IEF 17290

Edward Appelman - Verlening van een dwanglicentie ingeval van geneesmiddelen

De vraag wanneer een dwanglicentie dient te worden verleend is vaak aan de orde in het kader van specifieke, dure medicijnen tegen bepaalde ziektes. Zo ook de afgelopen weken in het kader van het dure medicijn Spinraza tegen de zeldzame spierziekte SMA. Spinraza is afgelopen 1 juni goedgekeurd door de Europese Unie en sindsdien verkrijgbaar op de markt. Het biedt duidelijk soelaas in de behandeling van de ziekte, maar levenslang hebben patiënten driemaal per jaar een injectie nodig, dat €80.000 per medicijn kost. Inmiddels heeft dit aanleiding gegeven tot een aantal kamervragen, onder meer vanwege het feit dat de werkzame stof van Spinraza, Nusinersen, eenvoudig door apothekers kan worden nagemaakt. Dat kunnen zij echter tot op heden niet omdat het octrooi van de fabrikant, Biogen, daaraan in de weg staat. Ook kan worden gedacht aan de recente situatie van farmaceut Vertex, die het medicijn Orkambi voor €170.000 per patiënt per jaar aanbiedt. Ook hier zijn apothekers in staat het medicijn na te maken, hetzij dat het octrooi daaraan in de weg staat. Reden om in deze bijdrage in te gaan op de vraag onder welke voorwaarden een dwanglicentie kan worden verleend, dan wel dat derden in de mogelijkheid worden gesteld om een alternatief op de markt te brengen.

IEF 17287

Kamerstuk: Maak gebruik van wettelijke instrumenten, zoals dwanglicenties, importvergunning, stimulering van apothekersbereiding

Brief regering 16 november 2017, Geneesmiddelenbeleid, Kamerstukken II 2017-2018, 29 477, nr.  453. Geneesmiddelenontwikkeling duurt vaak lang en is complex. Er zijn veel actoren, ingewikkelde Europese regelgeving en een grote faalkans. Bij succes wordt er aan het eind van de rit steeds vaker een duur geneesmiddel op de markt gebracht, meestal door de grote farmaceutische industrie. Nederlandse academische en private partijen spelen een rol in dat ontwikkelproces. Steeds vaker nemen deze partijen ook initiatieven om het proces anders in te richten. In dat licht vroeg de vorige minister in 2016 aan de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving om met vernieuwende inzichten te komen en om oplossingen aan te dragen. «Hoe kan de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen doelmatiger, waarbij bereikte efficiencyverbeteringen resulteren in lagere prijzen of anderszins ten goede komen aan de samenleving?» Op 9 november jongsleden ontving de huidige minister het advies van de Raad

IEF 17288

Noorse klachtencommissie bevestigt dat Vigelands werken niet als merk kunnen worden geregistreerd

Overig 13 nov 2017, IEF 17288; (Oslo Municipality - Vigeland), http://www.ie-forum.nl/artikelen/noorse-klachtencommissie-bevestigt-dat-vigelands-werken-niet-als-merk-kunnen-worden-geregistreerd

Noorse KFIR 13 november 2017, IEF 17288; IEFbe 2408; cases: 16/00148, 16/00149, 16/00150, 16/00151, 16/00153 and 16/00154 (Oslo Municipality - Vigeland) Tijdens de voorbereiding van de zaak heeft de Kamer van Beroep de zaak voorgelegd aan het EFTA-Hof [IEF 16706] voor een advies. De klachtencommissie concludeerde dat de merkregistratie moest worden geweigerd op basis van artikel 15, eerste alinea, letter a, van de merkenwet, deels omdat het merken zijn die die kunstwerken vertegenwoordigen met een zeer speciale culturele waarde voor de Noorse samenleving, en deels omdat de beperking van de auteursrechtperiode op grond van de auteursrechtwetgeving de basis moet zijn op fundamentele, sociale overwegingen.

IEF 17282

Menno Heerma van Voss - Geen enkele reden (meer) om concurrenten een beroep op artikelen 6:193a-j BW te ontzeggen

M.J. Heerman van Voss, 'Geen enkele reden (meer) om concurrenten een beroep op artikelen 6:193a-j BW te ontzeggen', eerder gepubliceerd in IER 2017, nr. 23, RB 3033.
1. Inleiding Het komt nog steeds voor dat ondernemingen als eiser geen beroep doen op de oneerlijke handelspraktijk (OHP)-wetgeving of bot vangen als zij daarop een (rechtstreeks) beroep doen.

In het afgelopen anderhalf jaar zijn er negen procedures geweest. In vier daarvan werd een beroep van de eisende concurrent op artikel 6:193a-j BW afgewezen. Daarbij is eenmaal het (subsidiaire) beroep op artikel 6:194 BW inzake misleidende reclame toegewezen. In een van deze negen is er geen beroep op gedaan en is het niet ambtshalve toegepast. Het beroep op de OHP-bepalingen is slechts viermaal gehonoreerd, waarvan slechts een keer rechtstreeks en drie keer indirect via artikel 6:162 BW.

 
IEF 17286

Nieuwe serie sfeerhaarden maakt eveneens inbreuk op octrooi

Rechtbank Den Haag 14 nov 2017, IEF 17286; ECLI:NL:RBDHA:2017:13109 (Basic Holdings tegen Ruby Decor II), http://www.ie-forum.nl/artikelen/nieuwe-serie-sfeerhaarden-maakt-eveneens-inbreuk-op-octrooi
Basic Holdings Ruby Decor Sfeerhaard

Vzr. Rechtbank Den Haag 14 november 2017, IEF 17286; ECLI:NL:RBDHA:2017:13109 (Basic Holdings tegen Ruby Decor II). Octrooirecht. Basic Holdings (BH) houdt zich bezig met de ontwikkeling van sfeerhaarden en is houdster van Europees octrooi EP 2 029 941 B1 (EP 941). Ruby Decor houdt zich onder andere bezig met de verhandeling van diverse typen sfeerhaarden. In een eerdere procedure heeft de kortgedingrechter geoordeeld dat Ruby Decor inbreuk maakt op EP 941 met de sfeerhaard 'Mystic Fire' [IEF 15931]. Dit vonnis is door het Hof bekrachtigt [IEF 17049]. In 2017 is Ruby Decor begonnen met de verhandeling van sfeerhaarden in de '16-/17-serie'. BH stelt dat ook deze sfeerhaarden inbreuk maken op EP 941. Deze nieuwe sfeerhaarden maken inderdaad inbreuk op EP 941. De uitvoeringsvorm gekozen door Ruby Decor verwezenlijkt de uitvindingsgedachte. Er is geen sprake van uitbreiding van de beschermingsomvang als de claim wordt gelezen als 'opening' in plaats van 'openingen'. De proceskosten die BH vordert lijken buitensporig, ze worden ambtshalve gematigd.

IEF 17285

EUIPO: Portretmerk van model Maartje Verhoef is geldig

EUIPO - OHIM 16 nov 2017, IEF 17285; (Maartje Verhoef-portretmerk), http://www.ie-forum.nl/artikelen/euipo-portretmerk-van-model-maartje-verhoef-is-geldig
Maartje Verhoef portretmerk EUIPO

EUIPO Board of Appeal 16 november 2017, IEF 17285; IEFbe 2407; R-2063/2016-4 (Maartje Verhoef-portretmerk) Merkenrecht. Portretmerk. Maartje Verhoef heeft haar portret als beeldmerk ingeschreven. Het bureau weigert het merk omdat het gedeeltelijk beschrijvend is. Er kan juist wel van uitgegaan worden dat het doelpubliek het fotografische teken van de jonge vrouw als identificatiemiddel van de herkomst van de waren en diensten zal opvatten. De foto van het gezicht van een persoon, in de vorm van een pasfoto, is een unieke weergave van deze persoon, met diens specifieke uiterlijke kenmerken. Er is geen absolute weigeringsgrond. De bestreden weigeringsbeslissing wordt opgeheven, het merk wordt aldus ingeschreven.

 

IEF 17284

Vragen aan HvJEU over proceskostenverdeling wanneer vorderingen slechts ten dele worden toegewezen

HvJ EU 11 sep 2017, IEF 17284; C-554/17 (Société du Journal L’Est Républicain), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-over-proceskostenverdeling-wanneer-vorderingen-slechts-ten-dele-worden-toegewezen

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 11 september 2017, IEF 17284; IEFbe 2405; C-554/17 (Société du Journal L’Est Républicain). Auteursrechten. Proceskosten. Via MinBuZa: Verzoekster heeft begin 2012 een persoon gefilmd tijdens een bungeejump vanaf een brug. Het koord is gebroken en de persoon is in het water gestort. De door verzoekster gemaakte film van dit voorval kon worden opgeroepen via de website van verweerder (de Société du Journal L’Est Républicain). Verzoekster heeft betoogd dat op die website ook een stilstaand beeld uit haar film te zien is geweest. Verzoekster heeft betoogd dat de film en het beeld beschermd zijn krachtens het auteursrecht en dat verweerder, door ze openbaar te maken, inbreuk heeft gemaakt op haar uitsluitende recht om over de film en het beeld te beschikken. Verzoekster heeft bij de rechter in eerste aanleg verzocht om verweerder te veroordelen tot betaling van schadevergoedingen en de proceskosten van verzoekster. Verweerder heeft de vordering van verzoekster bestreden en gevorderd dat zij wordt veroordeeld in haar kosten. De rechter in eerste aanleg heeft verzoekster schadeloosstelling toegekend voor een totaalbedrag van €1.101,-. Verzoekster ging hiertegen in hoger beroep en vorderde wederom de door haar in eerste aanleg gemaakte proceskosten. Tot staving van haar hoger beroep heeft verzoekster aangevoerd dat haar vorderingen in eerste aanleg op alle punten zijn toegewezen en dat zij slechts op ondergeschikte punten in het ongelijk is gesteld. Verweerder heeft tegen het hoger beroep verweer gevoerd en daartoe dezelfde argumenten aangevoerd als in eerste aanleg. 

IEF 17283

Label op de coin pocket van een jeans heeft beperkt onderscheidend vermogen

Rechtbank Den Haag 16 nov 2017, IEF 17283; ECLI:NL:RBDHA:2017:13293 (Diesel tegen Calvin Klein), http://www.ie-forum.nl/artikelen/label-op-de-coin-pocket-van-een-jeans-heeft-beperkt-onderscheidend-vermogen
Diesel Calvin Klein Coin Pocket

Rechtbank Den Haag 16 november 2017, IEF 17283; ECLI:NL:RBDHA:2017:13293 (Diesel tegen Calvin Klein). Auteursrecht. Merkenrecht. Diesel maakt onder andere jeans volgens het 5-pocketmodel. Het vijfde zakje, ook wel de coin pocket genoemd, heeft bij Diesel een label in een diagonale richting, waarvoor een Benelux beeldmerk heeft. Verschillende andere fabrikanten, waaronder Calvin Klein (CK), hebben broeken op de markt (gebracht) met een coin pocket met daarop een label. De coin pocket is echter een gebruikelijke plaats voor een decoratie of merkteken. Het onderscheidend vermogen is aldus beperkt en is bij Diesel met name gelegen in de diagonale richting van het label. In het label van CK mist de diagonale richting, dus onvoldoende overeenstemming met het merk van Diesel. Ook auteursrechtelijk gezien zijn de totaalindrukken voldoende verschillend.

IEF 17268

Weggooien van kunstwerk in bruikleen van vergankelijk materiaal levert niet al te veel schadevergoeding meer op

21 jun 2017, IEF 17268; ECLI:NL:RBZWB:2017:556 (Kunstwerk in Motel Brabant), http://www.ie-forum.nl/artikelen/weggooien-van-kunstwerk-in-bruikleen-van-vergankelijk-materiaal-levert-niet-al-te-veel-schadevergoed
hotel brabant

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 21 juni 2017, IEF 17268; ECLI:NL:RBZWB:2017:5561 (Motel Brabant) Persoonlijkheidsrecht. Vernietiging van werk. Contractenrecht. Op verzoek van eiser heeft Motel Brabant vanaf 16 juli 2009 het door hem vervaardigd kunstwerk tentoongesteld in een voor het publiek toegankelijke ruimte; het was een houtskelet waarover papier-maché was aangebracht. In 2012 stond het kunstwerk in een hok, omdat het in de weg stond en weggegooid zou worden. Eiser gaf toen aan dat hij nog zou laten weten of hij het kunstwerk al dan niet op zou komen halen. Toen in 2014 nog geen reactie van hem was, is het kunstwerk weggegooid. Het enkele tijdsverloop is onvoldoende voor Motel Brabant om er gerechtvaardigd op te mogen vertrouwen dat de wil erop was gericht de eigendom van het kunstwerk prijs te geven. In plaats van het gevorderde €37.800, wordt slechts €250 aan schadevergoeding toegewezen.

IEF 17280

Het publiek zal denken dat gedaagde een nevenvestiging is van grote landelijk bekende onderneming

Rechtbank Midden-Nederland 3 nov 2017, IEF 17280; ECLI:NL:RBMNE:2017:5481 (handelsnaam horeca-ondernemingen), http://www.ie-forum.nl/artikelen/het-publiek-zal-denken-dat-gedaagde-een-nevenvestiging-is-van-grote-landelijk-bekende-onderneming

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 3 november 2017, IEF 17280; ECLI:NL:RBMNE:2017:5481 (handelsnaam horeca-ondernemingen) Handelsnaamrecht. Het woord (...) is de Engelse vertaling van (...) welke verwijst naar de oprichters van beide horeca-ondernemingen. Het Engels woord is niet beschrijvend voor de horeca en disco-optredens. De handelsnamen zijn gelijk en het werkgebied overlapt. Ondanks dat eiseres een mega-evenementenorganisatie is en gedaagde slechts een café exploiteert met een feestzaal, is er sprake van gelijke aard van ondernemingen. Het publiek zal denken dat gedaagde een nevenvestiging is van eiseres, en in zoverre de ondernemingen met elkaar verwarren. Staking bevolen.

IEF 17279

Fotograaf stuurt foto's voor privégebruik, dat is geen toestemming voor plaatsing op pagina's van politieke partij

Rechtbank Den Haag 13 nov 2017, IEF 17279; (Fotograaf tegen Vereniging Liberté Egalité Fraternité c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/fotograaf-stuurt-foto-s-voor-priv-gebruik-dat-is-geen-toestemming-voor-plaatsing-op-pagina-s-van-pol
Lef Fotograaf

Ktr. Rechtbank Den Haag 13 november 2017, IEF 17279 (Fotograaf tegen Vereniging Liberté Egalité Fraternité c.s.). Auteursrecht. Fotograaf heeft in opdracht van Stichting Folia Civitatis (Folia) portretfoto's van P. gemaakt, waarvan enkele foto's bedoeld waren om gepubliceerd te worden bij een artikel in Folia. De foto's zijn ook aan P. toegezonden, bestemd voor privé-gebruik. De foto's zijn op de website en facebookpagina van de Vereniging Liberté Egalité Fraternité (LEF) gebruikt zonder naamsvermelding van de fotograaf. Met de toezending van de foto's aan P. heeft de fotograaf geen toestemming gegeven voor verveelvoudiging en openbaar making. Dat P. met Folia een overeenkomst zou hebben voor het vrije gebruik van de foto's uit de Folia kan niet worden tegengeworpen tegen de fotograaf, nu Folia is niet de rechthebbende is. In reconventie vordert P. een vergoeding van de fotograaf voor zijn medewerking aan de portretfoto's. De foto's zijn echter gemaakt in opdracht van Folia, dus dient P. zich te richten tot Folia voor een vergoeding. De fotograaf vordert met succes €2.100 en haakt aan bij de voorwaarden van Vereniging Dutch Photographers. Weliswaar zijn deze niet van toepassing, maar zijn wel een rechtens aanvaardbaar en geaccepteerd uitgangspunt voor schadebegroting.

IEF 17278

Abusievelijke publicatie ritgegevens zorgvervoerder door gemeenten is openbaring bedrijfsgeheimen

Rechtbank Noord-Holland 6 sep 2017, IEF 17278; ECLI:NL:RBNHO:2017:7337 (Zorgvervoercentrale Nederland c.s. tegen Gemeenten), http://www.ie-forum.nl/artikelen/abusievelijke-publicatie-ritgegevens-zorgvervoerder-door-gemeenten-is-openbaring-bedrijfsgeheimen

Rechtbank Noord-Holland 6 september 2017, IEF 17278; IT&R 2411; ECLI:NL:RBNHO:2017:7337 (Zorgvervoercentrale Nederland c.s. tegen Gemeenten). Databankenrecht, geen inbreuk. Privacy. Onrechtmatige daad. Verschillende gemeenten hebben in 2015 via TenderNed een openbare aanbesteding georganiseerd voor zorgvervoer. Zorgvervoercentrale Nederland (ZCN) was de huidige vervoerder. Gemeenten hebben een van ZCN ontvangen Excel-bestand met gegevens over gefactureerde ritten gepubliceerd als bijlage bij de aanbesteding. Vanwege geheime informatie in het bestand heeft ZCN verzocht tot verwijdering, wat 5 dagen na publicatie is gebeurd. Als gevolg van het gebeurde is de aanbesteding ingetrokken. Hoewel de gegevens in het bestand afkomstig zijn uit een databank van ZCN, is er geen sprake is van het opvragen of hergebruiken van een in kwalitatief of kwantitatief opzicht substantieel deel van de inhoud van de databank van ZCN. De gemeenten hebben wel de zorgvuldigheidsnorm overschreden, nu door de publicatie van het bestand geheime bedrijfsinformatie verspreidt is. Het publiceren van de persoonsgegevens zoals die in het bestand stonden, is niet onrechtmatig jegens ZCN. Het is niet ondenkbaar dat ZCN schade heeft geleden, welke bepaald zal worden in een schadestaatprocedure.

IEF 17281

Blijk geven van professioneel gebruik bij toestaan van behangdessin door fotograaf, is geen afstand doen van recht

15 nov 2017, IEF 17281; (Cashman tegen Marc Cain), http://www.ie-forum.nl/artikelen/blijk-geven-van-professioneel-gebruik-bij-toestaan-van-behangdessin-door-fotograaf-is-geen-afstand-d
Cashman Marc Cain behangdessin

Rechtbank Den Haag 15 november 2017, IEF 17281 (Cashman tegen Marc Cain GmbH) Modellenrecht. Auteursrecht. Schadeberekening. Cashman ontwerpt bloemendessins voor papier- en kledingsindustrie, waaronder het behang Dark Floral II. Fotograaf voor de reclamecampagne van Marc Cain heeft behang gekocht en verzocht om een factuur, in reactie daarop is geantwoord dat Cashman uitkijkt naar het gebruik van het behangdessin 'in any of your work'. Op de kaft van de catalogus, op foto's, in de tv-commercial en op Facebook en de website is het dessin terug te zien. Partijen onderhandelen en Marc Cain heeft bij elke afbeelding een link naar de ontwerpster geplaatst. Dat het behangdessin aansluit bij een klassiek motief dat reeds door schilders in de Gouden Eeuw werden gebruikt, leidt niet tot een ander oordeel dat er geen auteursrecht op zou gelden. Uit de mail blijkt dat Cashman rekening hield met gebruik voor professionele doeleinden, maar niet wat de aard en omvang daarvan zou zijn, laat staan dat zij daarmee afstand deed van enig door haar in te roepen recht. Over betaling van vergoeding is geen akkoord bereikt. Van de 207 winkel wereldwijd zijn er 11 winkels (5,3%) in Nederland. Over een bedrag van €35.000 dat gevraagd zou worden voor de gehele reclamecampagne is dat €1.860,00. En wegens het ontbreken van de naamsvermelding gedurende een periode: €650 euro, in totaal €2.510,00.

IEF 17277

Edward Appelman - Portretrecht in de media, wanneer wel of geen toestemming?

Het is een zeldzaam fenomeen, maar het kan voorkomen: voor een artikel in de krant wordt een persoon -meestal met diens toestemming- gefotografeerd, waarna die foto na een jaar opduikt in een andere krant. In veel gevallen zal een freelance fotograaf worden gevraagd een foto te maken van bepaalde personen over wie het artikel gaat. Het biedt immers een duidelijke context en ondersteuning van het artikel. Wat zegt de Auteurswet over het gebruik van dergelijke foto’s na een eerste publicatie en zou de gefotografeerde -lees, geportretteerde- iets kunnen ondernemen tegen de tweede publicatie indien hij voor het meermalig gebruik van zijn foto geen toestemming heeft verleend? Deze vraag deed zich voor naar aanleiding van een onlangs in Trouw verschenen artikel [Adri Vermaat, Een foto uit NRC na een jaar in Trouw. Kan dat eigenlijk wel, 10 november 2017 (online publiek)]. Een -met toestemming verkregen- foto verscheen in eerste instantie op 21 november vorig jaar in een artikel uit de NRC over een reportage bij aardbevingsschade. Er werd een foto gebruikt van het gezin Winter, die in dat artikel centraal stond. Diezelfde foto van het gezin verscheen vervolgens in een onlangs gepubliceerd artikel van Trouw van 18 oktober in een tamelijk andere context. Dat vonden zij vreemd en ze wilden graag weten hoe dit mogelijk was. Reden om deze bijdrage in te gaan op de relevante aspecten uit de Auteurswet en hoe het gebruik van dergelijke foto’s wettelijk gezien geregeld is.

IEF 17275

Gezamenlijk makerschap video's aangezien beide partijen het risico droegen

Rechtbank Noord-Holland 29 mrt 2017, IEF 17275; ECLI:NL:RBNHO:2017:1736 (Zense tegen Leskracht), http://www.ie-forum.nl/artikelen/gezamenlijk-makerschap-video-s-aangezien-beide-partijen-het-risico-droegen

Rechtbank Noord-Holland 29 maart 2017, IEF 17275; ECLI:NL:RBNHO:2017:1736 (Zense tegen Leskracht). Auteursrecht. Vanuit Leskracht zijn de lesmethodes 'Regenboog Wereldkist' en 'Spectrumbox' ontwikkeld voor het basisonderwijs. In deze lesmethodes bevinden zich verschillende video's, gemaakt door Zense naar aanleiding van ideeën van Leskracht. Zense kreeg voor deze werkzaamheden geen honorarium. Uiteindelijk willen partijen uit elkaar. Zense doet o.a. een beroep op auteursrechten om geldelijke tegemoetkoming te zien. De video's gemaakt voor de Spectrumbox zijn in nauwe samenwerking tussen Zense en Leskracht tot stand gebracht. Leskracht kan niet als producent worden gezien, nu zij bijvoorbeeld niet het kapitaal verschafte. De werken worden aangemerkt als gemaakt onder gezamenlijk makerschap. Ook andere werken met betrekking tot de Spectrumbox worden gezien als gemaakt onder gezamenlijk makerschap. Leskracht is gehouden tot een billijke vergoeding voor de overdracht van de rechten en de exploitatie van deze materialen. T.a.v. de Regenboog Wereldkist wordt geoordeeld dat Zense geen auteursrecht toekomt, nu dit werk al tot stand was gekomen voor het contact van Leskracht met Zense. 

IEF 17272

Opvragen bescheiden om rechtspositie te bepalen maakt 'fishing expedition'

Rechtbank Gelderland 25 okt 2017, IEF 17272; ECLI:NL:RBGEL:2017:5704 (De Oude Muntkelder tegen Remalin), http://www.ie-forum.nl/artikelen/opvragen-bescheiden-om-rechtspositie-te-bepalen-maakt-fishing-expedition

Rechtbank Gelderland 25 oktober 2017, IEF 17272; ECLI:NL:RBGEL:2017:5704 (De Oude Muntkelder tegen Remalin). Exhibitie. De stukken waarvan De Oude Muntkelder inzage/afschrift vordert zijn onvoldoende concreet omschreven, waardoor de bescheiden onvoldoende bepaald zijn. Daarnaast heeft De Oude Muntkelder onvoldoende toegelicht dat zij bekend is met de inhoud van de stukken. Ook heeft De Oude Muntkelder blijk gegeven van haar vermoeden dat de gevraagde bescheiden kunnen leiden het vaststellen van haar rechtspositie. Dit is echter niet de bedoeling van de exhibitieplicht.

IEF 17276

Conclusie AG: Een consument verliest niet zijn hoedanigheid na langdurig gebruik van een particulier Facebookaccount om activiteiten te ontplooien

HvJ EU 14 nov 2017, IEF 17276; ECLI:EU:C:2017:863 (Schrems tegen Facebook), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-ag-een-consument-verliest-niet-zijn-hoedanigheid-na-langdurig-gebruik-van-een-particulier

Conclusie AG HvJ EU 14 november 2017, IEF 17276; IEFbe 2403; IT 2410; RB 3032; ECLI:EU:C:2017:863 (Schrems tegen Facebook) vgl. IT 1878 . Voor „socinfluencers”, „prosumers” (professionele consumenten) zijn hun persoonlijke accounts op sociale netwerken een onmisbaar instrument voor hun werk. Een consument verliest niet zijn hoedanigheid indien hij – na langdurig gebruik van een particuliere Facebookaccount om zijn rechten uit te oefenen – boeken publiceert, lezingen houdt (soms ook tegen betaling), websites exploiteert, giften inzamelt om de rechten te kunnen uitoefenen. Bevoegdheid in zaken betreffende consumentenovereenkomsten – Begrip ,consument’ – Sociale media –Facebookaccounts en Facebookpagina’s – Cessie van vorderingen door consumenten die woonplaats hebben in dezelfde lidstaat, in een andere lidstaat en in een derde land – Collectief verhaal.

IEF 17274

Cassatieberoep over afgeven gegevens blogger verworpen

Hoge Raad 10 nov 2017, IEF 17274; ECLI:NL:HR:2017:2844 (Arthur van M. tegen Google), http://www.ie-forum.nl/artikelen/cassatieberoep-over-afgeven-gegevens-blogger-verworpen

HR 10 november 2017, IEF 17274; ECLI:NL:HR:2017:2844 (Arthur van M. tegen Google). Mediarecht. 81 RO. Eiser vordert onder meer verwijdering van een artikel geplaatst op een misdaadblog met de titel "Peter de Vries mag gestolen materiaal niet uitzenden", waarover de kort gedingrechter besloot dat een samenvattend artikel over een openbaar vonnis niet onrechtmatig is. De blog is geplaatst op een website die door middel van “BLOGGER”, een door Google aangeboden dienst, op het internet is aangesloten. Het Hof overwoog eveneens [IEF 16161] dat de publicatie niet onrechtmatig jegens eiser is. Dan is er ook geen reden om Google bevel te geven tot verwijdering van dit artikel of bevel te geven tot het verschaffen van de NAW-gegevens van de blogger. De Hoge Raad acht dat de in het middel aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en volgt de conclusie A-G.

IEF 17271

Politieke organisatie dient rectificatie te plaatsen wegens verwijten jegens radiostation

Rechtbank Den Haag 8 nov 2017, IEF 17271; ECLI:NL:RBDHA:2017:12864 (Feel Good Radio tegen Vereniging Onafhankelijk Rijswijk), http://www.ie-forum.nl/artikelen/politieke-organisatie-dient-rectificatie-te-plaatsen-wegens-verwijten-jegens-radiostation

Vzr. Rechtbank Den Haag 8 november 2017, IEF 17271; IT&R 2406; ECLI:NL:RBDHA:2017:12864 (Feel Good Radio tegen Vereniging Onafhankelijk Rijswijk). Rectificatie. Feel Good Radio produceert radioprogramma’s voor de Stichting Omroep Rijswijk (SOR). De VOR is een politieke organisatie welke verschillende nieuwsberichten op haar website heeft geplaatst met betrekking tot Feel Good Radio. De VOR heeft onrechtmatig gehandeld jegens Feel Good Radio door het publiceren van de berichtgeving, nu deze feitelijke grondslag missen. De VOR zal voorts worden geboden een rectificatie te plaatsen. 

IEF 17270

HvJEU: "normaal gebruik" merk als enkel beeldelement van een samengesteld merk is gebruikt

HvJ EU 11 okt 2017, IEF 17270; ECLI:EU:C:2017:750 (Cactus), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvjeu-normaal-gebruik-merk-als-enkel-beeldelement-van-een-samengesteld-merk-is-gebruikt
cactus

HvJ EU 11 oktober 2017, IEF 17270; IEFbe 2402; ECLI:EU:C:2017:750 (Cactus). Merkenrecht. In 2009 is een Uniemerkaanvraag ingediend voor een beeldmerk met daarin de woorden CACTUS OF PEACE / CACTUS DE LA PAZ. Tegen deze aanvrage is oppositie ingesteld op basis van eerdere woord-/beeldmerken waarin eveneens het woord CACTUS opgenomen is. De oppositie werd gehonoreerd voor de klassen 31 en 44. Na beroep bij het EUIPO en een beslissing van het Gerecht wordt nu om een hogere voorziening bij het Hof van Justitie gevraagd. Ten eerste is het betoog van het EUIPO dat de arresten IP Translator [IEF 11454] en Praktiker Bau- und Heimwerkermärkte [IEF 10516] onjuist zijn gelezen door het Gerecht niet juist. Een merk dat is ingeschreven vóór deze uitspraken, zoals het woordmerk Cactus (ingeschreven op 18 oktober 2002) en het beeldmerk Cactus (ingeschreven op 6 april 2001), kan niet worden aangetast door deze arresten, voor zover deze slechts zien op nieuwe aanvragen tot inschrijving van Uniemerken. Ten tweede is aan de voorwaarde van „normaal gebruik” van de verordening voldaan als enkel het beeldelement van een samengesteld merk is gebruikt, voor zover het onderscheidend vermogen van dat merk zoals ingeschreven niet wordt gewijzigd. Het Gerecht kan niet worden verweten dat het niet is nagegaan in hoeverre het weggelaten deel, namelijk het woordelement „Cactus”, onderscheidend vermogen had en van belang was in de perceptie van het teken in zijn geheel, terwijl het Gerecht het teken zoals gebruikt in zijn gereduceerde vorm correct heeft vergeleken met het teken zoals het is ingeschreven. Het Gerecht mocht zich beperken tot een onderzoek van de gelijkwaardigheid van de betrokken tekens op visueel en conceptueel vlak.