IEF 17088

Opgave doen van gehouden evenementen en betaling conform BUMA-Tarief

Rechtbank Den Haag 30 augustus 2017, IEF 17088; ECLI:NL:RBDHA:2017:9992 (Vereniging BUMA tegen Grupo Esdras) Auteursrecht. Tarieven Buma. De rechtbank verleent verstek. Verbiedt gedaagde om zonder toestemming van eiseres evenementen te houden waarbij enig muziekwerk behorende tot het door eiseres beheerde repertoire ten gehore wordt gebracht en bepaalt dat gedaagde na betekening van dit vonnis aan eiseres een dwangsom verbeurt van € 5.000,- per overtreding van dit verbod, met een maximum van € 100.000,-. Gedaagde moet schriftelijk opgave doen van de door hem gehouden evenementen waarbij werken uit het Buma-repertoire openbaar heeft gemaakt; de namen van de artiesten en de behaalde recettes en betaalde gages. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de verschuldigde vergoeding conform Algemeen Tarief Muziekgebruik 2017 binnen 7 dagen na opgave.

2.3. Over de in de dagvaarding onder 3 van het petitum gevorderde opgave overweegt de rechtbank als volgt. Eiseres is al bekend met de evenementen van 22 april en 16 juni 2017 genoemd in punt 4 en 9 in het lichaam van de dagvaarding, zodat bij de gevorderde opgave van die evenementen als zodanig (eerste bullit), geen belang bestaat. De formulering in het dictum zal daarop worden aangepast. De rechtbank zal de aanvang van de periode waarover opgave moet worden gedaan, bij gebreke van aanwijzingen dat voordien al sprake is geweest van niet door gedaagde gemelde evenementen, bepalen op 22 april 2017. Eiseres heeft verder gevorderd dat de onder 3 bedoelde opgave wordt door een registeraccountant wordt ‘gecertificeerd’. Zij bedoelt daarmee kennelijk dat de registeraccountant een vorm van garantie of assurance geeft ten aanzien van de juistheid van de opgave, maar het is de rechtbank ambtshalve bekend dat toewijzing van een daarop gerichte vordering tot executieproblemen kan leiden, aangezien een registeraccountant volgens de toepasselijke gedragsregels niet (zonder meer) conclusies kan trekken die over de juistheid van de opgave zekerheid geven.1 Daarom en omdat dit deel van de vordering ook verder niet is toegelicht, zal de rechtbank dit deel van de vordering afwijzen. De vordering zal voor het overige worden toegewezen op de wijze als in het dictum vermeld.

2.4. De in de dagvaarding onder 4 van het petitum gevorderde vergoeding conform het door eisers gehanteerde Algemeen Tarief Muziekgebruik 2017, heeft mede betrekking op de evenementen van 22 april 2017 en 16 juni 2017. Eiseres heeft niets gesteld waaruit volgt dat gedaagde terzake van die twee evenementen, de in de dagvaarding onder 4 en onder 2 van het petitum gevorderde vergoedingen naast elkaar verschuldigd is. Hetgeen gedaagde voldoet of heeft voldaan op het gevorderde onder 2 dient daarom in mindering te strekken op de onder 4 gevorderde vergoeding. De vordering zal aldus worden toegewezen.