IEF 15309

De weergave van dit artikel is misschien niet optimaal, omdat deze is overgenomen uit onze oudere databank.

Vijf weken tevoren berichten over voornemen inroepen ander octrooi

Vzr. Rechtbank Noord Holland 23 september 2015, IEF 15309 (Teva tegen Astrazeneca)
Contractenrecht. Octrooirecht. Beslag. Astrazeneca, houdster van EP1289506B1, stelt dat Teva met de verkoop van een astma-inhalator DuoResp Spiromax 160μg/4,5μg en 320μg/9μg inbreuk maakt en er is beslag gelegd. Tijdens een eerder kort geding hebben partijen afspraken gemaakt, waarin is opgenomen dat Astrazeneca vijf weken van te voren schriftelijk bericht indien ze een ander octrooi dan EP1085877 B1 wil inroepen tegen de DuoResp Spiromax 320μg/9μg. Het conservatoire bewijsbeslag wordt opgeheven en de voorzieningenrechter gebiedt Astrazeneca om vijf weken voorafgaand aan het inroepen in Nederland van een ander octrooi tegen de DuoResp Spiromax de procesadvocaat over dat voornemen te berichten op straffe van een dwangsom van €100.000 per keer.

4.3. De beperkte uitleg die Astrazeneca geeft aan de onder 2.1.5 weergegeven afspraken tussen partijen kan vooralsnog niet worden gevolgd. Door verlof te vragen voor bewijsbeslag op grond van de stelling dat DuoResp Spiromax 320 vermoedelijk inbreuk maakt op EP 506 met het doel bewijs van die inbreuk te verkrijgen wordt dat octrooi in strijd met de afspraken tegen Teva ingeroepen zonder voorafgaande waarschuwing. Astrazeneca handelt aldus in strijd met haar verplichtingen jegens Teva.

4.6. Dat geldt ook voor zover het bewijsbeslag het productieproces van DuoResp Spiromax 160 zou moeten betreffen omdat DuoResp Spiromax 160 en DuoResp Spiromax 320, naar Astrazeneca stelt, volgens hetzelfde productieproces worden gemaakt en de inbreuk in het verzoekschrift voornamelijk is onderbouwd aan de hand van de resultaten van onderzoek naar de eigenschappen van DuoResp Spiromax 320. De betwisting van Teva van de inbreuk zou dus evengoed betrekking hebben op DuoResp Spiromax 160.