IEF 17261

Opvragen bescheiden zonder enige beperking in onderwerp en periode is onvoldoende bepaald

Hof 's-Hertogenbosch 21 jun 2016, IEF 17261; ECLI:NL:GHSHE:2016:2477 (Fishing Expedition), http://www.ie-forum.nl/artikelen/opvragen-bescheiden-zonder-enige-beperking-in-onderwerp-en-periode-is-onvoldoende-bepaald

Hof 's-Hertogenbosch 21 juni 2016, IEF 17261; ECLI:NL:GHSHE:2016:2477 (Fishing Expedition). Uit de stellingen van geïntimeerde volgt niet genoegzaam waarom de gevraagde bescheiden, naast de al beschikbare bescheiden, voor de beoordeling van het geschil relevant zijn. Zo wordt overlegging gevraagd van beleidsnotities, correspondentie, notulen directie en RvT, jaarverslagen, plannen van aanpak, beoordelingen etcetera zonder enige beperking in onderwerp en periode (weken, maanden, jaren?). De verlangde bescheiden zijn onvoldoende bepaald.

IEF 17257

Mededeling bestrijding illegale online content: naar een grotere verantwoordelijkheid voor online platforms

Brief regering 3 november 2017, Mededeling bestrijding illegale online content, Kamerstukken II, 22 112, 2420. De mededeling formuleert richtsnoeren en uitgangspunten voor online platforms (als Facebook, Twitter, Google/Youtube) om – in samenwerking met nationale autoriteiten in lidstaten en andere relevante belanghebbenden – illegale online content tegen te gaan. Wat offline illegaal is, is dat ook online. Daarbij kan gedacht worden aan het verspreiden van jihadistisch gedachtengoed en aanzetten tot radicalisering, hate speech, pedopornografisch materiaal, het schenden van auteursrechten en het online aanbieden van illegale goederen als wapens en drugs. De mededeling richt zich op het faciliteren en intensiveren van de implementatie van succesvolle werkwijzen om illegale content te voorkomen, op te sporen, te verwijderen en de toegang ertoe onmogelijk te maken; tevens moet dat zorgen voor meer transparantie en bescherming van fundamentele rechten online

IEF 17259

Frank Rutgers en Ernst-Jan Louwers - Aansprakelijkheid van 3D printing platforms (na Pirate Bay-arrest)

[Zie het originele artikel hier]. Op 14 juni 2017 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ-EU) uitspraak gedaan in een zaak over The Pirate Bay (TPB). Stichting BREIN eiste dat de betreffende internetproviders TPB moeten blokkeren voor hun abonnees, omdat TPB faciliteert dat illegale bestanden worden gedeeld met het publiek. Tot nog toe was onduidelijk of The Pirate Bay zelf ook inbreuk maakt op auteursrechten. Het gevolg van het arrest van het HvJ-EU is dat dit het geval is. Deze uitspraak kan ook consequenties hebben voor andere online platforms waar creaties worden gedeeld, zoals 3D-printing platforms.

IEF 17258

Vanwege forumkeuzebeding is de Rechtbank Stuttgart exclusief bevoegd

Rechtbank Amsterdam 8 nov 2017, IEF 17258; ECLI:NL:RBAMS:2017:7391 (Daimler tegen Bsur), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vanwege-forumkeuzebeding-is-de-rechtbank-stuttgart-exclusief-bevoegd

Rechtbank Amsterdam 8 november 2017, IEF 17258; ECLI:NL:RBAMS:2017:7391 (Daimler tegen Bsur). Auteursrecht. Incident. Daimler hanteert in haar algemene voorwaarden een forumkeuze voor de rechtbank Stuttgart. Bsur stelt in de hoofdzaak, welke is aangebracht in Stuttgart, dat Daimler inbreuk maakt op haar auteursrecht. De rechtbank in Stuttgart heeft vastgesteld dat het forumkeuzebeding rechtsgeldig is overeengekomen en dat zij bevoegd is kennis te nemen van het geschil. Deze bevoegdheid is, gelet op het forumkeuzebeding, exclusief, dus de rechtbank Amsterdam zal zich onbevoegd verklaren.

IEF 17262

Dirk Visser en Simon Dack - Indirecte indirecte indirecte octrooiinbreuk, of beleidsmatig de juiste beslissing?

dirk visser simon dack

Dirk Visser: Als een nieuw medicijn wordt uitgevonden, kan de werkzame stof of samenstelling worden geoctrooieerd. Dan krijgt de octrooihouder een monopolie van twintig jaar op de productie en verkoop van die stof of samenstelling. Dat is het klassieke octrooi. Als de stof of samenstelling al bekend is, maar er wordt een nieuwe manier uitgevonden om die te produceren, kan op die werkwijze een octrooi worden verkregen. Dat was de eerste uitbreiding die een soort indirect octrooi in het leven riep. Als de stof of samenstelling én de werkwijze al bekend zijn, kan worden uitgevonden dat de stof of de werkwijze kan worden gebruikt voor de behandeling van een andere ziekte of in combinatie met een ander medicijn. Op die ‘tweede medische indicatie’ kan octrooi worden verkregen. Dat is de tweede uitbreiding die een soort indirect indirect octrooi in het leven riep.

IEF 17256

Bart van den Broek en Willem Hoyng spreken over...

bart van den broek, willem hoyng

Op 29 november a.s. vindt de jaarlijkse Octrooirechtjurisprudentielunch plaats. Bart van den Broek en Willem Hoyng spreken daar over FRAND (1), Swiss type claims (2), indirecte inbreuk en impliciete licenties (3), en overdracht van prioriteitsrecht (4), claims ex 843a/1019a Rv (5)en de baanbrekende beslissing UK Supreme Court inzake Eli Lilly/Actavis (6). U kunt zich hier opgeven.

IEF 17260

Voorwaardelijke cel- en taakstraf voor inbreuk op wielermerken

Rechtbank Overijssel 30 okt 2017, IEF 17260; ECLI:NL:RBOVE:2017:4030 (Vervalste fietsonderdelen), http://www.ie-forum.nl/artikelen/voorwaardelijke-cel-en-taakstraf-voor-inbreuk-op-wielermerken

Rechtbank Overijssel 30 oktober 2017, IEF 17260; ECLI:NL:RBOVE:2017:4030 (Vervalste fietsonderdelen). Een man voert vervalste fietsonderdelen in met de bedoeling om deze te verkopen. Het gaat om producten van bekende wielermerken als FFWD Fast Forward, Pinarello, Most, Dura Ace en Easton. De kwaliteit van de gebruikte materialen was ver beneden de kwaliteit van de originele producten. Het betreffen aldus waren waarop een merk, waarop een ander recht heeft, is nagebootst. De verklaring van verdachte dat hij niet op de hoogte was van de merkvervalsing wordt als ongeloofwaardig terzijde geschoven. Op basis van het bewijs wordt bewezen geacht dat verdachte wist dat hij met de door hem ingevoerde en voorhanden zijnde fietsonderdelen inbreuk maakte op merkenrechten.

IEF 17252

Dreiging dat H&M het gebruik van een twee-strepenteken hervat

Rechtbank Den Haag 8 nov 2017, IEF 17252; ECLI:NL:RBDHA:2017:12949 (Adidas tegen H&M), http://www.ie-forum.nl/artikelen/dreiging-dat-h-m-het-gebruik-van-een-twee-strepenteken-hervat
H&M Work Out Kleding

Rechtbank Den Haag 8 november 2017, IEF 17252; ECLI:NL:RBDHA:2017:12949 (Adidas tegen H&M). Adidas is houdster van het drie-strepenmerk. In 1997 is H&M fitnesskleding gaan verkopen met daarop twee parallel lopende verticale witte strepen, de Work Out-kleding. Hierop volgde een procedure met een lang verloop [o.a. IEF 15491 & IEF 16141], waarin uiteindelijk werd geoordeeld dat het twee-strepenmerk inbreuk maakt op het drie-strepenmerk. De toenmalige vorderingen waren ingesteld door Adidas Benelux, licentieneemster, welke geen zelfstandige verbodsactie toekomt. Het verbod wordt nu nogmaals gevorderd door Adidas AG. Er nog steeds sprake is van een dreiging van inbreuk, ondanks dat de vermeend inbreukmakende producten in 1997 op de markt kwamen. De rechtbank leidt uit die stellingen van H&M af dat zij meent dat het haar vrijstaat het twee-strepenteken te gebruiken. Daaruit volgt dat er nog steeds een dreiging is dat H&M het gebruik van een twee-strepenteken hervat. Het gevorderde verbod is niet in te algemene en ruime bewoordingen vervat en hoeft dus ook niet enkel op de Work Out-kleding te zien. Er is sprake van merkinbreuk ex art. 2.20 lid 1 aanhef sub b BVIE, het verbod wordt toegewezen.

IEF 17255

Geen synergetisch effect bij combinatieproduct van twee actieve stoffen

7 nov 2017, IEF 17255; (Leo Pharma tegen Sandoz), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-synergetisch-effect-bij-combinatieproduct-van-twee-actieve-stoffen

Hof Den Haag 7 november 2017, IEF 17255; LS&R 1535 (Leo Pharma tegen Sandoz) Octrooirecht. Zie eerder [IEF 15938]. Leo Pharma is een wereldwijd opererende geneesmiddelenproducent en houdster van octrooi EP 2 455 083, dat kort gezegd ziet op een niet-waterig topisch geneesmiddel met calcipotriol en betamethason als actieve stoffen. Sandoz is producent van generieke geneesmiddelen en heeft haar Calcipotriol/Betamethason combinatiegeneesmiddel in de G-standaard opgenomen. Sandoz beroept zich op nietigheid van het octrooi vanwege niet-inventiviteit. Naar voorlopig oordeel vloeit de in die conclusies geclaimde materie voor de gemiddelde vakman op voor de hand liggende wijze voort uit de stand van de techniek. De verschillen met de stand van de techniek zijn dat er sprake is van één combinatieproduct in plaats van een alternerende behandeling en het combinatieproduct is niet-waterig. De technische effecten van deze verschillen zijn vergrote therapietrouw. Op basis van algemene vakkennis komt de vakman eveneens uit op de geclaimde oplossing. Een, additief, synergetisch effect wordt niet plausibel geacht. Tevens hoeft de kortgedingrechter zich niet af te stemmen op de OD, nu er een gerede kans bestaat dat de TKB het octrooi zal herroepen.

IEF 17251

Verplicht tot zekerheidsstelling, uit niets blijkt dat Bacardi in Zwitserland gevestigd is

Rechtbank Den Haag 8 nov 2017, IEF 17251; (Bacardi tegen Pure Handling), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verplicht-tot-zekerheidsstelling-uit-niets-blijkt-dat-bacardi-in-zwitserland-gevestigd-is

Rechtbank Den Haag 8 november 2017, IEF 17251 (Bacardi tegen Pure Handling). Zekerheidsstelling. Pure Handling vordert zekerheidsstelling omtrent de proceskosten, mocht Bacardi daartoe worden veroordeeld, nu Bacardi aangeeft haar woon-/verblijfplaats in Zwitserland te hebben. Zoals de rechtbank in eerdere Bacardi-zaken heeft overwogen [IEF 15311 & IEF 16416] kan dit betoog van Bacardi ook nu niet worden gevolgd. Woonplaats van Bacardi dient beoordeeld te worden aan de hand van het EVEX-verdrag, niet het BW. Uit niets blijkt dat Bacardi Limited haar statutaire zetel, hoofdbestuur of hoofdvestiging in Zwitserland heeft. Een buiten de EU gevestigde rechtspersoon is een aanknopingspunt voor de bevoegdheid, maar daaruit volgt niet dat die (neven)vestigingsplaats tevens is aan te merken als een woonplaats in de zin van het EVEX-verdrag. Ook de toezegging van Bacardi Nederland om de eventuele proceskosten te voldoen is ontoereikend, omdat aannemelijk is dat enkel Bacardi Limited veroordeeld zal worden in de proceskosten. Bacardi Limited dient zekerheid te stellen.

IEF 17250

Beneluxpubliek kent de betekenis van het Spaanse woord HOYA niet, maar wel van HOLA BANANA!

Hof Den Haag 7 nov 2017, IEF 17250; (Fyffes tegen Chiquita), http://www.ie-forum.nl/artikelen/beneluxpubliek-kent-de-betekenis-van-het-spaanse-woord-hoya-niet-maar-wel-van-hola-banana

Hof Den Haag 7 november 2017, IEF 17250; IEFbe 2399 (Fyffes tegen Chiquita) Merkenrecht. Fyffes is houdster van HOYA-merken. Chiquita, ook distributeur van vers fruit, waaronder bananen, gebruikt de tekens 'HOLA BANANA!'. De voorzieningenrechter wees de vorderingen terecht af. Het Fyffes-woordmerk en ruitvorming merk zijn niet normaal gebruikt, voor het ovale Uniemerk is er slechts geringe mate van auditieve overeenstemming [IEF 16145; IEFbe 1880]. De vergelijking mag niet worden gereduceerd tot woordmerk HOYA met enkel het woord bestanddeel HOLA. Vanwege het gebruikte uitroepteken en de betekenis van de woorden, zal de gemiddelde consument HOLA BANANA! opvatten als één uitroep. Het relevante Beneluxpubliek is niet op de hoogte van de betekenis van het Spaanse woord HOYA (voor grafkuil) en dus geen begripsmatige overeenstemming kan vaststellen, maar weet wel dat HOLA BANANA!, 'Hallo Banaan!' betekent. Het woord voor 'hallo' is immers een van de eerste woorden die men in een vreemde taal leert. Er is geen sprake van merkinbreuk, het hof bekrachtigt het afwijzende vonnis.

 

IEF 17246

Einde samenwerkingsovereenkomst betekent niet per se einde licentie op software

Rechtbank Gelderland 9 okt 2017, IEF 17246; ECLI:NL:RBGEL:2017:5705 (Lizard Apps tegen Haerst en Autodidact), http://www.ie-forum.nl/artikelen/einde-samenwerkingsovereenkomst-betekent-niet-per-se-einde-licentie-op-software

Vzr. Rechtbank Gelderland 9 oktober 2017, IEF 17246; IT&R 2399; ECLI:NL:RBGEL:2017:5705 (Lizard Apps tegen Haerst en Autodidact). Lizard Apps is een IT-bedrijf dat verschillende diensten aanbiedt. Autodidact houdt zich onder andere bezig met de ontwikkeling en levering van leermiddelen aan educatieve instellingen en binnen het technisch beroepsonderwijs. De oprichters van Haerst hebben het idee opgevat om een diagnostische camera binnen de psychiatriepraktijk te introduceren en ontwikkelen. Haerst heeft in 2014 Autodidact benaderd voor de ontwikkeling van de hardware van de camera en Lizard Apps voor de ontwikkeling van de software voor de camera, waarbij Haerst zelf als projectleider zou fungeren. Medio 2017 wordt door Haerst de samenwerking met Lizard Apps beëindigd. Lizard Apps vordert schadevergoeding en het staken van het gebruik van de software door haar geleverd. Het einde van de samenwerkingsovereenkomst brengt niet mee dat de licentieovereenkomst eveneens automatisch opgezegd wordt. De licentieovereenkomst heeft te gelden als een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd. Haerst is nimmer overgegaan tot opzegging van de licentieovereenkomst, de aard van de overeenkomst staat er aan in de weg dat Lizard Apps een rechtsgeldige opzegging van de overeenkomst kan doen. De camera functioneert enkel met de software van Lizard Apps en dus moet Haerst in de gegeven omstandigheden dan ook toegestaan worden om de software gedurende enige tijd te blijven gebruiken, zodat zij door een ander bedrijf vervangende software kan laten ontwikkelen. Haerst gebruikt de software ontwikkeld door Lizard Apps dus niet onrechtmatig en maakt daarmee geen inbreuk op de auteursrechten van laatstgenoemde.

IEF 17248

Geen rechtsmaatregelen die Wallmax belemmeren om ongestoord aanwezig te zijn tijdens Amsterdamse en Rotterdamse beurs

Rechtbank Rotterdam 6 nov 2017, IEF 17248; ECLI:NL:RBROT:2017:8662 (Wallmax tegen Roxtec), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-rechtsmaatregelen-die-wallmax-belemmeren-om-ongestoord-aanwezig-te-zijn-tijdens-amsterdamse-en

Vzr. Rechtbank Rotterdam 6 november 2017, IEF 17248; ECLI:NL:RBROT:2017:8662 (Wallmax tegen Roxtec). Verbod rechtsmaatregelen. Zie eerder de Vzr. Rechtbank Amsterdam [IEF 17245]. Wallmax vordert het verbieden van feitelijke en/of bewarende rechtsmaatregelen te nemen die Wallmax het ongestoord houden van beurzen in Amsterdam of Rotterdam belemmeren (met betrekking tot het ronde opvuldeel). Roxtecs octrooi op een verpakking voor een kabeldoorvoer is geëxpireerd en is nog houdster van zeven 2D-weergaves hiervan. Auteursrechtelijk zijn de vorm, de afmetingen en het materiaal technisch bepaald. De kleurstelling met geel, roze en lila wijkt voldoende af van zwart-blauw en oranje. Het verbod op feitelijke en/of (bewarende) rechtsmaatregelen die Wallmax belemmeren om ongestoord aanwezig te zijn en haar multicolor producten te presenteren op de Rotterdamse en Amsterdamse beurs wordt toegewezen.

IEF 17247

Staking Tel Sells aanbeveling van producten die lijken op die van Tommy Teleshopping

Rechtbank Den Haag 8 nov 2017, IEF 17247; ECLI:NL:RBDHA:2017:12687 (Tommy c.s. tegen Tell Sell c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/staking-tel-sells-aanbeveling-van-producten-die-lijken-op-die-van-tommy-teleshopping

Rechtbank Den Haag 8 november 2017, IEF 17247; RB 3026; ECLI:NL:RBDHA:2017:12687 (Tommy c.s. tegen Tell Sell c.s.). Intellectuele Eigendom. Uniemerk. Oneerlijke Handelspraktijken. Verbod jegens gelieerde vennootschappen wegens reële dreiging voortzetting onrechtmatig handelen. Bestuursaansprakelijkheid van enige bestuurder van Tel Sell IE en indirect enig aandeelhouder. De rechtbank beveelt gedaagden ieder voor zich om te staken en gestaakt te (doen) houden iedere oneerlijke handelspraktijk bestaande uit het op een zodanige wijze aanbevelen van een product dat lijkt op een product dat Tommy in haar assortiment heeft dat bij de consument doelbewust de verkeerde indruk wordt gewekt dat het product is vervaardigd door de fabrikant van het product in het assortiment van Tommy, terwijl dit niet het geval is, waaronder in ieder geval is begrepen aanprijzing van de producten Dual Bike, Swing Maxx, Alcacil Slimming Shots en Figur Body met de namen Vita Dual Bike, Wonder Body Core Trainer, Alcachofa Slimming Shots/Alcachofa de Laon en Miss Hourglass Belt.

IEF 17245

Uiterlijk bulls-eye vloeit voort uit octrooi en valt dus niets creatiefs aan te ontwerpen

Rechtbank Amsterdam 3 nov 2017, IEF 17245; ECLI:NL:RBAMS:2017:8152 (Roxtec tegen Wallmax), http://www.ie-forum.nl/artikelen/uiterlijk-bulls-eye-vloeit-voort-uit-octrooi-en-valt-dus-niets-creatiefs-aan-te-ontwerpen
Bulls-eye Roxtec

Vzr. Rechtbank Amsterdam 3 november 2017, IEF 17244; LS&R 1532; ECLI:NL:RBAMS:2017:8152 (Roxtec tegen Wallmax). Merkenrecht. Octrooirecht. Auteursrecht. Roxtec is wereldwijd actief in de kabel- en pijpafdichtingsoplossingen voor de (middel)zware industrie. Zij was houdster van een, inmiddels verlopen, octrooi betreffende verpakking voor een kabeldoorvoer. Tevens is zij houdster van verschillende Uniemerkregistraties waarin het bulls-eye ontwerp vastgelegd is. Wallmax is actief in dezelfde sector als Roxtec en brengt eveneens afdichtingsmodules op de markt. OTM richt zich met name op het ontwerpen en fabriceren van kabelklemmen en heeft bij een persbericht een foto geplaatst waarop de producten van Wallmax te zien zijn. Roxtec beroept zich op de bescherming van het grafische (figuratieve) bulls-eye ontwerp en niet op de (drie dimensionale) module als zodanig. Er is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat OTM inbreuk maakt of dreigt te maken op de IE-rechten van Roxtec. Het verweer van Wallmax dat indien een recht van intellectuele eigendom eenmaal is geëxpireerd het eerder beschermde object in beginsel vrij mag worden gekopieerd is in zijn algemeenheid juist. Door Wallmax zijn voldoende argumenten opgeworpen dat de de technische bepaaldheid van het zogenoemde bulls-eye ontwerp technisch voorgeschreven zijn zoals in het octrooi en er dus niets creatiefs is ontworpen. Ook de merkenrechtelijke vorderingen van Roxtec dienen afgewezen te worden nu zij niet zien op identieke tekens en er geen gevaar voor verwarring bij het desbetreffende publiek aangetoond of te verwachten is. Daarnaast, als al zou zijn dan Wallmax profiteert van de bekendheid en aantrekkingskracht van de Roxtecmerken, heeft te gelden dat dit een gevolg is van het feit dat Wallmax dezelfde techniek gebruikt en mag gebruiken omdat het octrooirecht van Roxtec nu eenmaal is geëxpireerd. De auteursrechtelijke vorderingen worden evenmin gevolgd.

IEF 17244

AIPPI World Congress Sydney resolutions

Van 13 tot 17 oktober vond het 47e World Congress van AIPPI plaats in Sydney. Ongeveer dertien leden van de Vereniging voor Intellectuele Eigendom (VIE), de Nederlandse groep van AIPPI, hebben dit congres bezocht, waarvan een aantal zich hebben ingespannen dat zes resoluties zijn aangenomen, waarvan vier naar aanleiding van Study Questions:

 

IEF 17243

Stichting verzint niet zelf een handelsnaam, dat moeten haar bestuursleden doen

Antilliaanse Gerechten 30 okt 2017, IEF 17243; ECLI:NL:OGEAC:2017:157 (CURISES tegen I.C.U.C.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/stichting-verzint-niet-zelf-een-handelsnaam-dat-moeten-haar-bestuursleden-doen

Gerecht in EA van Curaçao 30 oktober 2017, IEF 17243; ECLI:NL:OGEAC:2017:157 (CURISES tegen I.C.U.C.). Handelsnaamrecht. Eiseres, opgericht in 1994, en gedaagde, opgericht in 2013 door een voormalig bestuurder van eiseres, hebben ten doel het ontwikkelen en uitvoeren van academische onderwijsprogramma’s. Eiseres gebruikt voor haar activiteiten in - elk geval vanaf 2010 - de handelsnaam I.C.U.C. (spreek uit: I see you see) op onder meer haar website, gebouw, advertenties en op diploma’s van haar studenten. De statutaire naam van gedaagde bevat de afkorting I.C.U.C. en zij gebruikt die naam ook in haar logo, op haar website, etc. Bij beide partijen staat I.C.U.C. voor Inter-Continental University of the Caribbean. Het is aannemelijk dat het gebruik door beide partijen van nagenoeg gelijke handelsnamen verwarring kan veroorzaken bij het publiek. Hoewel de voormalig bestuurder van eiseres de handelsnaam bedacht heeft, dient te gelden dat een stichting niet zelf iets kan verzinnen; dat moeten haar bestuursleden of derden voor haar doen. Doorslaggevend is niet wie de bedenkers zijn van de naam, maar de omstandigheid dat de naam werd bedacht ten behoeve van eiseres en haar activiteiten, dat het bestuur van eiseres vervolgens besloten heeft die naam als handelsnaam te gebruiken en dat eiseres die naam vervolgens ook daadwerkelijk in gebruik heeft genomen. Eiseres is aldus rechthebbende op de handelsnaam. Gedaagde dient te stoppen met het voeren van de handelsnaam I.C.U.C.

IEF 17242

Woordmerk SPIRIT vervallen verklaard in verstekvonnis

Rechtbank Den Haag 1 nov 2017, IEF 17242; ECLI:NL:RBDHA:2017:12344 (JT International tegen Philip Morris), http://www.ie-forum.nl/artikelen/woordmerk-spirit-vervallen-verklaard-in-verstekvonnis

Rechtbank Den Haag 1 november 2017, IEF 17242; ECLI:NL:RBDHA:2017:12344 (JT International tegen Philip Morris). Merkenrecht. Verstekvonnis. JT vordert vervallenverklaring van een (middels een internationale registratie verkregen) Benelux merkrecht van gedaagde. Er wordt voor recht verklaard dat het krachtens internationale merkregistratie ingeschreven Beneluxwoordmerk SPIRIT niet normaal is gebruikt in de Benelux voor de waren waarvoor het merk is ingeschreven. Tevens wordt het recht van gedaagde op het woordmerk SPIRIT vervallen verklaard voor de waren waarvoor het merk is ingeschreven, voor zover die registratie betrekking heeft op de Benelux, en beveelt dat het voornoemde Beneluxmerk wordt doorgehaald in het merkenregister.

IEF 17241

HR: Geen onderscheid tussen verschillende typen tweede medische indicatie octrooien

Hoge Raad 3 nov 2017, IEF 17241; ECLI:NL:HR:2017:2807 (MSD tegen Teva), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hr-geen-onderscheid-tussen-verschillende-typen-tweede-medische-indicatie-octrooien

HR 3 november 2017, IEF 17241; LS&R 1531; ECLI:NL:HR:2017:2807 (MSD tegen Teva). Octrooirecht. Swiss-type claim. Zie eerder Conclusie A-G. MSD is houdster van verschillende octrooien waar in een 'Swiss-type claim' geopenbaard wordt de combinatie van ribavirine en interferon alfa voor de behandeling van chronische hepatitis C. Op basis van deze octrooien brengt MSD de geneesmiddelen Rebetol en Copegus op de markt. Teva heeft in 2009 twee marktvergunningen verkregen voor de verhandeling van generiek ribavirine op basis van een 'skinny label' met als referentiegeneesmiddelen Rebetol en Copegus. De rechtbank en het Hof hebben de vorderingen van MSD afgewezen en gesteld dat Teva buiten de beschermingsomvang van de Swiss-type claims valt, door specifiek de geclaimde patiëntencategorie uit te sluiten. Het Hof overwoog eerder: 'een tweede-medische indicatie' octrooi beschermt tegen het gebruik van de stof voor de behandeling van de ‘nieuwe’ ziekte. Een 'subgroep-indicatie octrooi' beschermt tegen het gebruik van de stof voor de geselecteerde subgroep patiënten'. Voor een categorisch onderscheid tussen de beide typen tweede medische indicaties, gemaakt door het Hof, is in het stelsel van het EOV geen plaats. De enkele aanwezigheid van een carve-out in de SmPC en de bijsluiter van het generieke geneesmiddelen zijn in het algemeen niet toereikend om directe inbreuk uit te sluiten. Tevens is het mogelijk om indirecte inbreuk op een octrooi voor een tweede medische indicatie te maken. Nu de zaak zal worden terugverwezen naar het Hof wordt tevens meegegeven dat ‘een middel betreffende een wezenlijk bestanddeel van de uitvinding’ uitleg vergt van het octrooi en sterk verweven is met waarderingen van feitelijke aard.