IEF 16602

Prejudiciële vragen aan HvJ EU over debranding en rebranding van waren

HvJ EU 7 feb 2017, IEF 16602; (Mitsubishi tegen Duma c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/prejudici-le-vragen-aan-hvj-eu-over-debranding-en-rebranding-van-waren

Hof van Beroep Brussel 7 februari 2017, IEFbe 2093(Mitsubishi tegen Duma c.s.) Parallelimport, Debranding, Rebranding, marktpraktijken, vergoeding. Procedure merkinbreuk na eerder beslag inzake namaak en vonnis (IEFbe 67) dat inbreukvorderingen van MITSUBISHI afwees. Volledige hervorming in beroep. Vorkheftrucks zijn misschien luxeproducten, zij genieten daarom niet minder bescherming. MITSUBISHI is titularis van de merkenrechten op de bekende woordmerken “MITSUBISHI” en het figuratieve diamantlogo. Zij verzet zich tegen de onrechtmatige parallel invoer in de EER van gemerkte en ontmerkte (of “gedebrande”) hefttrucks afkomstig uit Azië, door DUMA en GSI. Een deskundigenrapport opgesteld na het beslag inzake namaak had de invoer van net geen 1500 van dergelijke heftrucks blootgelegd in de periode 2003 tot en met 2008.

IEF 16601

Bevoegdheid jegens persoon zonder bekende woon- of verblijfplaats via artikel 97 lid 2 UMVo

1 feb 2017, IEF 16601; ECLI:NL:RBDHA:2017:912 (Novomatic c.s. tegen Betsoft c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bevoegdheid-jegens-persoon-zonder-bekende-woon-of-verblijfplaats-via-artikel-97-lid-2-umvo

Rechtbank Den Haag 1 februari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:912 (Novomatic c.s. tegen Betsoft c.s.) Bevoegdheid. Merkenrecht. Novomatic c.s. maken deel uit van het Novomatic concern en houden zich bezig met het ontwikkelen van kansspelen en het produceren, verkopen en exploiteren van speelautomaten; NGS is merkhouder van het Benelux woordmerk 'Random Runner'. Betsoft heeft de slotgames van Novomatic digitaal gemaakt, gelicentieerd en online gaan exploiteren. Artikel 97 lid 5 schaft alleen bevoegdheid voor een rechter van het Handlungsort; dat is 'de lidstaat waar de inbreuk heeft plaatsgevonden of dreigt plaats te vinden'. De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de vorderingen jegens het in Cyprus gevestigde Betsoft voor zover betrekking hebbend op de gestelde inbreuken op de Uniemerken ‘Random Runner’ en ‘Simply Wild’. De rechtbank is jegens [B], die weigert kenbaar te maken waar hij woont of verblijft, bevoegd ex 97 lid 2 UMvo. Het mag worden gehouden dat hij niet woonachtig is in één van de Lidstaten, dus dan is de rechter van de Lidstaat van (één van) de eiser(s) bevoegd.

t.a.v. Betsoft:

4.11. Novomatic AG c.s. beroepen zich in het bijzonder op lid 5 van artikel 97, dat voor zover hier van belang bepaalt dat een inbreukprocedure ook kan worden ingesteld bij de rechter van ‘de lidstaat waar de inbreuk heeft plaatsgevonden of dreigt plaats te vinden’.
Zoals Betsoft en [B] terecht hebben opgemerkt, moet dit begrip autonoom worden uitgelegd en wel aldus dat deze bepaling, anders dan het geval is bij artikel 5 lid 3 EEX-Vo (oud) en artikel 7 onder 2 EEX II-Vo, alleen bevoegdheid verschaft voor de rechter van het Handlungsort, d.w.z. de lidstaat waar de gedaagde partij de vermeende inbreuk heeft gemaakt.7 In een geval als hier aan de orde, waarin wordt gesteld dat via internet inbreuk op een Uniemerk wordt gemaakt, heeft daarbij als Handlungsort van die inbreuk te gelden de plaats waar het technisch proces dat tot die inbreuk heeft geleid, is gestart. Dit is volgens het HvJ EU dan niet de plaats waar de server zich bevindt, maar de plaats waar de beslissing om het technische proces te starten is genomen, hetgeen in de regel de vestigingsplaats van de exploitant is.8 Gesteld noch gebleken is dat dit in Nederland is geweest, zodat de rechtbank haar bevoegdheid niet kan ontlenen aan artikel 97 lid 5 UMVo. Dat de merken zijn gebruikt in Nederland, zoals Novomatic AG c.s. stellen, is - gezien het voornoemde criterium - niet doorslaggevend.

t.a.v. [B]:
4.12. Ten aanzien van [B] is de rechtbank van oordeel dat zij in dit geval haar internationale bevoegdheid met betrekking tot de (beweerdelijke) merkinbreuken ook kan gronden op artikel 97 lid 2 UMVo. Omdat [B] blijkbaar weigert kenbaar te maken waar hij woont of verblijft, mag het ervoor worden gehouden dat hij niet woonachtig is in één van de Lidstaten. In dat geval is de rechter van de Lidstaat van (één van) de eiser(s) bevoegd. Daarmee komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe en is deze rechtbank als rechtbank voor het Gemeenschapsmerk ook relatief bevoegd.
IEF 16600

Vrouwelijke experts Intellectueel Eigendom gaan elkaar de bal toespelen

Lancering The FIPE, netwerk voor vrouwelijke experts in het intellectueel eigendom. Op internationale vrouwendag, 8 maart 2017, wordt The FIPE (Female Intellectual Property Experts) gelanceerd [uitnodiging]. The FIPE is een netwerk voor vrouwelijke experts in het intellectueel eigendom. Dit netwerk wil deze vrouwen met elkaar in contact brengen en stimuleren zichzelf meer zichtbaar te maken. Volgens het netwerk is de tijd rijp voor vrouwen in deze sector om samen hun waarde voor het intellectueel eigendomsrecht een beter podium te geven.

IEF 16599

HvJ EU advies: Verdrag van Marrakesh voor leesgehandicapten valt onder de exclusieve bevoegdheid EU

HvJ EU 14 feb 2017, IEF 16599; ECLI:EU:C:2017:114 (Verdrag van Marrakesh), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-advies-verdrag-van-marrakesh-voor-leesgehandicapten-valt-onder-de-exclusieve-bevoegdheid-eu

HvJ EU 14 februari 2017, IEF 16599; IEFbe 2092; Advies 3/15 ; ECLI:EU:C:2017:114 (Marrakesh verdrag) Het Verdrag van Marrakesh tot bevordering van de toegang tot gepubliceerde werken voor personen die blind zijn, visueel gehandicapt of anderszins een leeshandicap hebben. Artikel 3 VWEU. Exclusieve externe bevoegdheid van de Europese Unie.

De sluiting van het Verdrag van Marrakesh tot bevordering van de toegang tot gepubliceerde werken voor personen die blind zijn, visueel gehandicapt of anderszins een leeshandicap hebben, valt onder de exclusieve bevoegdheid van de Europese Unie.
IEF 16598

Bewijsbeslag in zaak over gebruik vals Facebookprofiel voor verkrijgen intieme foto's

Rechtbank Limburg , IEF 16598; ECLI:NL:RBLIM:2017:1280 (Facebookgroep Lesbische vrouwen 25+), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bewijsbeslag-in-zaak-over-gebruik-vals-facebookprofiel-voor-verkrijgen-intieme-foto-s

Rechtbank Limburg 13 februari 2017, IT ; ECLI:NL:RBLIM:2017:1280 (Facebookgroep Lesbische vrouwen 25+) Mediarecht. Rechtspraak.nl: Kort geding. Gebruik vals Facebookprofiel voor verkrijgen intieme foto’s. Bewijsbeslag digitale gegevens. Verlof tot leggen beslag kan niet alsnog worden geweigerd, ingetrokken of herroepen. Late betekening beslag en nauwkeurige beschrijving van de in beslag genomen zaken, leiden niet tot nietigheid. Beslag is niet disproportioneel. De gegevens moeten worden onderscheiden van de gegevensdragers die voor onderzoek zijn meegenomen. Vooraf was niet bekend op welke gegevensdragers de desbetreffende gegevens zich bevonden. De omstandigheid dat al de gegevensdragers voor onderzoek zijn meegenomen waarop de gegevens zich konden bevinden, maakt het beslag niet disproportioneel. Geen fishing expedition.

IEF 16597

Compensatie proceskosten: Wijze waarop Freedisclaimer wordt aangeboden, speelt inbreuk in de hand

Kantonrechter 1 feb 2017, IEF 16597; ECLI:NL:RBZWB:2017:890 (Freedisclaimer), http://www.ie-forum.nl/artikelen/compensatie-proceskosten-wijze-waarop-freedisclaimer-wordt-aangeboden-speelt-inbreuk-in-de-hand

Ktr. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 1 februari 2017, IEF 16597; ECLI:NL:RBZWB:2017:890 (Freedisclaimer) Inbreuk auteursrecht. Compensatie proceskosten. Eiser is de maker van een Disclaimer die hij via freedisclaimer.eu gratis aanbiedt als aan de gestelde voorwaarden wordt voldaan. De wijze waarop gedaagde disclaimer gebruikt, levert een inbreuk op van het aan eiser toekomend auteursrecht. Handhavingskosten deels niet toewijsbaar in verband met het onvoldoende onderbouwde stelling dat brieven zijn ontvangen. Proceskosten gecompenseerd wegens het feit dat de wijze, waarop de disclaimer wordt aangeboden, inbreuk op het auteursrecht in de hand speelt.

IEF 16596

Schade auteursrechtinbreuk Bollywood-dvd's geschat met een afzetstaffel

Rechtbank Den Haag 15 feb 2017, IEF 16596; ECLI:NL:RBDHA:2017:1418 (Dasoptical tegen Govinda Tours), http://www.ie-forum.nl/artikelen/schade-auteursrechtinbreuk-bollywood-dvd-s-geschat-met-een-afzetstaffel

Rechtbank Den Haag 15 februari 2017, IEF 16596; ECLI:NL:RBDHA:2017:1418 (Dasoptical tegen Govinda Tours) Schadestaat procedure na vaststelling auteursrechtinbreuk door de verkoop van Bollywood DVD's [IEF 12196]. Schade wordt geschat ex artikel 6:97 BW. In een tabel geeft de rechtbank een schatting van de gemiste afzet DVD’s in de jaren 2007, 2008 en 2009 uitgaande van voornoemde afzetstaffel. Uitgangspunt zijn de verkoopcijfers uit het schaderapport en de overgelegde facturen. Voor zover er reële verkoopcijfers van het tweede jaar voorhanden zijn, wordt daarvan uitgegaan als deze hoger liggen dan de 50% staffel, en worden deze aangevuld met een schatting tot 50% van de staffel als deze lager liggen dan die staffel. Veroordeling tot betaling van €2.307,-.

IEF 16594

TV-toestel in hotelkamer is geen mededeling op een tegen betaling van een toegangsprijs voor het publiek toegankelijke plaats

HvJ EU 16 feb 2017, IEF 16594; ECLI:EU:C:2017:131 (VG Rundfunk tegen Hettegger Hotel Edelweiss), http://www.ie-forum.nl/artikelen/tv-toestel-in-hotelkamer-is-geen-mededeling-op-een-tegen-betaling-van-een-toegangsprijs-voor-het-pub

HvJ EU 16 februari 2017, IEF 16594; IEFbe 2090; ECLI:EU:C:2017:131 (VG Rundfunk tegen Hettegger Hotel Edelweiss) Auteursrecht. Naburige rechten. Plaatsen die tegen betaling van een toegangsprijs voor het publiek toegankelijk zijn – Mededeling van uitzendingen door middel van in hotelkamers aanwezige televisietoestellen. HvJ EU verklaart voor recht:

Artikel 8, lid 3, van [richtlijn 2006/115/EG], moet aldus worden uitgelegd dat de mededeling van RTV-uitzendingen door middel van in hotelkamers aanwezige televisietoestellen geen mededeling vormt die wordt verricht op een tegen betaling van een toegangsprijs voor het publiek toegankelijke plaats.

IEF 16595

Erwin Gaur - Gardi

Onder het half-pseudoniem Erwin Gaur, verschijnt vandaag de roman ‘Gardi’, “een korte roman over obsessie, over liefde en de impact van terreur”. Parallel verscheen ook de boektrailer op YouTube.

IEF 16593

Nietigverklaring van Gemeenschapsmodel op thermosifons voor verwarmingsradiatoren

Gerecht EU (voorheen GvEA) 16 feb 2017, IEF 16593; ECLI:EU:T:2017:87 (Antrax tegen Vasco), http://www.ie-forum.nl/artikelen/nietigverklaring-van-gemeenschapsmodel-op-thermosifons-voor-verwarmingsradiatoren
Radiator

Gerecht EU 16 februari 2017, IEF 16593; IEFbe 2089; ECLI:EU:T:2017:87 (Antrax tegen Vasco) In het kort: Gemeenschapsmodel. Nietigheidsprocedure. Samenstelling van de kamer van beroep, onpartijdigheid. Oudere gemeenschapsmodellen. Verzadiging van de stand van de techniek. Nietigheidsgrond. Geen eigen karakter. Antrax is houdster van gemeenschapsmodellen voor thermosifons voor verwarmingsradiatoren. Vasco vordert met succes de nietigverklaring op basis van oudere Duitse modellen. De kamer van beroep vernietigt deze beslissing op grond van ontoereikende passende motivering voor het ontbreken van nieuwheid, maar verklaart het model nietig vanwege ontbreken eigen karakter. Het Gerecht EU verwerpt het beroep.

IEF 16592

Niet naleven van beheersovereenkomst gezamenlijke IE-rechten heeft geen derdenwerking

Rechtbank Den Haag 8 feb 2017, IEF 16592; ECLI:NL:RBDHA:2017:1087 (Tower Living tegen De Kleine Winst), http://www.ie-forum.nl/artikelen/niet-naleven-van-beheersovereenkomst-gezamenlijke-ie-rechten-heeft-geen-derdenwerking
tower living

Rechtbank Den Haag 8 februari 2017, IEF16592; ECLI:NL:RBDHA:2017:1087 (Tower Living tegen De Kleine Winst) Uitputting. Tower Living is een groothandel in meubel- en interieurproducten. Bestuurder A en Indonesische vennootschap X ontwikkelen de Daan-collectie die op internationale beurs IFEX als Aimann Collection wordt aangeboden. X en A spreken een gezamenlijk auteursrecht af. Ze distribueert via geselecteerd netwerk Jouw Meubel. DKW drijft een (web)winkel in meubels en woondecoraties. Na sommatie aan DKW, volgt een vaststellingsovereenkomst met boeteclausule en een daarna gestelde overtreding daarvan door DWK. Echter X heeft de Kolony-meubels in de EER gebracht en er wordt met succes een beroep gedaan op uitputting. Ex 14 lid 2 GModVo komt het (niet-geregistreerd Gemeenschaps)modelrecht hun ook gezamenlijk toe. Nu sprake is van economische verbondenheid, moet het in de handel brengen van de Kolony-meubels in beginsel worden geacht te zijn geschied met toestemming van A. Het niet naleven van de beheersovereenkomst door X heeft geen auteursrechtelijke of modelrechtelijke derdenwerking. Vorderingen - ook tot nietigverklaring Gemeenschapsmodellen en niet bestaan van auteursrecht - worden afgewezen.

IEF 16591

Tegenbewijs dat het jasje niet als inspiratiebron is gebruikt

Rechtbank Amsterdam 1 feb 2017, IEF 16591; ECLI:NL:RBAMS:2017:611 (Pauw tegen Purdey Mode), http://www.ie-forum.nl/artikelen/tegenbewijs-dat-het-jasje-niet-als-inspiratiebron-is-gebruikt
jasje pauw Purdey

Rechtbank Amsterdam 1 februari 2017, IEF16591; ECLI:NL:RBAMS:2017:611 (Pauw tegen Purdey Mode) Tussenvonnis. Geen auteursrechtinbreuk. Slaafse nabootsing. Contractenrecht. Pauw is een Nederlands Modehuis met een collectie vernieuwende ontwerpen met stijlvolle en exclusieve uitstraling uitgevoerd in hoge kwaliteit. Purdey is dat ook, maar heeft een meer toegankelijke prijs. Purdey erkent eerder auteursrechtinbreuk te hebben gemaakt op de Pauw-ontwerpen. Dit jasje is een eigen, onafhankelijke schepping en zij wijst op haar eerdere jasjes waarop dit jasje is gebaseerd. Dit overtuigt niet, omdat deze jasjes uit 2010-2015 zijn en dus na het ontwerp van Pauw openbaar is geworden. Purdey wordt toegestaan tegenbewijs te leveren tegen het voorshandse oordeel dat zij in strijd met de vaststellingsovereenkomst Pauw ontwerpen als inspiratiebron te gebruiken. Geen auteursrechtinbreuk.

IEF 16590

Jesse Hofhuis - Noot bij Bacardi/Seva

Jesse Hofhuis

J.S. Hofhuis, Noot bij Bacardi/Seva, IEF 16590, IE-Forum.nl Rechtbank Den Haag 1 april 2015; ECLI:NL:RBDHA:2015:3529; IEF 14846 (tussenvonnis) en 13 april 2016; ECLI:NL:RBDHA:2016:3789; IEF 15862 (eindvonnis) De hierna te bespreken vonnissen maken onderdeel uit van een inmiddels lange lijst van relatief recente uitspraken in geschillen tussen Bacardi enerzijds en internationaal opererende parallelhandelaars en de door hen ingeschakelde logistieke dienstverleners anderzijds. Veel van deze zaken zijn enige tijd aangehouden in afwachting van de antwoorden op door Hof Den Haag gestelde prejudiciële vragen in een van die zaken, tegen logistieke dienstverlener TOP Logistics. Na het arrest van het HvJ EU van 16 juli 2015 (in zaak C-379/14, arrest TOP Logistics) is een gestage stroom van eindvonnissen en eindarresten op gang gekomen, waaronder het eindvonnis van 13 april 2016 in de hier te bespreken zaak (de zaak Seva).

IEF 16589

Hof: Teken Stitch & Glory maakt toch inbreuk op woordmerk Stitch&Co

Belgische gerechten 5 sep 2016, IEF 16589; (Stitch&Co tegen Lazuli), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hof-teken-stitch-glory-maakt-toch-inbreuk-op-woordmerk-stitch-co
stitch

Voorz. Rechtbank van KH (en afd.) Antwerpen 21 oktober 2015 (Stitch&Co tegen Lazuli) en Hof van Beroep Antwerpen 5 september 2016, IEF 16589; IEFbe 2088 (Lazuli tegen Stitch&Co) Merkenrecht. Stitch & Co is een handelszaak die textielen en stoffen verkoopt onder het gelijkluidende ingeschreven woordmerk. Lazuli heeft ook een handelszaak en een webwinkel met een logo met de woorden "Stitch & Glory". Het logo met onderschrift 'No stitch, no glory' is geen element in het WOORDmerk STITCH&CO en zodoende is er geen sprake van een merkinbreuk.  De voorzitter stelt wel inbreuk op eerlijke marktpraktijken vast en beveelt staking. Het hof oordeelt dat er wel merkinbreuk wordt gepleegd ex 2.20.1.b. BVIE. Gelet op het minieme verschil tussen het woordmerk van geïntimeerde en het door de appellante gebruikte teken kan het publiek menen dat de betrokken waren van dezelfde onderneming afkomstig zijn. Er is wel degelijk verwarringsgevaar.

 

IEF 16588

Verwijdering van journalisten van tribune tijdens parlementair debat is schending EVRM

EHRM 9 feb 2017, IEF 16588; application no 67259/14 (Selmani e.a. tegen FYROM), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verwijdering-van-journalisten-van-tribune-tijdens-parlementair-debat-is-schending-evrm

EHRM 9 februari 2017, IEF 16588; IEFbe 2087; application no 67259/14 (Selmani e.a. tegen FYROM) Mediarecht. Uit het persbericht: Selmani c.s. zijn journalisten en zijn met geweld verwijderd van de tribune van het nationale parlement weer zij verslag deden van het parlementaire debat over de Rijks begroting voor 2013. Gedurende het debat hebben leden van de oppositie verstoringen veroorzaak en zijn verwijderd door de beveiligingsmedewerkers. Verzoekers zijn geaccrediteerde journalisten en weigerden de tribune, een voor journalisten toegewezen gebied, te verlaten en werden gedwongen verwijderd. Bij het Constitutioneel Hof klagen zij over het incident en klagen ze dat er geen mondelinge zitting was om feiten aan te vechten. Er was geen indicatie dat er gevaar was van de protesten buiten het parlement of van de journalisten, enkel van de verwijderde parlementsleden. Verwijdering van de journalisten was niet noodzakelijk noch te rechtvaardigen, dat is een inbreuk op artikel 10, vrijheid van meningsuiting. Dat er - ondanks verzoek daartoe - geen mondelinge behandeling is geweest en zonder reden te geven waarom die niet noodzakelijk was, is een schending van artikel 6 (right to a fair hearing).

 

IEF 16587

Geen schorsing vanwege nietigheidsprocedure of oppositieprocedure EOB

Rechtbank Den Haag 15 feb 2017, IEF 16587; ECLI:NL:RBDHA:2017:1345 (Plantlab tegen Deliscious c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-schorsing-vanwege-nietigheidsprocedure-of-oppositieprocedure-eob

Rechtbank Den Haag 15 februari 2017, IEF 16587; ECLI:NL:RBDHA:2017:1345 (Plantlab tegen Deliscious c.s.) Procesrecht. Plantlab is houdster van NL2002091 voor een "klimaatcel" en heeft met Deliscious c.s. samengewerkt. In deze incidenten in de hoofdzaak [IEF 14304] vordert Plantlab niet-succesvol de schorsing ex artikel 83 lid 3 ROW; om het pleidooi in de hoofdzaak tegelijk te laten plaatsvinden met het pleidooi in de aanhangig gemaakte nietigheidsprocedure. Tevergeefs is ook het verzoek ex 83 lid 4 ROW hangende de oppositieprocedure bij het EOB. De voorwaarde voor treffen van voorlopige voorziening is niet in vervulling gegaan. Het bezwaar tegen de vermeerdering van de grondslag van eis, inhoudende de inroeping van PlantLabs Europees octrooi EP2348814, is onterecht. Procespartij staat het vrij om tijdens de loop haar eis te wijzigen of aan te vullen. Gedaagden hebben zich aangesloten bij het verzoek van Plantlab om pleidooi samen te laten lopen met het pleidooi in de VRO-nietigheidsprocedure. Zaak is naar de rol verwezen.

IEF 16586

Beroep op ongeoorloofde vergelijkende reclame zal materieel niet verschillen van 6:162 BW in Kruiswerkzaak

Hoge Raad 10 feb 2017, IEF 16586; ECLI:NL:HR:2017:218 (Kruisvereniging Noord-Brabant tegen Kruiswerk voor u, gemeente Rucphen), http://www.ie-forum.nl/artikelen/beroep-op-ongeoorloofde-vergelijkende-reclame-zal-materieel-niet-verschillen-van-6-162-bw-in-kruiswe

HR 10 februari 2017, IEF 16586; RB 2818; ECLI:NL:HR:2017:218 (Kruisvereniging Noord-Brabant tegen Kruiswerk voor u, gemeente Rucphen) 81 RO. Mediarecht. Onrechtmatig. Volgens het Hof mocht Kruiswerk leden oproepen tot opzeggen lidmaatschap overkoepelende vereniging [IEF 15399]. De Hoge Raad acht dat de in het middel aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en volgt de conclusie AG. Een extra beoordeling van de gewraakte uitlatingen van Kruiswerk binnen het toetsingskader van art. 6:194a BW door de verwijzingsrechter zal materieel niet verschillen van de reeds verrichte beoordeling in het door het hof gehanteerde toetsingskader van art. 6:162 BW.

 

IEF 16585

Octrooien en aanvragen vallen onder Research Agreement

Rechtbank Den Haag 8 feb 2017, IEF 16585; ECLI:NL:RBDHA:2017:1107 (AIMM tegen Crucell), http://www.ie-forum.nl/artikelen/octrooien-en-aanvragen-vallen-onder-research-agreement

Rechtbank Den Haag 8 februari 2017, IEF 16585; LS&R 1427; ECLI:NL:RBDHA:2017:1107 (AIMM tegen Crucell) Opeising octrooirecht en vordering naamsvermelding uitvinders. AIMM is een biotechnologisch onderzoeksbedrijf. 843a Rv exhibitie incident. Crucell is een biofarmaceutisch bedrijf dat zich richt op de productie en marketing van antilichamen en vaccins tegen besmettelijke ziekten. Partijen hebben een Research Agreement gesloten, waarin zij zijn overeengekomen dat aanspraken op Octrooien en Aanvragen aan Crucell toekomen. Er zijn B-cellen opgekweekt en daaruit zijn 16 antilichamen geïsoleerd en geïdentificeerd. De reikwijdte van de ‘Research’ was niet beperkt tot de 10 Immunoglobuline M(IgM)’s , de 6 Immunoglobuline G (IgG)'s vielen daar ook onder. Crucell kan aanspraak maken op de Octrooien voor die uitvinding, ook als AIMM zou slagen in het bewijs dat de AIMM Medewerkers de uitvinding hebben gedaan. Dat betekent dat er geen recht tot opeising, onrechtmatig handelen en/of een toerekenbare tekortkoming is. Het door AIMM gelegde bewijsbeslag wordt opgeheven.

IEF 16584

Blijvende beschikbaarheid in digitaal archief is onvoldoende voor onrechtmatigheid

Hof Amsterdam 7 feb 2017, IEF 16584; ECLI:NL:GHAMS:2017:365 (Erdee Media tegen geïntimeerde), http://www.ie-forum.nl/artikelen/blijvende-beschikbaarheid-in-digitaal-archief-is-onvoldoende-voor-onrechtmatigheid

Hof Amsterdam 7 februari 2017, IEF 16584; ECLI:NL:GHAMS:2017:365 (Erdee Media tegen geïntimeerde) Mediarecht. In het Reformatorisch Dagblad (RD) is een artikel verschenen onder de titel: "Hij is zo christelijk, ik dacht, dat zit wel goed". Geïntimeerde en zijn vader hebben vanaf de jaren 90 bemiddeld bij de emigratie van Nederlandse agrariërs naar Oost-Europa, daar zijn conflicten bij ontstaan. De rechtbank [IEF 14849] heeft staking bevolen van plaatsing op digibron.nl en vindbaarheid in zoekresultaten van Google op de naam van geïntimeerde. Het hof: De publicatie van het artikel is niet onrechtmatig. De beschuldigingen zijn duidelijk toegeschreven aan derden en weerwoorden zijn daar tegenover gesteld. De blijvende beschikbaarheid in het digitaal archief is onvoldoende voor onrechtmatigheid, daarvoor zijn bijzondere omstandigheden nodig. Er is geen grond voor het toewijzen van de vordering jegens RD gericht op onvindbaar maken artikel door zoekmachines. De verwerking van persoonsgegevens, bestaande uit het zoeken van gegevens bij de naam van geïntimeerde en het weergeven van de zoekresultaten, wordt uitgevoerd door de exploitant van de zoekmachine en niet door Erdee.

 

IEF 16583

FRANDheid van aangeboden 3G en 4G-licentie

Rechtbank Den Haag 8 feb 2017, IEF 16583; ECLI:NL:RBDHA:2017:1025 (Archos tegen Philips), http://www.ie-forum.nl/artikelen/frandheid-van-aangeboden-3g-en-4g-licentie

Rechtbank Den Haag 8 februari 2017, IEF 16583; ECLI:NL:RBDHA:2017:1025 (Archos tegen Philips) Octrooirechten. Contractenrecht. Philips is houdster van octrooien die zij essentieel acht voor de UMTS (3G) en LTE(4G)-standaarden voor mobiele communicatie, waaronder EP 1 440 525. Deze zijn aangemeld bij de standaardisatie-organisatie ETSI. Archos wenste de aangeboden licentie niet en doet een schriftelijk tegenaanbod van 0,071% van de netto-omzet voor de producten waarin de standaard wordt aangepast. Vanwege een kruislicentie van Philips met Qualcomm, zouden de toestellen met Qualcomm baseband chips zijn uitgeput; dat verweer is in de Duitse procedure al verworpen en nu niet nader onderbouwd. De koppeling van UMTS met LTE getuigt niet van niet-FRANDheid. Ondanks dat er niet gedifferentieerd wordt, want de LTE-standaard bouwt voort op de UMTS. Het absolute aantal SEPs in de UMTS-SEP-portfolio is een belangrijke factor bij de beoordeling van de FRANDheid van het aanbod van Philips. Archos wijst erop dat er de royalty niet gebaseerd moet zijn op de prijs van de gehele telefoon, maar op de SSPPU (Smallest Patent-Practising Unit). Echter de gevraagde royalty is een vast bedrag én het SSPPU-concept is op zijn minst aan discussie onderhevig onder juristen en economen. Er is onvoldoende aangegeven dat er sprake is van ontoelaatbare, zogenaamde "royalty stacking", een optelsom van alle licentievergoedingen die tot een ondraaglijke royalty last zouden zijn. Beroep op de “patent hold-up”, waarbij één SEP-houder in wezen de toepassing van de gehele standaard tegen houdt door een te hoge royalty te vragen, faalt. De rechtbank verdeelt de proceskosten bij helfte over de FRAND-procedure enerzijds en de inbreukprocedures anderzijds.