IEF 16266

Inzagevordering ex 843a Rv in UMTS-LTE-octrooiportefeuille in bovengemiddeld complexe procedure afgewez

Rechtbank Oost-Brabant 23 sep 2016, IEF 16266; (Asus tegen Philips), http://www.ie-forum.nl/artikelen/inzagevordering-ex-843a-rv-in-umts-lte-octrooiportefeuille-in-bovengemiddeld-complexe-procedure-afge

Vzr. Rechtbank Oost-Brabant 23 september 2016, IEF 16266 (Asus tegen Philips) Octrooirecht. FRAND. Kosten tolken. Octrooien van Philips zijn SEPs voor de ETSI vastgestelde UMTS-standaard. Asus de door Philips aangeboden licentie niet aanvaard en verzoekt om inzage in UMTS-LTE-octrooiportefeuille ex 843a Rv met het oog op Asus' verweer in drie in Den Haag gevoerde octrooiinbreukprocedures.

Gelet op de verwevenheid van de onderhavige inzagevordering met de stellingen van partijen en de beoordeling daarvan die zal moeten plaatsvinden in de bodemprocedure bij de rechtbank Den Haag, acht de voorzieningenrechter het toewijzen van diezelfde inzagevorderingen in dit kort geding, vooruitlopend op de beoordeling door de bodemrechter, niet opportuun en zelfs ongewenst. De vordering is geen "relatief eenvoudige zaak", maar bovengemiddeld complexe en omvangrijke procedure inzake octrooiinbreuk. Aansluiting IE-indicatie bij maximum van 15.000 euro conform de IE-indicatietarieven en veroordeling in de kosten van de ingeschakelde tolken.

IEF 16265

i-DEPOT vernieuwd

i-depot

En français ci-dessous. Eerder werd het online indienen van opposities ter beschikking gesteld, werd de MyBOIP-omgeving vernieuwd en is het nu ook mogelijk om een modelregistratie online te verlengen. Vandaag wordt een verbeterde versie van het i-DEPOT gelanceerd. Hiermee is het mogelijk om naast merken en modellen, ook i-DEPOTs voor klanten in te dienen. Wist u dat het i-DEPOT bewijs officieel bekrachtigd is in het BVIE, artikel 4.4bis? En, wist u dat het bewijsmiddel (het certificaat) aan de Europese richtlijn inzake de elektronische handtekening voldoet en dus door de rechters in Europa aanvaard wordt?

IEF 16264

Auteursrechtinbreuk door heruitvoering van gemeenschappelijk werk

Rechtbank Amsterdam 21 sep 2016, IEF 16264; ECLI:NL:RBAMS:2016:5983 (auteursrechtinbreuk performancekunstenaars), http://www.ie-forum.nl/artikelen/auteursrechtinbreuk-door-heruitvoering-van-gemeenschappelijk-werk
performance

Rechtbank Amsterdam 21 september 2009, IEF 16264; ECLI:NL:RBAMS:2016:5983 (auteursrechtinbreuk performancekunstenaars) Auteursrecht. Gemeenschappelijk auteursrecht. Twee performancekunstenaars hebben jarenlang, van 1976 tot 1988, gezamenlijke werken gemaakt. In 1999 hebben zij een overeenkomst gesloten over de uitoefening van het gemeenschappelijke auteursrecht. Op grond van de overeenkomst is aan gedaagde het recht verstrekt de gezamenlijke werken te exploiteren, met de verplichting aan eiser een vergoeding te betalen. Over de uitleg van de overeenkomst is een geschil ontstaan. De rechtbank legt de overeenkomst uit aan de hand van de Haviltex-maatstaf, waarbij ook gekeken is naar de wijze waarop partijen in de praktijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven. De heruitvoering van een gemeenschappelijk werk in gewijzigde vorm is onder de overeenkomst niet toegestaan, er is daardoor sprake van auteursrechtinbreuk door gedaagde. De handhaving van een gemeenschappelijk auteursrecht door een deelgenoot jegens de andere deelgenoot is mogelijk. De overeenkomst beperkt het wettelijk toegestaan gebruik van gezamenlijk werk waarbij geen toestemming van de andere deelgenoot nodig is (zoals tentoonstellen en citeren) niet. Publieke uitlatingen van beide kunstenaars over elkaar zijn niet onrechtmatig.

 

IEF 16263

HvJ EU: Vaststelling van verwarringsgevaar voor slechts een deel van de Unie

HvJ EU 22 sep 2016, IEF 16263; ECLI:EU:C:2016:719 (Combit Software GbmH tegen Commit Business Solutions Ltd), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-vaststelling-van-verwarringsgevaar-voor-slechts-een-deel-van-de-unie
combit

HvJ EU 22 september 2016, IEF 16263; IEFBE 1935; ECLI:EU:C:2016:719 (Combit Software GbmH tegen Commit Business Solutions Ltd) Uniemerk. Verwarringsgevaar. In haar hoedanigheid van houdster van de merken combit heeft combit Software een rechtsvordering ingesteld tegen Commit Business Solutions. Primair verzocht zij, op grond van het Uniemerk waarvan zij houdster is, Commit Business Solutions te gelasten het gebruik, in de Unie, van het woordteken „Commit” voor de door haar verkochte computerprogramma’s te staken. Subsidiair heeft zij met een beroep op haar Duitse merk verzocht, diezelfde vennootschap te gelasten om het gebruik van dit woordteken in Duitsland te staken. De rechter geeft in deze zaak antwoord op de vraag of het bestaan van een inbreuk op het Uniemerk moet worden erkend of afgewezen voor de hele Europese Unie indien slechts in een deel verwarringsgevaar bestaat, of dat er in dat geval een onderscheid gemaakt moet worden tussen de verschillende lidstaten. Het HvJ EU stelt dat wanneer gebruik van een teken leidt tot gevaar voor verwarring met een Uniemerk in een deel van het grondgebied van de EU, geoordeeld moet worden dat er sprake is van schending van het aan dit merk verbonden uitsluitende recht en de staking van dit gebruik moet gelasten voor het gehele grondgebied van de Europese Unie, met uitzondering van het deel van dit grondgebied waarvoor het ontbreken van verwarringsgevaar werd vastgesteld.

IEF 16262

Met eigen waar vullen van gele broodkratten van 't Stoepje is merkinbreuk

Rechtbank Midden-Nederland 31 aug 2016, IEF 16262; ECLI:NL:RBMNE:2016:4722 (Market Food Group B.V. tegen De Bakkerie Nijkerk B.V.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/met-eigen-waar-vullen-van-gele-broodkratten-van-t-stoepje-is-merkinbreuk
Bakker

Rechtbank Midden-Nederland 31 augustus 2016, IEF 16262; ECLI:NL:RBMNE:2016:4722 (Market Food Group B.V. tegen De Bakkerie Nijkerk B.V.) Merkenrecht. Woordmerk. Het vullen van de gele broodkratten van Bakkerij 't Stoepje door concurrent De Bakkerie met eigen waar is in strijd met het woordmerk "Bakkerij 't Stoepje". Dit merkrecht is niet uitgeput, omdat de gele kratten geen eigendom zijn van de franchisenemers van Bakkerij 't Stoepje, maar van de franchisegever. In de algemene voorwaarden is het gebruik van de gele broodkratten door de franchisenemers ook beperkt tot het vullen met de waren van Bakkerij 't Stoepje.

IEF 16260

Inzetten van beeldmateriaal niet toegestaan zonder expliciete toestemming

Hof Amsterdam 3 mei 2016, IEF 16260; ECLI:NL:GHAMS:2016:1759 (geen toestemming voor gebruik beeldmateriaal), http://www.ie-forum.nl/artikelen/inzetten-van-beeldmateriaal-niet-toegestaan-zonder-expliciete-toestemming
media

Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016, IEF ; ECLI:NL:GHAMS:2016:1759 (geen toestemming voor gebruik beeldmateriaal) Portretrecht. In deze zaak was de afspraak gemaakt dat een bodyscan, videobeelden, portretfoto en citaten van uitlatingen van de opdrachtgeefster op de website van opdrachtneemster geplaatst mochten worden. Na vijf jaar is de overeenkomst beëindigd en de vraag is ontstaan of de beelden ook op andere media geplaatst mogen worden. Het hof is van oordeel dat, nu partijen zijn overeengekomen dat appellante de “uitdrukkelijke en schriftelijke” toestemming behoefde van geïntimeerde voor het gebruik van de portretfoto en de video-opname anders dan op de website van appellante, het gebruik van de foto en het via andere kanalen inzetten van de video-opname zonder expliciete toestemming van geïntimeerde niet was toegestaan.

 

 

 

IEF 16259

Charlotte Vrendenbarg - Annotatie bij HvJ EU: Forfaitaire tarieven met max. bedragen toelaatbaar, mits deel van de kosten wordt gedragen door de verliezende partij

Annotatie bij HvJ EU 28 juli 2016, ECLI:EU:C:2016:201, C-57/15 (United Video Properties/Telenet) 

DEZE NOOT ZAL VERSCHIJNEN IN IER 2016/5

In de Belgische octrooizaak United Video Properties/Telenet heeft het HvJ EU geoordeeld dat een stelsel van forfaitaire tarieven met maximumbedragen in IE-zaken toelaatbaar kan zijn, mits het waarborgt dat minstens een significant en passend deel van de redelijke kosten van de winnende partij wordt gedragen door de verliezende partij. Daarmee is het Belgische stelsel van rechtsplegingsvergoeding op losse schroeven komen te staan. De rechtspraak van het HvJ EU biedt voorts belangrijke aanknopingspunten voor een meer rechtszekere en voorspelbare toepassing van de Indicatietarieven.

 

IEF 16261

Geen inbreuk: onvoldoende aannemelijk dat gebruik is gemaakt van auteursrechtelijk beschermde trekken van levensverhaal in VPRO-serie

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 sep 2016, IEF 16261; ECLI:NL:GHARL:2016:7612 (Moszkowicz tegen Dutch Mountain Film en VPRO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-inbreuk-onvoldoende-aannemelijk-dat-gebruik-is-gemaakt-van-auteursrechtelijk-beschermde-trekken

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 september 2016, IEF 16261; ECLI:NL:GHARL:2016:7612 (Moszkowicz - RAAF-VPRO) Eiser heeft beslag laten leggen op alle scenarioversies van de serie ‘De Maatschap’, omdat er volgens hem inbreuk gemaakt is op het auteursrecht van zijn autobiografie ‘De Straatvechter.’ Zie eerder IEF 15979 en IEF 16041. In hoger beroep stelt het hof, aansluitend op het oordeel van de rechtbank, dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat er een inbreuk is gemaakt op het auteursrecht en er is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat schrijvers van de op zijn familie geïnspireerde televisieserie gebruikt hebben gemaakt van auteursrechtelijk beschermde trekken van zijn levensverhaal. Eiser krijgt dan ook geen inzage in het script.

IEF 16258

Uitnodiging VvA 14 oktober 2016

, IEF 16258; http://www.ie-forum.nl/artikelen/uitnodiging-vva-14-oktober-2016
VvA

VvA vergadering 14 oktober 2016

Recente ontwikkelingen: Sanoma/GS Media en het Value Gap voorstel 

Op 8 september 2016 deed het Hof van Justitie uitspraak in Sanoma v. GS Media. Hyperlinken naar een werk dat zonder toestemming ter beschikking is gesteld, kan aldus het Hof een mededeling aan het publiek zijn als de linkende partij kennis heeft of redelijkerwijs kan hebben van het illegale karakter. Bij hyperlinks die worden geplaatst met winstoogmerk wordt kennis vermoed. 

Op 14 september 2016 publiceerde de Europese Commissie haar voorstel voor een ontwerprichtlijn over auteursrecht in de digitale eengemaakte markt. Artikel 13 (door de EC aangeduid als het Value Gap voorstel) bepaalt dat diensten voor opslag en toegang tot werken die door gebruikers worden geupload, geëigende en proportionele maatregelen moeten nemen om te zorgen dat overeenkomsten met rechthebbenden goed functioneren of om te voorkomen dat werken die door rechthebbenden door middel van samenwerking met de dienstverleners zijn geïdentificeerd, beschikbaar komen. Overweging 38 beoogt daarnaast meer duidelijkheid te scheppen over de verhouding tussen het auteursrecht en de hosting exceptie van artikel 14 van de E-Commerce richtlijn. 

Wat betekenen deze ontwikkelingen voor Internet gebruikers, social media platforms, P2P netwerken, file sharing services, ISP’s, auteurs en uitgevers? Hoe verhoudt de uitspraak van het Hof zich tot de internationale auteursrechtverdragen? 

Lees verder voor de locatie en dagindeling

IEF 16257

Beroep m.b.t. beeldmerk van '3D' en '3D's' afgewezen

Gerecht EU (voorheen GvEA) 13 sep 2016, IEF 16257; ECLI:EU:T:2016:463 (Perfetti Van Melle Benelux BV - EUIPO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/beroep-m-b-t-beeldmerk-van-3d-en-3d-s-afgewezen
beeldmerk 3d

Gerecht EU 13 september 2016, IEF 16257; IEFBE 1933; ECLI:EU:T:2016:463 (Perfetti Van Melle Benelux BV - EUIPO) Merkenrecht. Afwijzing van het beroep omtrent beeldmerk voor graanproducten met woordelement 3D. Het ging om een beroep door de aanvrager van het beeldmerk met het woordelement “3D” voor waren in klasse 30 tegen de toegewezen oppositie door de houder van het beeldmerk met het woordelement “3D’s” ook ingeschreven voor waren in klasse 30. Het beroep wordt afgewezen en het gaat in deze zaak om verwarringsgevaar. De waren stemmen volgens het GEU minder dan gemiddeld overeen. De snacks hebben niet hetzelfde doel en niet dezelfde productiewijze. Verder is er geen spraken van concurrentie. Beide elementen bevatten ‘3D’ en stemmen daarom visueel overeen. Daarnaast stemmen de merken ook fonetisch overeen, ondanks de kleine verschillen. Verder staan beide merken voor driedimensionaliteit.

IEF 16256

Vraag aan HvJ EU: Impliceert de exceptie van onbevoegdheid van de nationale rechter een aanvaarding van de rechtsonbevoegdheid?

HvJ EU 5 apr 2016, IEF 16256; C-433/16 (Bayerische Motoren Werke), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vraag-aan-hvj-eu-impliceert-de-exceptie-van-onbevoegdheid-van-de-nationale-rechter-een-aanvaarding-v
BMW

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ 5 april 2016, C-433/16; IEF 16256; IEFbe 1932 (Bayerische Motoren Werke) Octrooirecht. Gemeenschapsmodel. Inbreuk. Acacia heeft verzoekster gedagvaard ter verkrijging van een uitspraak tot vaststelling van niet-inbreuk op gemeenschapsmodellen van allooivelgen voor autobanden, in eigendom of onder octrooi van verzoekster. Zij vordert dat vragen aan het HvJEU worden gesteld voor wat betreft de bevoegdheid van de ITA rechter. Verzoekster heeft (onder meer) de onbevoegdheid van de ITA rechter als exceptie opgeworpen, die beide de DUI rechtbanken als bevoegd aanwijzen. Voor wat betreft het verwijt van misbruik van machtspositie stelt zij dat ‘de plaats waar het schadebrengende feit zich heeft voorgedaan’ niet dezelfde is en niet dezelfde kan zijn als die waar de uiteindelijke economische schade aan het vermogen van de beweerde schadelijder zich heeft voorgedaan, aangezien aldus het forum van artikel 5, lid 3, van de Vo. Brussel I zou samenvallen met het forum actoris, hetgeen in strijd is met het algemeen criterium van de woonplaats van verweerder. Zij wijst op het feit dat verweerster geen enkele vordering tot schadevergoeding tegen haar heeft ingediend zodat de plaats van de schade zich niet in ITA kan bevinden. 

IEF 16255

Kirian Claeyé - Rechtsplegingsvergoeding in IE-zaken : gaat het dak eraf?

, IEF 16255; http://www.ie-forum.nl/artikelen/kirian-claey-rechtsplegingsvergoeding-in-ie-zaken-gaat-het-dak-eraf
Altius

Deze bijdrage licht de gevolgen toe van een spraakmakend arrest van het Hof van Justitie over de Belgische rechtsplegingsvergoeding (“RPV”). Volgens het Hof is dergelijk forfaitair stelsel met maximumbedragen in IE-zaken alleen toelaatbaar als het waarborgt dat de verliezende partij “minstens een significant en passend deel van de redelijke kosten” van de winnende partij draagt. De bijdrage diept een eerdere publicatie in samenwerking met DE JAEGER in De Juristenkrant van 16 september 2016 (nr. 333, pp. 1 en 3) verder uit, en sluit aan bij de waarschuwing van VISSER op (de Nederlandse tegenhanger van) dit forum.

De conclusie van deze bijdrage luidt dat (i) het Belgisch RPV-stelsel die waarborg niet biedt, (ii) de Belgische wetgever dit stelsel nu dient aan te passen zonder dat de slinger doorslaat in de andere richting, en (iii) de gevorderde kosten boven de maximale RPV in de tussentijd alleen kunnen worden bekomen van de overheid op grond van haar overheidsaansprakelijkheid.

IEF 16254

Auteursrechtdebat: Rita Zipora - Voorstel Europese Commissie over hervormingen in het auteursrecht: erg algemeen en te vrijblijvend

, IEF 16254; http://www.ie-forum.nl/artikelen/auteursrechtdebat-rita-zipora-voorstel-europese-commissie-over-hervormingen-in-het-auteursrecht-erg
Rita Zipora

Door Rita Zipora, CvAPop (afgeronde Master) zangeres/moderator/presentator

Afgelopen zomer was ik te gast op het IE Zomer Forum in Amsterdam. Ik ben muzikant en songwriter, en heb daarnaast mijn masterstudie aan het Conservatorium van Amsterdam afgerond met een scriptie over auteursrecht in het digitale domein. 
Op het forum discussieerden we onder andere over de Transfer of Value: de waarde die content zoals muziek en film oplevert komt niet terecht bij de makers en rechthebbenden, maar bij de platforms waar die content wordt geüpload door gebruikers. In het gevecht om deze waarde staan de groepen lijnrecht tegenover elkaar. Aan de ene kant de makers en rechthebbenden die proberen – soms met enige moeite – één lijn te vormen, vertegenwoordigt door hun CBO. Aan de andere kant de tech-bedrijven die, in sommige gevallen een revolutionaire dienst hebben opgezet, maar vooral ook een lucratieve business zijn begonnen (wat hun goed recht is, natuurlijk..)  

IEF 16253

Inbreuk bij handel in namaakproducten

Rechtbank Den Haag 19 sep 2016, IEF 16253; (Tommy Hilfiger en Calvin Klein tegen Soob Management), http://www.ie-forum.nl/artikelen/inbreuk-bij-handel-in-namaakproducten
TH Calvin Klein

Vzr. Rechtbank Den Haag 19 september 2016, IEF 16253; (Tommy Hilfiger en Calvin Klein tegen Soob Management) Merkenrecht. D.m.v. een onderzoek naar namaakproducten en testaankopen blijkt dat Soob Management handel drijft in namaakproducten. Ook uit de inkoopfacturen volgt dat Soob Management op zeer grote schaal handel drijft. Ook worden er n.a.v. een inspectie foto’s ontvangen van de namaak goederen bij Soob Management. Door zonder toestemming van eiseressen goederen en verpakkingen waarop de merken van eiseressen zijn aangebracht in de EER in handel te brengen, daartoe in voorraad te hebben, te verkopen en uit te leveren, wordt inbreuk gepleegd op de merkrechten van eiseressen zoals bedoeld in art. 9 lid 2 sub a Uniemerkenverordening en art. 2.20 lid 1 sub a BVIE. Eiseressen vorderen terecht een gebod op staking van de verdere inbreuk, versterkt met een dwangsom.

IEF 16251

Facebook NL ten onrechte aangesproken voor afgifte gegevens Instagram account

Rechtbanken 31 aug 2016, IEF 16251; (Facebook tegen X), http://www.ie-forum.nl/artikelen/facebook-nl-ten-onrechte-aangesproken-voor-afgifte-gegevens-instagram-account
Facebook

Rechtbank Noord-Holland 31 augustus 2016, IEF 16251; IT 2136; (Facebook tegen X) Privacy. Media. X heeft als wettelijk vertegenwoordiger van haar dochter op 16 december 2015 gevorderd dat Facebook alle bekende gegevens van het Instagram account ‘Jaatogg’ zal verstrekken, ten aanzien van het aanmaken, gebruik en het verwijderen van het account. Dochter van X is namelijk slachtoffer geworden van digitaal pesten: onder het account ‘Jaatogg’ werden door een onbekende pornografisch/seksueel getinte foto’s geplaatst die suggereerde dat dit om de dochter van X ging.
De rechtbank stelt voorop dat een een rechtsplicht tot het verstrekken van gegevens over de naam en het adres van de websitehouder, zoals in deze zaak bij dagvaarding van 16 december 2015 gevorderd, voor een provider kan bestaan als aannemelijk is dat anoniem, althans door een door benadeelde niet te traceren persoon, onrechtmatige uitingen via deze provider openbaar zijn gemaakt en de benadeelde alleen door tussenkomst van de provider, door middel van het verstrekken van deze gegevens, dergelijk onrechtmatige handelen zou kunnen bestrijden. Echter, Facebook stelt geen toegang te hebben en niet te beschikken over de gevorderde gegevens, waarna de rechtbank oordeelt dat Facebook onterecht is aangesproken op de afgifte hiervan.

IEF 16250

Winst voor de merkhouder in zaak over 'Portobello Road Gin'

EUIPO - OHIM 15 jun 2016, IEF 16250; Case R 1105/2015-4 (Portobello Road Gin), http://www.ie-forum.nl/artikelen/winst-voor-de-merkhouder-in-zaak-over-portobello-road-gin
PORTOBELLO ROAD GIN

EUIPO 15 juni 2016 IEF 16250; IEFBE 1929; Case R 1105/2015-4 (Portobello Road Gin) Merkenrecht. Geografische aanduiding. De Federatie van Porto producenten, houder van oorsprongsbenaming PORTO, heeft oppositie ingesteld tegen de CTM-aanvrage voor 'PORTOBELLO ROAD GIN' door Walker Morris. Het OHIM heeft eerder (op 17 april 2015) de oppositie toegewezen gezien de visuele, conceptuele en auditieve overeenkomsten. In het bezwaarschrift wordt door Instituto dos Vinhos do Douro e do Porto ingegaan op artikel 8 ( 4) EUTMR.

De oppositie was gebaseerd op de benaming van oorsprong beschermd in Portugal voor het teken ' PORTO / PORT’, geclaimd in de handel te worden gebruikt voor ‘versterkte wijn’. De aanvrager beschuldigde de oppositieafdeling van een ongegronde vergelijking van conflicterende tekens. Eigenlijk is het omstreden teken een samengesteld merk met verschillende verbale elementen, voornamelijk ‘Portobello Road’, ‘LONDON DRY GIN’, en ‘gedistilleerd en gebotteld in Engeland.’ Dit geldt ook voor de figuratieve elementen, waaronder een rode leeuw, de nationale vlag van het Verenigd Koninkrijk. Dit leidt tot visuele en auditieve verschillen. Het publiek zou niet afgesplitst van de term 'PORTO' worden. De aanvrager verwierp ook dat 'gin’ als product te vergelijken is met ‘wijn.’ De merkhouder wordt in het gelijk gesteld.

IEF 16249

HvJ EU: Exploitant die gratis toegang verschaft is niet aansprakelijk voor auteursrechtinbreuken die door gebruiker worden gepleegd

HvJ EU 15 sep 2016, IEF 16249; ECLI:EU:C:2016:689 (Tobias Mc Fadden tegen Sony Music Entertainment), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-exploitant-die-gratis-toegang-verschaft-is-niet-aansprakelijk-voor-auteursrechtinbreuken-die
CVRIA

HvJ EU 15 september 2016 IEF 16249; IEFBE 1928; IT 2135; ECLI:EU:C:2016:689 (Tobias Mc Fadden tegen Sony Music Entertainment) Netwerk beveiliging. Vrij verkeer van diensten. Tobias Mc Fadden is de bedrijfsleider van een bedrijf in licht- en geluidstechniek, waar hij het publiek gratis toegang verschaft tot een wifinetwerk om de aandacht van potentiële klanten op zijn waren en diensten te vestigen. In 2010 is een muziekwerk waar Sony de auteursrechten van bezit via dit netwerk illegaal voor het downloaden aan het publiek aangeboden. Het Landgericht München I, waarbij het geding tussen Sony en Mc Fadden aanhangig is, is van oordeel dat de laatstgenoemde niet zelf inbreuk op de betrokken auteursrechten heeft gepleegd. Het verklaart echter te overwegen Mc Fadden voor die inbreuk indirect aansprakelijk te houden omdat zijn wifinetwerk niet beveiligd was. Het Landgericht twijfelt echter over de vraag of de richtlijn inzake elektronische handel zich tegen een dergelijke indirecte aansprakelijkheid verzet en heeft het Hof een aantal vragen voorgelegd.

IEF 16247

Geen oudere handelsnaam maar locatie aanduiding

Rechtbanken 14 sep 2016, IEF 16247; (De Hof van Heden tegen Koelemeijer Hoverniers), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-oudere-handelsnaam-maar-locatie-aanduiding
tuin

Rechtbank Amsterdam 14 september 2016, IEF 16247; (De Hof van Heden tegen Koelemeijer Hoverniers) Handelsnaam. Partijen claimen allebei het recht op het gebruik van de benaming ‘Hof van Heden’ te hebben. Volgens De Hof van Heden heeft Koelemeijer Hoveniers de benaming van Hof van Heden in het verleden nooit als handelsnaam gevoerd, maar uitsluitend als benaming voor de locatie waar zij tot voort kort gevestigd was. Volgens de voorzieningenrechter kan een handelsnaam in het handelsverkeer gebruikt worden, indien die naam wordt gebruikt ter aanduiding van de onderneming. Koelemeijer Hoveniers heeft niet in voldoende mate de naam ‘Hof van Heden’ gebruikt om deze als handelsnaam te voeren. De naam duidde meer op de locatie van het hoveniersbedrijf.