil Turks recht van toepassing is, mag van Basarsoft worden verwacht - des te meer omdat het gaat om een kort geding waar eigenlijk geen ruimte is voor diepgravend onderzoek - dat zij voldoende stelt om aan te kunnen nemen dat er sprake is van een inbreuk naar Turks recht. Hierin is Basarsoft tekortgeschoten. Uit de omstandigheid dat traps van Basarsoft opduiken in kaartmateriaal van Here International, kan niet worden afgeleid dat het gebruikte kaartmateriaal auteursrechtelijk beschermd is noch dat Basarsoft daarvan rechthebbende is. De fictieve namen die als traps worden gebruikt, kunnen dan ook niet zelfstandig bijdragen aan het halen van de originaliteitsdrempel, maar zijn niet meer dan een hulpmiddel ter bescherming van auteursrechtelijk beschermd werk waar zij deel van uitmaken. Derhalve kan de inbreukvraag niet in kort geding worden beantwoord en worden de vorderingen van Basarsoft afgewezen.

IEF 19306

Monstermateriaal en testgegevens inbrengen in inbreukprocedures

Rechtbank Den Haag 19 jun 2020, IEF 19306; ECLI:NL:RBDHA:2020:5687 (Rhodia tegen Neo ), http://www.ie-forum.nl/artikelen/monstermateriaal-en-testgegevens-inbrengen-in-inbreukprocedures

Vzr. Rechtbank Den Haag 19 juni 2020, IEF 19306; ECLI:NL:RBDHA:2020:5687 (Rhodia tegen Neo) Kort geding. Octrooirecht. Neo c.s. moet gedogen dat Rhodia c.s. monstermateriaal en testgegevens inbrengt in Duitse octrooirechtelijke inbreukprocedures. Er wordt voldaan aan de vereisten van art. 843a lid 1 Rv en derhalve heeft Rhodia c.s. een rechtmatig belang bij de inbreng van monstermateriaal en testgegevens. Een groot deel van de vorderingen van Rhodia c.s. wordt dan ook toegewezen.

IEF 19305

Advertentie via Google AdWords niet misleidend

Rechtbank Limburg 10 jun 2020, IEF 19305; ECLI:NL:RBLIM:2020:4150 (Eiser tegen Hesi), http://www.ie-forum.nl/artikelen/advertentie-via-google-adwords-niet-misleidend

Vzr. Rechtbank Limburg 10 juni 2020, IEF 19305, IT 3178; ECLI:NL:RBLIM:2020:4150 (Eiser tegen Hesi) Kort geding. Eiser heeft een eenmanszaak in technische installaties, waaronder luchtbehandelingsapparatuur. De onderneming draagt de handelsnaam [handelsnaam]. Hesi heeft een installatiebedrijf op het gebied van verwarming en luchtbehandeling. Zij voert de handelsnamen Hesi B.V. en Hesi Verhuur Limburg. Eiser stelt dat Hesi via Google AdWords adverteert op internet en daarbij gebruik maakt van de naam en vestigingsplaats van haar onderneming. Indien men in Google deze zoektermen intypt, verschijnt volgens eiser bovenaan de pagina de advertentie van Hesi. Volgens eiser klikken klanten door de misleidende advertentie van Hesi onbewust op deze advertentie.

IEF 19304

Verzoek wijziging vervaldatum kwekersrecht afgewezen

Gerecht EU (voorheen GvEA) 25 jun 2020, IEF 19304; ECLI:EU:T:2020:289 (Siberia Oriental tegen CPVO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verzoek-wijziging-vervaldatum-kwekersrecht-afgewezen

Gerecht EU (zesde kamer) 25 juni 2020, IEF 19304, IEFbe 3094; ECLI:EU:T:2020:289 (Siberia Oriental tegen CPVO) Kwekersrecht. Siberia Oriental verzoekt het Communautair Bureau voor Plantenrassen (CPVO) om wijziging van de vervaldatum van haar communautaire kwekersrecht voor het ras Siberia (van de soort Lilium L.), omdat zij meent dat het CPVO de beschermingstermijn verkeerd heeft berekend. Het CPVO verklaart dit verzoek niet-ontvankelijk, omdat de termijn om beroep in te stellen reeds was verstreken en omdat er geen rechtsgrondslag bestond voor een wijziging. Verzoekster gaat in beroep bij de kamer van beroep van het CPVO, die het beroep eveneens niet-ontvankelijk verklaart. Siberia Oriental verzoekt daarop het Gerecht de beslissing van de kamer van beroep te vernietigen en het CPVO te gelasten de vervaldatum te wijzigen. Deze tweede vordering is niet-ontvankelijk, want het Gerecht kan volgens vaste rechtspraak geen bevelen richten tot het CPVO. Het CPVO moet zelf consequenties verbinden aan het dictum van het Gerecht. Daarnaast moet elk verzoekschrift een summiere uiteenzetting van de aangevoerde middelen inhouden. Derhalve zijn verzoeksters algemene verwijzingen naar de beweringen en memories die zij in de procedure voor de kamer van beroep van het CPVO heeft gedaan en ingediend, niet-ontvankelijk. Een verzoek tot heronderzoek van een beslissing die niet binnen de gestelde termijn is bestreden kan enkel worden gerechtvaardigd door nieuwe belangrijke feiten. Verzoekster beroept zich niet op dergelijke wezenlijke nieuwe feiten, dus haar verzoek tot wijziging van de vervaldatum wordt niet gestaafd.

IEF 19302

Wijnvervalsing in China

Een handelaar die op een handelsbeurs in China onechte Bordeaux-wijnen verkocht, is schuldig bevonden en heeft volgens de CIVB, de wijnraad van Bordeaux, een gerechtelijke gevangenisstraf van achttien maanden opgelegd gekregen door de rechtbank van Pudong in Shanghai. De rechtbank noemde de veroordeling een belangrijke mijlpaal in een strijd van tien jaar tegen vervalsingen.

Lees hier verder.

IEF 19303

Oneerlijke handelspraktijken en slechtmaking in voedingsmiddelenindustrie

Belgische gerechten 9 apr 2020, IEF 19303; (Halal bouillonblokjes), http://www.ie-forum.nl/artikelen/oneerlijke-handelspraktijken-en-slechtmaking-in-voedingsmiddelenindustrie

Nederlandstalige Ondernemingsrechtbank Brussel 9 april 2020, IEF 19303, IEFbe 3093; A/19/00514 (Halal bouillonblokjes) Unilever produceert halal bouillonblokjes van het merk Knorr. Dit product wordt in de regel door Casa Foods verdeeld op de Europese markt. Tussen juni en september 2018 kocht ook Mondial Negoce deze bouillonblokjes bij Unilever en verkocht ze door aan MNS, die ze verdeelde in België. Casa Foods stelt dat op een grootverpakking een sticker over haar naam is geplakt waar op staat dat MNS de producten verdeelt in België. Casa Food stelt dat Mondial Negoce en MNS zich schuldig maken aan oneerlijke handelspraktijken, handelsnaaminbreuk en aan derde-medeplichtigheid omdat zij zouden meewerken aan een schending van haar distributieovereenkomst met Unilever Maghreb. Er is sprake van een schending van Verordening 1169/2011, omdat MNS producten in de handel aanbiedt waarop noch de naam van Mondial Negoce noch de naam van Casa Food vermeld zijn. Ook de tegenvordering van Mondial Negoce en MNS is gegrond. Door afnemers van Mondial Negoce en MNS berichten te sturen die afbreuk doen aan hun reputatie, maakt Casa Food zich schuldig aan slechtmaking.

IEF 19301

Wijziging domeinnaamhouder door identiek gebruik van merknaam

WIPO 18 jun 2020, IEF 19301; (KvK tegen Spain Build, Vliet B.V. en Dragos Dragi), http://www.ie-forum.nl/artikelen/wijziging-domeinnaamhouder-door-identiek-gebruik-van-merknaam

WIPO 18 juni 2020, IEF 19301, IEFbe 3092; DNL2020-0017 (KvK tegen Spain Build, Vliet B.V. en Dragos Dragi) Merkenrecht. Verweerders gebruiken domeinnamen met daarin hetzelfde merk als dat van de Kamer van Koophandel (kvk-uittreksel.nl, kvk-uittreksels.nl en uittreksels-kvk.nl), gelinkt aan websites waarop identieke, dan wel soortgelijke diensten worden aangeboden. Hierdoor ontstaat verwarringsgevaar. Het publiek zou ten onrechte kunnen denken dat de websites gelieerd zijn aan of worden beheer door de Kamer van Koophandel en dat de uittreksels die worden verstrekt afkomstig zijn van de Kamer van Koophandel. Daarnaast hebben verweerders geen recht op of legitiem belang bij de domeinnamen. Tot slot hebben verweerders de domeinnamen te kwader trouw geregistreerd en gebruikt, omdat zij de domeinnamen gebruikten om commercieel voordeel te behalen. De Geschillenbeslechter beveelt derhalve wijziging van de domeinnaamhouder van de domeinnamen, zodat de Kamer van Koophandel domeinnaamhouder van kvk-uittreksel.nl, kvk-uittreksels.nl en uittreksels-kvk.nl wordt. 

IEF 19300

Europees bureau onderzoekt COVID-19 gerelateerde namaakproducten

Het Europees Bureau voor Fraudebestrijding OLAF is in maart een onderzoek gestart naar de invoer van COVID-19 gerelateerde namaakproducten. Sinds de corona-uitbraak is er een enorme vraag naar mondkapjes, testkits, maskers en ontsmettingsmiddelen. Deze wereldwijde vraag heeft geleid tot de productie van en illegale handel in COVID-19 gerelateerde namaakproducten die bescherming zouden bieden tegen het virus. Deze namaakproducten voldoen vaak echter niet aan de veiligheidsvoorschriften die gelden voor sommige productcategorieën en vormen zo juist een potentiële bedreiging voor de gezondheid van de gebruiker. OLAF en de Douane werken samen om te voorkomen dat deze gevaarlijke namaakproducten de EU binnenkomen. Inmiddels zijn al ruim 340 bedrijven geïdentificeerd die - al dan niet als tussenpersoon - handelen in COVID-19 gerelateerde namaakproducten. Behalve dat deze producten een potentiële bedreiging vormen voor de gezondheid van de gebruiker, kan er door de import van namaakproducten inbreuk gemaakt worden op intellectuele eigendomsrechten van anderen.

IEF 19299

Conclusie A-G Van Peursem in octrooicassatie Asetek/Cooler Master

Hoge Raad , IEF 19299; (Asetek tegen Cooler Master), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-a-g-van-peursem-in-octrooicassatie-asetek-cooler-master

HR conclusie A-G 26 juni 2020, IEF 19299; 19/03825 (Asetek tegen Cooler Master) Asetek is houdster van Europees octrooi EP 771 voor een vloeistofkoelsysteem voor computerprocessors. Zij heeft dit octrooi op 8 november 2004 aangevraagd met een beroep op prioriteit van de Amerikaanse octrooiaanvraag US 924 van 7 november 2003. Asetek vordert Cooler Master te verbieden inbreuk te maken op het Nederlandse deel van EP 771. Cooler Master vordert in reconventie vernietiging van dit octrooi. De rechtbank honoreert het betoog van Cooler Master dat Asetek geen prioriteit kan ontlenen aan US 924 en dat EP 771 niet nieuw is ten opzichte van het op 7 april 2004 gepubliceerde gebruiksmodel “Lin”, [IEF 17115] en [IEF 17312].