IEF 15572

De weergave van dit artikel is misschien niet optimaal, omdat deze is overgenomen uit onze oudere databank.

Eigen inschatting maken of Twin Deck 2.0 inbreuk maakt

Vzr. Rechtbank Overijssel 24 december 2015, IEF 15572; ECLI:NL:RBOVE:2015:5707 (Van den Heuvel tegen Altrex)
Uitspraak ingezonden door Wouter Pors, Bird & Bird en Lars Bakers, Bingh Advocaten. Executie. Auteursrechten. Zie eerder voorzieningenrechter Den Haag [IEF 15432, IEF 12717]  Rechtspraak.nl: Eiseres wenst een nieuwe trap op de markt te brengen. Toewijzing van de gevorderde matiging van (beweerdelijk verbeurde) dwangsommen en het gevorderde verbod het verbeuren van dwangsommen te laten aanzeggen, stuit af op de omstandigheid dat niet kan worden uitgesloten dat de bodemrechter - later oordelend - de vraag of met de Twin Deck en/of de Twin Deck 2.0 inbreuk wordt gemaakt op het auteursrecht van gedaagde, bevestigend beantwoordt, terwijl in ieder geval geen executie dreigt tot dit oordeel door de bodemrechter is gegeven. Dat dit betekent dat eiseres zolang in het ongewisse blijft over de vraag of en zo ja, voor welk bedrag, dwangsommen zijn verbeurd doet aan het voorgaande niet af.

Dit geldt ook voor de omstandigheid dat eiseres de Twin Deck 2.0 - of welke andere huishoudtrap dan ook - niet zonder risico op de markt kan brengen tot in de bodemprocedure een definitief oordeel is gegeven over de vraag of daarmee inbreuk wordt gemaakt op de auteursrechten van gedaagde. Een en ander is het gevolg van het door partijen bekrachtigde vonnis van 31 mei 2013 [IEF 12717], althans van de omstandigheden die tot dit vonnis hebben geleid. Het ligt op de weg van eiseres een eigen inschatting te maken van het antwoord op de vraag of de Twin Deck 2.0 een inbreukmakend artikel zou zijn en of het daarmee verantwoord is het product in de markt te zetten. Voor een verschuiving van het risico van een mogelijk verkeerde inschatting richting gedaagde is geen plaats.

4.3. Het vorenstaande kan echter niet leiden tot toewijzing van de vorderingen. De voorzieningenrechter overweegt in dat kader dat Altrex ondubbelzinnig heeft toegezegd niet tot executie over te gaan van de volgens Altrex verbeurde dwangsommen zolang nog niet in de bodemprocedure is beslist over de vraag of de Twin Deck en Twin Deck 2.0 inbreuk maken op de auteursrechten van Altrex. Dat Altrex deze toezegging mogelijk niet gestand zal doen is gesteld noch gebleken. Van den Heuvel heeft, ondanks de toezegging van Altrex de aangezegde dwangsommen niet te executeren, de kort geding procedure voortgezet omdat zij voornemens is de Twin Deck 2.0 op de markt te brengen, doch hier niet toe wil overgaan zonder een voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter over de reikwijdte van het bij vonnis van 31 mei 2013 opgelegde verbod.

4.6. Toewijzing van beide vorderingen stuit af op de omstandigheid dat niet kan worden uitgesloten dat de bodemrechter - later oordelend - de vraag of met de Twin Deck en/of de Twin Deck 2.0 inbreuk wordt gemaakt op het auteursrecht van Altrex, bevestigend. beantwoordt, terwijl in ieder geval geen executie dreigt tot dit oordeel door de bodemrechter is gegeven. Dat dit betekent dat Van den Heuvel zolang in het ongewisse blijft over de vraag of en zo ja, voor welk bedrag, dwangsommen zijn verbeurd doet aan het voorgaande niet af. Dit geldt ook voor de omstandigheid dat Van Den Heuvel de Twin Deck 2.0 - of welke andere huishoudtrap dan ook - niet zonder risico op de markt kan brengen tot in de bodemprocedure een definitief oordeel is gegeven over de vraag of daarmee inbreuk wordt gemaakt op de auteursrechten van Altrex. Een en ander is het gevolg van het door partijen bekrachtigde vonnis van 31 mei 2013, althans van de omstandigheden die tot dit vonnis hebben geleid. Het ligt op de weg van Van den Heuvel een eigen inschatting te maken van het antwoord op de vraag of de Twin Deck 2.0 een inbreukmakend artikel zou zijn en of het daarmee verantwoord is het product in de markt te zetten. Voor een verschuiving van het risico van een mogelijk verkeerde inschatting richting Altrex is geen plaats.